Boze Adams zingt prachtige liedjes
De reactie van het publiek in Paradiso, Amsterdam, gisteravond, was begrijpelijk maar niet terecht. Een regen van plastic bekers viel op het podium, omdat Ryan Adams het toneel zo abrupt had verlaten. Maar Adams had toevallig wel het concert van het jaar gegeven. Het was een schril contrast: twee uur liet Adams de muzikaliteit harder stromen dan het zweet van zijn haar, en dan stormt hij om een vaag conflict het toneel af.
Het is ‘de Vloek van Adams’. Die zelfdestructieve neiging heeft Adams al vaker dwars gezeten. Concerten verzandden in vaag gemompel, Adams viel dronken van het podium en brak ledematen, en hij bracht iedere muzikale ingeving uit als volwaardige cd, wat leidde tot missers als Rock ‘n’ Roll (2003) en 29 (2005).
Maar gisteravond was hij in vorm. Begeleid door The Cardinals, met wie hij al een paar platen opnam, was nu eindelijk te horen hoe Adams’ liedjes klinken als ze liefdevol door een band worden uitgevoerd. Het was een combinatie van beheersing en flair. De vier muzikanten zorgden voor het heldere kader, waarbinnen Adams zijn hartgrondige emotionaliteit kon botvieren. Maar ook die was gestileerd: zijn koerende uithalen, zijn country-snik, zijn rebelse rafeligheid klonken alsof Adams zijn gevoelsleven aardig weet te kanaliseren. De stijl scheerde van country naar stonede rock, naar croon-stijl à la Roy Orbison, en naar soms een opgewekte stamper. En steeds zorgde de band dat de eigen stijl, van veel reliëf en een ‘warm’ geluid, de overhand hield. Adams zong prachtige liedjes als Cold Roses, September en A Kiss Before I Go. Totdat de Adams-vloek zich toch weer roerde, en hij als een boze diva het toneel verliet.
