Laila's Birthday

Door André Waardenburg

Er klinkt luid glasgerinkel. Een man loopt behoedzaam door zijn huis. Is zijn raam aan diggelen? Is zijn dochtertje door iets geraakt? Er lijkt niets aan de hand, ze slaapt nog vredig, zijn vrouw ook. Had hij misschien een nachtmerrie?

Laila’s Birthday opent met deze scene. Omdat het een Palestijnse film is, verwacht je vervolgens geweld. Maar nee. Regisseur Rashid Mashawari zet ons op het verkeerde been en confronteert ons met onze vooroordelen. Hij laat Ramallah zien als een mooie stad. Eentje waar het leven gewoon door is gegaan, ondanks de Israëlische bezetting van de Westelijke Jordaanoever. En ondanks het geweld dat altijd op de loer ligt.

Trailer van Laila's Birthday:

De man die ’s nacht wakker schrok is Abu Laila, een voormalig rechter die nu taxichauffeur is. Er moet toch brood op tafel komen. Als hij de deur uitgaat, herinnert zijn vrouw hem eraan dat hun dochtertje jarig is. Hij moet om acht uur thuis zijn. En of hij een cadeau en een taart kan kopen.

Bij al zijn ritten gaan er dingen mis. De ene klant wil de gordel niet omdoen, terwijl Abu Laila er op staat – hij is tenslotte rechter en wet is wet. De ander wil naar een checkpoint, wat niet mogelijk is, want daar gaat Abu Laila uit principe niet heen. Netzomin wil hij bewapende mensen als passagier meenemen. Hij heeft niet voor niets een sticker tegen wapens op zijn autoraam geplakt.

Het gaat van kwaad tot erger. Zijn taxi wordt gebruikt om het slachtoffer van een bom naar het ziekenhuis te brengen en als hij eindelijk op het punt staat die taart voor zijn dochter te kopen, komt er weer wat tussen. Hoewel uiterlijk kalm en nog steeds onberispelijk gekleed – na elke gebeurtenis stopt hij z’n overhemd in z’n broek en trekt hij z’n jasje recht - neemt de frustratie toe. In Ramallah kán nu eenmaal niets goed gaan. Geen wonder dat de meeste inwoners zo cynisch in het leven staan.

De registrerende opnames vanuit de taxi zijn het mooist. Op de geluidsband klinkt dan weemoedige Arabische muziek en we zien een ogenschijnlijk normale, levendige stad. Maar ook nu bedriegt de schijn. Want telkens als hij uitstapt, gebeurt er iets. Chaos wint het van orde. En dan is het gedaan met de lieve vrede waar hij zo naar verlangt.

„Hoe was je dag?” vraagt zijn vrouw ’s avonds. Hij schudt alle ontberingen snel van zich af. Het was weer een dag zoals alle anderen.

Gepubliceerd in:
film
Filmarchief