Meeste foto’s zijn illustratief
De Zilveren Camera bestaat zestig jaar. Het niveau van de nieuwsfotografie loopt terug, vinden sommigen. „Nieuwsfotografie wordt in Den Haag steeds meer gereguleerd.”
Den Haag, 19 jan. Een van een auto gevallen kist met aardappelen legt het verkeer op de Dam stil. Voorbijgangers helpen met oprapen. Met deze foto won Waldo van Suchtelen in 1949 de eerste Zilveren Camera. Volgens fotograaf Leo Erken, jurylid van de prijs, is er in die zestig jaar veel veranderd in de fotojournalistiek. „Wanneer wordt er nog een foto van een verkeersongeluk in de krant geplaatst? Echte ouderwetse nieuwsfotografie heb ik al jaren niet meer in de kranten gezien. Misschien was de Bijlmerramp wel de laatste keer.” Volgens Erken is nieuwsfotografie in Nederland een zeldzaamheid geworden. „Je merkt dat kranten minder behoefte hebben aan nieuwsbeelden.” Louis Zaal, directeur van fotopersbureau Hollandse Hoogte, bevestigt dat. „Het beeldmateriaal in kranten heeft vaak niet veel te maken met nieuwsfotografie. De meeste foto’s zijn mooi of illustratief.”
Juryvoorzitter en fotograaf Bert Janssen wijt die afname aan nieuwsbeelden niet zozeer aan de kranten. Volgens hem proberen steeds meer persvoorlichters grip te krijgen op nieuwsbeelden. Het valt hem op dat het niveau van de inzendingen in de categorieën ‘binnenlands nieuws’ en ‘binnenland documentair’ is teruglopen. „Nieuwsfotografie wordt in Den Haag nu sterk gereguleerd.”
Maar ook buiten Den Haag wordt het volgens Janssen moeilijker. „Een paar jaar geleden maakte ik een foto op een perron. Ik werd meteen benaderd door iemand die zei dat ik daar toestemming voor moest vragen. Je merkt dat in toenemende mate publieke plekken door belanghebbenden en bedrijven worden afgegrendeld.”
Volkskrant-fotograaf Martijn Beekman won vorig jaar de Zilveren Camera voor zijn nieuwsfoto van de drie VVD-ereleden Erica Terpstra, Henk Vonhoff en Frits Korthals Altes die, na urenlang overleg met Rita Verdonk, uitgeblust in een auto stappen. Volgens hem is het niet zo somber gesteld met de nieuwsfotografie. „Het is nog steeds mogelijk om een goeie serie over Geert Wilders te maken. Het is te gemakkelijk om te zeggen dat persvoorlichters de fotografen in de weg zitten.” Fotograferen heeft, vindt Beekman, te maken met geduld. „Je moet soms wachten, maar meestal kun je voor of na een persconferentie in alle vrijheid toch een goede foto maken.”
Volgens fotograaf Bert Verhoeff, docent reportagefotografie aan de KAKB, de Kunstacademie in Den Haag, is er nog een andere reden waarom de Nederlandse nieuwsfotografie achteruit gaat. „De afgelopen jaren bespeur ik onder studenten een soort dedain voor fotojournalistiek.” Talentvolle studenten kiezen liever de richting kunstfotografie of documentairefotografie. „Vroeger waren er wel tien studenten die stage wilden lopen bij de Volkskrant, nu is het moeilijk één student naar een krantenredactie te krijgen.” Wel deelt Verhoeff de mening van Beekman. „Het is zeker zo dat de Tweede Kamer veel persmomenten regisseert. Maar uiteindelijk moet een fotograaf niet afwachten.” Leo Erken, jurylid in de categorieën ‘Buitenlands documentaire fotografie’ en ‘Buitenlands nieuws, signaleert dat in het buitenland geen gebrek aan goede nieuwsfotografie bestaat. „Er waren wel vijftien reportages die ik een prijs had willen geven.”
