‘De EU ontwikkelt zich juist dankzij crises’

Polen in oktober 1989 in de rij voor brood.
Door onze correspondent Stéphane Alonso

Warschau, 21 maart. In 1989 vreesde dissident Adam Michnik voor een burgeroorlog. Nu is Polen lid van de NAVO en de EU. „We hebben gewonnen, onze doelen zijn bereikt.

Voordat het interview begint, haalt Adam Michnik (62) een grote slof sigaretten tevoorschijn. Alsof hij een statement wil maken. In 2004 werd de Poolse intellectueel geveld door een longziekte. Hij droeg de directe leiding van zijn geesteskind, de invloedrijke krant Gazeta Wyborcza, over aan collega’s. Een lange radiostilte volgde, door menigeen werd Michnik al begraven. Maar hij is terug, inclusief sigaretten.

Net op tijd, want dit jaar moet er gefeest worden: twintig jaar geleden viel in Midden-Europa het communisme. Eerst in Polen, waar in juni 1989 semivrije verkiezingen werden gehouden, na een rondetafelconferentie met communisten en dissidenten, onder wie Michnik.

Gazeta Wyborcza, letterlijk de Verkiezingskrant, werd een maand voor die historische verkiezingen opgericht. Voor Michnik, die onder het communisme in totaal zeven jaar in de cel zat, is het dus tweemaal feest. Maar spelbrekers liggen op de loer.

De economische crisis raakt het voormalige Oostblok hard. De vrije markt blijkt een mes dat aan twee kanten snijdt. Met Polen gaat het betrekkelijk goed, de economie groeit dit jaar mogelijk nog, maar de crisis lurkt. Michniks eigen krant zit midden in een bezuinigingsgolf, met al zo’n vijftig gedwongen ontslagen.

En er is nog een crisis: die van de herinnering. De helden van weleer liggen steeds vaker op de pijnbank van jonge, ambitieuze historici, die zich het communisme nauwelijks kunnen herinneren, maar hard oordelen. Lech Walesa, ex-leider van de legendarische vakbond Solidariteit, werd vorig jaar zelfs beschuldigd van collaboratie. Ten onrechte bleek later.

Ook over de historische rondetafelconferentie zijn de meningen sterk verdeeld. Wat Michnik betreft was het een groot succes, een revolutie zonder revolutie, een breuk met de altijd bloederige Poolse geschiedenis. Maar volgens rechtse politici en populisten hebben de dissidenten zich destijds in de luren laten leggen door de communisten, die daarna gewoon weer sleutelposities zouden hebben ingenomen.

Polen viert feest, maar de hapjes zijn bedorven. In zijn met boeken betegelde werkkamer haalt Michnik een sigaret tevoorschijn. Hij lacht meewarig en zegt: „Ik heb ergere dingen meegemaakt.”

Verpest de economische crisis het feestje niet?

„Nee. Het compliceert het wel. Na de val van het communisme verscheen het beroemde boek van Francis Fukuyama, over het einde van de geschiedenis. Hij schreef dat de geschiedenis gewoon verder gaat, met regressies, oorlogen, enzovoort, maar dat het liberalisme zich nu toch wel heeft bewezen. Maar de crisis zet vraagtekens bij de dogma’s van de vrije markt.”

Zijn de Polen na twintig jaar teleurgesteld in die vrije markt?

„Er is altijd al veel teleurstelling geweest. Voor de samenleving als geheel was de vrije markt goed, maar voor bepaalde groepen was het moeilijk. Voor laagopgeleide Polen die op staatsboerderijen werkten, was het zelfs een regelrechte catastrofe. Zij konden nergens anders terecht. Maar ik denk niet dat we de vrije markt nu de rug aan het toekeren zijn. Mensen zijn ongerust, maar niemand heeft een beter plan. Banken nationaliseren? Dat hebben wij al eens geprobeerd, onder het communisme, en we weten hoe dat is afgelopen. De Amerikanen en Duitsers smijten met miljarden, maar werkt dat ook echt?”

De Hongaarse premier Ferenc Gyurcsány waarschuwt voor het ontstaan van een economisch IJzeren Gordijn, een nieuwe scheiding in Europa tussen oost en west….

„Gyurcsány vertelt fabeltjes. Hij zegt dit, maar hij zegt niets over het fatale beleid van Hongarije. De politiek daar is al jaren onverantwoord en populistisch, de crisis heeft dat genadeloos aan het licht gebracht. Natuurlijk moeten de Hongaren geholpen worden, maar er is geen IJzeren Gordijn.”

U bent niet bang dat de EU uiteenvalt door gebrek aan solidariteit?

„Dat gevaar is er altijd geweest, al sinds het ontstaan van de Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal. De EU is een unieke, specifieke constructie, die nergens anders mee te vergelijken valt. Een constructie die zich juist ontwikkelt dankzij crises. Natuurlijk kan die uit elkaar vallen, maar dat zal niet gebeuren. De EU biedt te veel voordelen, voor iedereen.”

Toen Gazeta Wyborcza werd opgericht was het een grote familie, een vriendenclub. Nu vallen er ontslagen. Is het een normale krant geworden?

„Zolang ik leef zal dat niet gebeuren, maar ooit zal het een normale krant moeten worden. Nieuwe generaties kijken anders tegen de wereld aan. Wij stelden andere vragen, hadden te maken met andere bedreigingen.”

Heeft u heimwee naar die tijd?

„Natuurlijk! Ik was jong en knap, de meisjes vochten om me. Dat is voorbij. Nu ben ik alleen nog maar knap. En ik ben steeds meer een Britse koningin: ik sta aan het hoofd, maar ik regeer niet.”

Heeft u achteraf het gevoel dat er fouten zijn gemaakt aan de ronde tafel?

„Nee, het is gegaan zoals het moest gaan. De Communistische Partij was destijds geen doodgewone oppositiepartij, onze tegenstander was het totalitarisme. Dat wordt wel eens vergeten. Terugkijkend op de laatste twintig jaar ben ik positief. Ik dacht dat het erger zou worden. Ik was bang dat Polen de geboden kansen niet zou benutten, ik hield zelfs rekening met ‘balkanisering’, met een burgeroorlog. Polen is niet alleen lid van de EU en de NAVO, maar heeft voor het eerst geen grote conflicten met buurlanden. Dat is heel bijzonder. Natuurlijk is onze democratische traditie kort en zwak, maar wie wil leren zwemmen, moet het water in.”

U bent in de regio een van de weinige oud-dissidenten die na twintig jaar nog een rol van betekenis speelt in het publieke debat. Hebben de dissidenten na 1989 niet toch een beetje verloren?

„Nee, absoluut niet, we hebben gewonnen. Al onze doelen zijn bereikt, veel dissidenten zijn ministers en presidenten geworden. Dat ze nu naar de achtergrond zijn verdwenen, komt door ouderdom, we zijn alweer twintig jaar verder.”

Oud-president Walesa wordt nu door het slijk gehaald…

„Helaas is niets heilig meer. Ik verdedig hem, omdat de beschuldigingen tegen hem onrechtvaardig zijn. Maar Walesa is medeverantwoordelijk voor dit klimaat van vuilspuiterij en verdachtmakingen. Hij is als president [1990-1995, red.] zelf begonnen met een oorlog naar boven, met brutale aanvallen op voormalige strijdmakkers. Dat keert zich nu tegen hem.”

Gepubliceerd in:
Europa