Klass

Door Dana Linssen

Elke tijd, elk land, elke generatie kent het verhaal van de gelukkige klas die in Bordewijks hel verandert. Van de pestkop en het buitenbeentje, en hoe het uit de hand liep. Maar geen verhaal is in cultuursociologische zin zo’n ijkpunt geworden als de massamoord van de scholieren Eric Harris en Dylan Klebold op 20 april 1999 op hun leraren en medescholieren van de Columbine High School in het Amerikaanse plaatsje Littleton.

Trailer van Klass:

De Estse filmmaker Ilmar Raag (1968) liet zich voor zijn derde film Klass door die schietpartij inspireren en ontkomt dus niet aan een vergelijking met de film die Gus van Sant daar in 2003 met Elephant over maakte. Anders dan Van Sant, die geen excuses of rationalisaties zoekt, neemt Raag een didactisch standpunt in. Nauwkeurig toont hij hoe nerdy Joosep het pispaaltje is, hoe dat pestgedrag door groepsdruk uit de hand loopt, hoe klasgenoot Kaspar partij kiest, hoe beiden worden uitgesloten.

Klass ontstond uit dramaworkshops met scholieren en dat zie je aan de intensiteit van zowel het spel van de amateuracteurs als de indringende manier waarop de camera ze op de huid zit. Ook voor de toeschouwer is er geen ontsnappen aan in dit noodlotsdrama, omdat Raag erop aanstuurt dat je genoegdoening vindt in het feit dat de pestkoppen gestraft worden.

De clipachtige intermezzo’s die de dagen van dit omgekeerde scheppingsverhaal aftellen, maken Klass tot een jonge en hippe film. Dat verklaart ook het enorme festivalsucces van de film. Of dat een Nederlandse bioscoopuitbreng rechtvaardigt, is de vraag. Klass beweert weinig nieuws en doet dat simplistisch: alles volgt uit het deels opgelegde, deels zelfgekozen isolement van de jongens. Maar wellicht dat het na schoolvoorstellingen nog interessante discussiestof oplevert.

Gepubliceerd in:
film
Filmarchief