Ricky
De Franse regisseur François Ozon lijkt een nieuw genre te hebben uitgevonden met Ricky: het sociaal-realistische sprookje. Maar eigenlijk combineert hij gewoon twee bestaande genres: een beetje sociaal-realisme en een dosis fantasy, zoals wel meer ogenschijnlijk nieuwe ideeën uit de combinatie van twee oude bestaan. Vaak blijft daarbij de lijm tussen de moeizaam aan elkaar geplakte delen zichtbaar.
Trailer van Ricky:
Aanvankelijk lijkt Ozon de wereld van de broers Dardenne te betreden: regenachtige, sombere taferelen over de onderklasse. Fabrieksarbeidster en alleenstaande moeder Katie (Alexandra Lamy) ontmoet op haar werk de nieuwe collega Paco (Sergi López). Ze worden verliefd en ze raakt zwanger van hem. Met de baby blijkt al snel iets merkwaardigs aan de hand te zijn. Op zijn schouderbladen ontwikkelt hij rare blauwe plekken. Katie verdenkt Paco ervan het kind iets te hebben aangedaan, waarna hij zijn biezen moet pakken. Ozon zet de kijker ook nog even op het verkeerde been, door het dochtertje uit een eerdere relatie van Katie sinister naar het wiegje te laten loeren. Maar er blijkt iets geheel anders aan de hand te zijn: baby Ricky ontwikkelt vleugels en fladdert al snel vrolijk door de kamer.
Een baby die kan vliegen, is een slecht idee voor een film (afkomstig uit een kort verhaal van de Britse schrijfster Rose Tremain). Ozon lijkt ook geen flauw benul te hebben wat hij met het kind aanmoet als het jongetje eenmaal het luchtruim kiest, en nog minder van wat hij er eigenlijk mee wil zeggen. Het loopt uit op een nogal weemakend besef van het wonderbaarlijke van het alledaagse.
