Regenboog begeleidt Mulisch naar laatste rustplaats
De elementen hadden vrij spel tijdens Harry Mulisch' laatste boottocht over de Amstel en zijn drukbezochte begrafenis op Zorgvlied. „Dit is een afscheid een groot schrijver waardig.”
Amsterdam, 6 nov. „Dit is ongelooflijk.” „Zoiets verzin je niet.” „Uncanny.” De toeschouwers aan linkeroever van de Amstel, vanmiddag om kwart over twee, struikelden over hun woorden van verbazing. Op het moment dat de beige rondvaartboot met aan boord de doodkist van Harry Mulisch onder de Utrechtsebrug in Amsterdam doorvoer, verscheen aan de hemel een glasheldere regenboog. Hij bleef te zien totdat de boot een kwartier later aanmeerde bij begraafplaats Zorgvlied.
De volksschrijver zelf, auteur van onder meer De elementen, had het niet mooier kunnen regisseren. Regen, wind, zon, alles liep door elkaar tijdens de vierdelige uitvaart (herdenkingsbijeenkomst in de Stadsschouwburg, boottocht over de Amstel, begrafenis op Zorgvlied, receptie in Américain). „Het is alsof Harry door de weergoden is gevraagd wat voor weer hij op zijn begrafenis wilde hebben,” zou Mulisch’ weduwe Kitty Saal later op de middag zeggen. „En dat-ie toen zei: doe maar alles tegelijk.”
De laatste tocht van Harry Mulisch, en de daaropvolgende bijeenkomst voor vrienden in het American Hotel, was een spectaculaire afsluiting van een happening die je bijna een staatsbegrafenis zou kunnen noemen. Bijna iedereen was er, van Connie Palmen tot Cees Nooteboom, van Tom Egbers tot Youp van ’t Hek, van de minister van OCW tot ex-minister Ronald Plasterk, en van Kader Abdolah tot Joost Zwagerman. En niet te vergeten een menigte ‘gewone’ lezers. Enkele duizenden mensen stonden op de bruggen van Amsterdam, op de oevers van de Amstel en tussen de bomen van Zorgvlied.
Ereronde
Voorafgegaan door een in het wit gekleed klezmerorkest liep de begrafenisstoet - ook wegens de grote opkomst - een ereronde over de dodenakker, terwijl de regen zachtjes neerdaalde. Bij het graf, op een ‘pleintje’ waar ook Mulisch’ vriend – en medelid van de zogeheten Herenclub – Hans van Mierlo ligt, volgde een korte laatste toespraak en kreeg iedereen de gelegenheid om een handje zand in de kist te werpen. Het duurde meer dan een half uur voordat iedereen was langsgedefileerd en het emmertje zand leeg was.
Daarna begaven enkele honderden vrienden en genodigden zich weer naar het Leidseplein, waar in Américain - de plaats waar Mulisch zich volgens de legende placht te laten omroepen - kon worden nagepraat over de speeches van de ochtend, de triomftocht over de Amstel en de massagebeurtenis op Zorgvlied. Terwijl de drank vloeide, werden er verhalen opgehaald, en werd geconcludeerd dat de gestorven schrijver veel humoristischer, grootmoediger en vriendelijker was dan op grond van zijn imago lang gedacht was. „Dit is een afscheid een groot schrijver waardig,” vatte Kader Abdolah de dag samen. „Hier moeten we een traditie van maken.”
