De Valk

Kester Freriks, schrijver en zeiler: „Mijn eerste Valk was van gelakt hout en gaffelgetuigd. Mast en giek ook van hout, net als de klampen, kikker en het blok voor de grootschoot. De fok was vastgezet aan de voorstag met leuvers. Bij straffe bries hing hij in scheve hoek, maar altijd in balans. Directeur Kees Bruynzeel van de Zaanse Bruynzeel Deurenfabriek gooide in 1939 een deur van hechthout in het water. Hechthout was watervast. Om dit te bewijzen liet hij een boot voor de Hollandse meren ontwerpen door de jonge jachtarchitect E.G. van de Stadt. De Valk was de eerste toerboot die industrieel werd vervaardigd. Een van de briljante ideeën was om kiel en roer van elkaar te scheiden. de boot werd daardoor stabieler en wendbaarder. Van de Stadt noemde de Valk het ‘spanen doosje’. Hij kon destijds niet weten dat het model zou uitgroeien tot de geliefdste open zeilboot. Bovendien was de Valk een sharpie, een boot bestaande uit een romp die scherp gesneden is. Dat ‘scherpe’ uit zich ook in de koersen die een Valk aankan: met behoud van snelheid hoog tot scherp aan de wind. Ook op ruime en voordewindse koersen zeilt hij uitstekend. De ‘aanvangsstabiliteit’ is groot dankzij het knikspant. In 1979 kwam Laus van den Berg op het idee de Valk van polyester te vervaardigen. Hout is bewerkelijk; polyester niet. De Valk is de onbetwiste koningin van het water: elegant, rank en toch sterk, betrouwbaar en snel.”

Gepubliceerd in:
Beste Nederlandse Design