A Serious Man

Een van de plagen van Larry Gopnik (links, Michael Stuhlbarg): zijn broer, de afhankelijke oom Arhur (Richard Kind).
Door Peter de Bruijn

Regie: A Serious Man Regie: Joel en Ethan Coen. Met: Michael Stuhlbarg, Sari Lennick. In: 22 bioscopen.

Op de broers Joel en Ethan Coen valt geen peil te trekken. Vorig jaar maakten ze met de overvolle spionagekomedie Burn after Reading wellicht de flauwste film uit hun carrière. Nauwelijks een jaar later slaan ze terug met hun beste film tot nu toe. A Serious Man, hun veertiende film, is een onvervalst meesterwerk.

Bekijk de trailer van A Serious Man:

In de films van de Coens houden stijl en substantie vaak geen gelijke tred. De visuele brille en het imposante vakmanschap zijn in hun films vaak groter dan wat ze te vertellen hebben. Vaak spreekt uit hun films ook een aanzienlijk dedain voor hun eigen personages. De filmmakers zijn altijd slimmer dan de figuren die ze in het leven hebben geroepen. Zo blijven ze zelf veilig verschanst zitten in een superieure positie.

Veel van die bezwaren vielen al weg bij No Country for Old Men, de film waarvoor ze drie jaar geleden verdiend de Oscar kregen voor de beste film. Maar als nauwgezette verfilming van een roman van Cormac McCarthy, was dat een enigszins afwijkende film binnen hun oeuvre. Met A Serious Man hebben de Coens nu een film gemaakt die in allerlei opzichten typerend is voor hun stijl en aanpak, maar die de bezwaren daarvan volledig overstijgt.

'Idioot'

Dat komt allereerst omdat ze nu eens niet voor een ‘idioot’ als hoofdpersoon hebben gekozen, maar voor de hyperintelligente Larry Gopnik (een sublieme rol van toneelacteur Michael Stuhlbarg). Hij doceert natuurkunde aan de universiteit en staat op het punt een vaste aanstelling te krijgen. Hij kan in een briljante wiskundige som, die een enorm schoolbord beslaat, aan zijn studenten uitleggen wat het ‘onzekerheidsprincipe’ behelst.

Niet dat hij daar iets aan heeft. Zijn leven begint uit de rails te lopen als zijn vrouw Judith (Sari Lennick) vraagt om een scheiding. Ze is een verhouding begonnen met de zoetgevooisde, zelfingenomen weduwnaar Sy Ableman (Fred Melamed). Vervolgens pellen de Coens hun held laag voor laag af, ze verpulveren hem. Dat gaat de kijker eindelijk eens aan het hart, omdat het de filmmakers zelf dit keer iets kan schelen.

De locatie en het historische tijdvak waarin de film zich afspeelt, zijn bijzonder. A Serious Man is gesitueerd in een buitenwijk in het Midden-Westen van de Verenigde Staten, waar de Coens vandaan komen. In 1967, ongeveer in dezelfde tijd waarin zij zelf zijn opgegroeid, en in een nadrukkelijk Joods milieu, waaruit de broers afkomstig zijn. Hun eigen ervaringen met hun religieuze opvoeding klinken in de film door. Al is de film niet in de strikte zin van het woord autobiografisch, dichter bij het vertellen van een persoonlijk verhaal zijn ze nog niet gekomen.

Verankering

Door de film – met medewerking van leden van de Joodse gemeenschap in Minneapolis – stevig te verankeren in een specifieke plaats en tijd blijven ze uit de buurt van het funshoppen in de filmgeschiedenis dat veel van hun andere films kenmerkt. De enige andere film die zo precies is gesitueerd is Fargo (in North Dakota); niet toevallig een van hun beste.

Sy Ableman, de minnaar van Larry’s vrouw, is de ‘serieuze man’ van de titel. Larry neemt zich voor die kwalificatie ook te verdienen, want zijn vrouw verwijt hem dat hij zo kinderachtig is („Don’t be such a child”). Hij moet een serieuze man worden. Maar hoe? Hij wendt zich ten einde raad tot drie rabbijnen en hun wijze levenslessen komen in achtereenvolgende episoden in beeld. Daaruit spreekt een komische, nauwelijks verhulde agressie tegen de pretenties van religieuze en andere autoriteiten dat ze de antwoorden op levensvragen in huis te hebben. Dat zijn antwoorden die volgens de Coens nergens te vinden zijn, omdat ze niet bestaan.

A Serious Man is een komedie over volmaakte zinloosheid en onvoorspelbaarheid van het aardse bestaan. Minder valt er niet van te maken. Wie zo’n groot thema bij de kop wil pakken, zet zichzelf voor het blok, want een film met zo’n strekking moet natuurlijk wel heel, heel goed zijn.

Levensangst

Zelfs de slimmeriken komen er deze keer niet uit. Nihilisme is in meeste films van de Coens aanwezig, maar gaat hier voor het eerst – met uitzondering wellicht van Gouden Palm-winaar Barton Fink (1991) – vergezeld van pure levensangst en wanhoop.

Dat maakt A Serious Man, met de scherpe ironie, de schitterende vormgeving en het majestueuze camerawerk van vaste kracht Roger Deakins, tot een verpletterende ervaring, die de kijker gebutst en geschramd achterlaat. Alleen in de bioscoopstoel blijven zitten totdat de eindtitels voorbij zijn – waarin de Coens overigens nog een aardige grap verstopten – is niet genoeg om weer bij te komen na het zien van A Serious Man. En dat is niet ironisch bedoeld.

Gepubliceerd in:
film
Filmarchief