Europa komt in 2010 kijken naar de ‘operaloze’ operastad Rotterdam
Rotterdam, 16 maart. Opera Europa, de organisatie van Europese operatheaters, gezelschappen en festivals, houdt in 2010 het jaarlijkse congres in Rotterdam. De European Opera Days, die parallel lopen met het congres, zullen volgend jaar een onderdeel vormen van het programma van de Operadagen Rotterdam.
Opera Europa heeft in 35 landen 113 leden, onder andere de opera’s in Parijs, Londen, München, de Scala van Milaan, het Bolsjoi Theater in Moskou en het Mariinski Theater in Sint Petersburg.
Een belangrijke reden voor Opera Europa om in Rotterdam te congresseren, is dat Rotterdam geen echt operatheater heeft en geen eigen operagezelschap. Maar Rotterdam organiseert veel opera – en speciaal de Opera Dagen – voor een breed publiek op tal van onverwachte locaties, zoals huiskamers en soms op straat. Vorig jaar speelde Orpheus in de onderwereld zich af op en rond de Maas, omgedoopt tot de Styx, de mythische rivier die naar de onderwereld voert.
De Europese operadirecteuren willen graag zien hoe opera kan functioneren in een ‘operaloze’ stad met een omvangrijk allochtoon publiek. Het festival werkt voor de Operadagen van dit jaar samen met de Chinese en Turkse gemeenschap in Rotterdam en met gezelschappen uit beide landen. Die samenwerking wordt de komende jaren voortgezet.
De Vlaming Guy Coolen, operaregisseur, artistiek leider van Opera Transparant en sinds vorig jaar de artistiek leider van de Operadagen Rotterdam, wil het vroeger nogal losse samenraapsel van voorstellingen voortaan meer thematisch gaan ordenen en elke aflevering een eigen gezicht geven. De Operadagen Rotterdam met 190 grote en kleine voorstellingen hebben in 2009 het thema ‘Confrontations’ met confrontaties tussen Oost en West, Noord en Zuid, maar ook tussen verschillende muziekstijlen.
Het festival, tussen 23 mei en 1 juli, opent in de Rotterdamse Schouwburg met The Tears of Barren Hill van de Chinese regisseur Danny Yung. Hij bewerkte de opera uit 1929 en voegde er multimedia en moderne theaterconcepten aan toe. Er zijn hoofdrollen voor Lan Tian en Dong Hongsong van de Beijing Opera. House of the Sleeping Beauties van Guy Cassiers en Kris Defoort naar het boek van de Japanse auteur en Nobelprijswinnaar Yasunari Kawabata krijgt een Nederlandse première.
De komende jaren presenteert het festival een drieluik van de Franse componist Georges Aperghis. Het eerste deel hiervan is Machinations van VocaalLAB Nederland en EAST74. De jonge regisseur Jim Lucassen maakt voor het Kameroperahuis een productie op basis van de opera La Princesse Jaune (1872) van Camille Saint-Saëns.
Het festival wil ook internationaler opereren, zoals met een Madama Butterfly van de Stanislavsky Opera Company uit Moskou.
Voor 2009 wordt een project ontwikkeld in Katendrecht met drie verenigingen voor Kantonese opera en jonge operazangers in het Chinese centrum Wai Fook Wui.
Het Rotterdams Philharmonisch Orkest presenteert tijdens het festival van 2010 de l'Enfant Prodigue van Debussy en La Voix Humaine van Poulenc onder leiding van Yannick Nézet-Séguin. In een coproductie met de Brusselse Munt presenteert het festival een concert met werk van Schönberg en Brahms met mezzosopraan Christiane Stotijn als soliste.
Verder staat op het programma Genoveva van Robert Schumann door het koor en orkest van het MDR Sinfonieorchester uit Leipzig met onder de solisten Anne Schwanewilms. Het Onafhankelijk Toneel brengt Le Vin Herbé van Frank Martin.
