The boat that rocked
In de jaren zestig snakte de Britse jeugd naar rock, maar de ouwelijke burgermannetjes van de staatsradio gunden haar dat gewoon niet. Dus trotseerden rebellen in gammele bootjes de Noordzee en de Britse bureaucratie om keiharde rock de ether in te slingeren. Toen de staat de zendpiraten ten slotte tot zwijgen bracht, was de jeugd bevrijd.
Trailer van The boat that rocked:
Aldus de Veronica-versie van het complexe steekspel tussen de vrije jongens van de commercie en de staten rond de Noordzee in de jaren zestig. Zendschepen speelden een rol in de culturele revolutie en stonden ook aan de wieg van hoofdpijnradio met geinige dj’s en een amorf hitaanbod. Maar dat verdient een betere film dan de klucht The Boat that Rocked.
Zendschip Radio Rock, dat in de jaren zestig de jeugd met popmuziek opruit, is losjes gebaseerd op Radio Caroline. Terwijl diskjockeys lol trappen, probeert aan wal de preutse minister Dormandy de piraat te muilkorven. Dat schiet niet op, want hij foetert elk half uur een assistent met de leuke naam Twatt uit als ze weer ‘fuck’ roepen op radio.
Richard Curtis, koning van de Britse komedie, ontpopt zich hier als een moppentapper. Als regisseur scoorde hij met zijn debuut Love Actually een enorme hit. The Boat that Rocked is ook zo’n ensemblefilm, maar zonder romantiek mist hij samenhang en charme. De oubollige klucht kabbelt van witz naar sketch naar videoclip via flinterdunne verhaallijntjes. Verliest de knaap zijn maagdelijkheid? Worden rivalen vrienden? Mogen zendpiraten uitzenden?
De aanstekelijke kameraadschap – Curtis bouwt wel een lekker sfeertje – kan niet verhullen dat hij de lat laag legt. Grappen – vaak zonder clou – gaan over hupse meisjes die met iedereen in bed duiken die oud of lelijk is, mannen denken alleen aan jeweetwel. Zaterdag meert een boot gillende groupies aan bij Radio Rock en stampt de boot tot het ochtendgloren. Dolle taferelen, trippeltrap op de gang waarbij men allicht in een duistere cabine de verkeerde vrouw bespringt of zich naakt in een wasmand verstopt. De rest van de week praten de dj’s over seks, halen kleedkamergrappen uit of maken gewaagde toespelingen op de radio. Waarna ze een gouwe ouwe draaien en de Britten massaal aan het swingen slaan. Met 54 sixties-hits gaat dat erg op de zenuwen werken. Goed dat Radio Rock zinkt als een mini-Titanic: anders had deze roestbak alleen maar inert aan zijn anker gedobberd.
