Het zusje van Katia
Wat wil je later worden, vraagt de leraar aan het meisje in de klas. ,,Nou gewoon, het zusje van Katia”, luidt haar raadselachtige antwoord. Raadselachtig, omdat ze immers al het zusje van Katia is, maar kennelijk twijfelt ze aan haar band met haar grote zus waar ze erg tegenop kijkt.
Later worden we een echt gezin, is de droom van dit meisje. Het gezin van de hoofdpersoon van Het zusje van Katia, de nieuwe film van Mijke de Jong, laat dan ook veel te wensen over. Het dertienjarige meisje (Betty Qizmolli) woont in Amsterdam-Noord met haar Russische moeder die haar geld verdient als prostituee (Olga Louzgina) en haar vier jaar oudere zus Katia (Julia Seijkens), die aanvankelijk nog op de markt werkt, maar meer kan verdienen als stripper.
Bekijk de trailer van Het zusje van Katia:
Haar zus en haar moeder hebben harde aanvaringen. ,,Ik ben tenminste niet zo’n hoer als jij”, bijt Katia haar moeder toe. ,,Jammer, als we allebei werkten zouden we meer geld hebben”, riposteert mama.
Het jongere zusje probeert de conflicten te dempen door als enige in het gezin iedereen voortdurend te hulp te schieten. Als ook dat niet meer helpt, klampt ze zich vast aan haar kinderwereld. Ze begint te tekenen en te kleuren. Maar ze wordt onherroepelijk haar kinderwereld uitgeduwd, zowel door haar overgangsleeftijd als door de rauwe omgeving. Misschien heeft de straatpredikant John, die ze ontmoet op het plein voor het Centraal Station, een oplossing.
Pas in de laatste scène krijgt het meisje een eigen naam, is ze niet langer meer uitsluitend het zusje van Katia. Tot dat allerlaatste moment heeft ze nog geen vastomlijnde, eigen identiteit. Ze zuigt alles wat in haar omgeving gebeurt gretig in zich op. De Jong neemt de tijd om te laten zien hoe aandachtig en geconcentreerd het meisje de mensen om haar heen observeert, en ook probeert na te doen.
Het drama blijft verborgen onder de documentaire, quasi-alledaagse filmstijl van De Jong. Het zusje van Katia is minder experimenteel dan haar vorige film, het relatiedrama Tussenstand, waarmee ze vorig jaar op het Nederlands Filmfestival drie Gouden Kalveren won en de prijs van de Nederlandse filmkritiek. Die film viel onder meer op door het bijzondere geluid, waarin hoofd- en bijgeluiden soms nauwelijks waren te onderscheiden. Het zusje van Katia is eenvoudiger en directer, maar ook een subtielere film dan deze voorganger. In Tussenstand was de mannelijke hoofdpersoon een nogal moralistische karikatuur van een volgevreten, zelfzuchtige hedonist. Het zusje van Katia bevat gelukkig meer grijs.
Het verlangen naar geborgenheid van het meisje botst met de harde wereld van de commerciële seks waarin haar moeder en haar zus verkeren. Ze begrijpt ook steeds minder waar precies de grens ligt tussen de affectie waar ze naar hongert bij haar familie en seksuele exploitatie. Als haar grote zus eindelijk aandacht voor haar heeft, is het om haar in te wijden in de fijne kneepjes van striptease en paaldansen.
De acteurs maken stuk voor stuk veel indruk, voorop de debutante Qizmolli, knap gecast als een meisje dat nog meer een kind is dan een puber. De Jong kon in Tussenstand leunen op doorgewinterde acteurs. In Het zusje van Katia toont ze ook uit onbekende acteurs het beste te kunnen halen. Het minst sterk is de moeder in het verhaal. Dat ligt niet aan het voortreffelijke spel van Louzgina, maar de rol is wat te weinig uitgediept, zeker vergeleken met de zusters.
Misschien dat De Jongs mededogen in de emotionele laatste scène iets teveel de overhand krijgt. Mooier zou het zijn geweest als er nog een kleine scène was gevolgd, waarin het dagelijks leven weer wordt opgepakt. Maar dat is muggeziften.
