Historische voorpagina's over onafhankelijkheid Congo
Bekijk de onafhankelijkheid van Congo door historische voorpagina’s van de Nieuwe Rotterdamse Courant en het Algemeen Handelsblad.
Als u niet per se de artikelen wilt lezen, maar even snel een indruk wilt krijgen van de krantenkoppen die voor, tijdens en na de onafhankelijkheid van Congo verschenen, bekijk dan de diashow van de krantenpagina's.
Rotterdam, 30 juni. De onafhankelijkheid van Congo op 30 juni 1960 werd in Afrika en daarbuiten met hoop en verwachting tegemoetgezien. De verzelfstandiging van de grote, grondstofrijke kolonie van België in het hart van Afrika zou als model kunnen dienen voor het hele continent. Maar de onafhankelijkheid werd ook met zorg en scepsis tegemoetgezien.
Was Congo wel voorbereid om op eigen benen te staan? Ging het allemaal niet te snel? Congo beschikte in 1960 nauwelijks over gekwalificeerde bestuurders en legerofficieren. Het immense land telde amper tweehonderd universitair geschoolde inwoners. Direct na de soevereiniteitsoverdracht ging het mis: Congo begon zijn bestaan als onafhankelijke staat met een eruptie van geweld.
Hieronder volgt een beknopt overzicht van de belangrijkste gebeurtenissen rond de soevereiniteitsoverdracht, geïllustreerd door de oorspronkelijke voorpagina’s van de Nieuwe Rotterdamse Courant en het Algemeen Handelsblad, de dagbladen die in 1970 zijn gefuseerd tot NRC Handelsblad.
Het overzicht is beperkt tot de belangrijkste historische gebeurtenissen in 1960 en 1961, de eerste jaren van wat bekend zou worden als ‘de Congo-crisis’. Die eindigde in 1965 met de machtsgreep van Mobutu Sese Seko, de legerleider die pas in 1997 verdreven werd. Mobutu kon decennialang in het zadel blijven mede door de steun van westerse landen die in hem een bondgenoot zagen tegen de verspreiding van het communisme in Afrika. In 1997 werd Mobutu verdreven door Laurent Kabila. Sinds diens overlijden (2001) is zijn zoon Joseph Kabila president.
België raakte gaandeweg de jaren 50 doordrongen van de onafwendbaarheid van de Congolese onafhankelijkheid. Congo, formeel een kolonie sinds 1908, zou meegaan op de golf van de dekolonisatie die na de Tweede Wereldoorlog de wereld overspoelde. Nederland trok zich terug uit Indië, Frankrijk en Groot-Brittannië bereidden hun eigen aftocht uit Afrika voor. In 1955 publiceerde de Belgische professor A.J. van Bilsen een dertigjarenplan voor de verzelfstandiging van Congo. Bilsen pleitte voor een geleidelijke aftocht, om eerst een hoopgeleide Congolese elite te kunnen creëren die het bestuur kon overnemen. Veel Congolezen wilden zo lang niet wachten.
Verspreid door Congo ijverden inheemse groeperingen voor versnelde onafhankelijkheid. Sommige bewegingen baseerden zich op regionale en tribale verwantschap. In de grote steden speelden de zogeheten évolués een belangrijke rol, de geschoolde, intellectuele elite die westerse invloeden had ondergaan. De belangrijkste évolué was wellicht Patrice Lumumba, een jonge, gedreven politicus die vanuit Stanleyville (nu Kisangani) opriep tot een politiek van eenheid, die tribale verschillen zou overstijgen.
Geconfronteerd met toenemende onlusten in brede delen van Congo in 1959, besloot België tot een rondetafelconferentie met leiders van verschillende Congolese partijen. Op deze conferentie, in januari 1960 in Brussel, werd besloten dat Congo op 30 juni onafhankelijk zou worden. Veel eerder dan België in de jaren vijftig nog had gedacht, maar de Belgische autoriteiten meenden dat de ontwikkelingen onomkeerbaar waren en dat een snelle machtsoverdracht in elk geval een slepend conflict zoals in Algerije kon voorkomen. In Algerije waren de Fransen verwikkeld geraakt in een bloedige onafhankelijkheidsoorlog.
Congo had natuurlijk wel een regering nodig om de soevereiniteit aan te kunnen overdragen. In mei 1960 werden daarom voor het eerst verkiezingen georganiseerd. President werd Joseph Kasavubu, aanvoerder van ABAKO, een organisatie voor het Bakongo-volk, een grote etnische groep die leefde rond de hoofdstad. Premier werd Patrice Lumumba. Hij stelde ook de eerste, eigen regering van Congo samen.
Algemeen Handelsblad 25 juni 1960
Algemeen Handelsblad 29 juni 1960
Algemeen Handelsblad 30 juni 1960
30 juni 1960, onafhankelijkheidsdag, zou voor een belangrijk deel de geschiedenis ingaan vanwege een incident dat de machtsoverdracht van koloniale overheerser op de zelfbewuste ex-vazal symboliseerde. Koning Boudewijn was speciaal voor de soevereiniteitsoverdracht naar Congo afgereisd. In een plechtige toespraak ten overstaan van Congolese hoogwaardigheidsbekleders had Boudewijn nog een laatste maal de verdiensten van Leopold II bezongen. Koning Leopold was eind negentiende eeuw de visionaire stichter van de Kongo-Vrijstaat geweest, zo betoogde Boudewijn, de grondlegger dus eigenlijk van het nu onafhankelijke Congo. Patrice Lumumba zag dat anders. De welbespraakte premier nam meteen na Boudewijn het woord, onaangekondigd. Tijdens een opzienbarende toespraak veegde hij de Belgen de mantel uit. Hij noemde de Belgische koloniale overheersing „vernederende slavernij die ons met geweld werd opgelegd.” Lumumba’s boodschap verspreidde zich razendsnel door de hoofdstad. Boudewijn was woedend. Lumumba zou later tijdens een besloten diner meer verzoenende woorden gebruiken, maar de toon was onmiskenbaar gezet. Congo was nu zelfstandig, en de Belgen waren niet langer welkom.
Algemeen Handelsblad 1 juli 1960
In de eerste dagen na de onafhankelijkheid brak meteen onrust uit. Toen Congolese militairen van de Force Publique ter ore kwam dat zij geen loonsverhoging kregen maar ambtenaren wel, en hun Belgische bevelhebber hen liet weten dat ze niet moesten klagen, brak een muiterij uit in de hoofdstad. Blanken sloegen met duizenden op de vlucht, bevreesd als ze waren voor een grootschalige wraakoefening van de Congolezen.
Algemeen Handelsblad 6 juli 1960
Nieuwe Rotterdamse Courant 8 juli 1960
België stuurde parachutisten om te interveniëren en zijn onderdanen in veiligheid te brengen. De kersverse Congolese regering bleek het eigen leger niet in de hand te kunnen houden. De chaos verspreidde zich in de weken daarna razendsnel over Congo.
Algemeen Handelsblad 11 juli 1960
Nieuwe Rotterdamse Courant 11 juli 1960
Op 11 juli 1960 verklaarde de provincie Katanga zich onafhankelijk van Congo. Katanga, in het zuidoosten van Congo, was rijk aan grondstoffen. België, dat mijnbouwbelangen had in Katanga, gaf goedkeuring aan de zelfstandige koers van Moise Tshombe, de zelfverklaarde leider van Katanga.
Algemeen Handelsblad 12 juli 1960
Patrice Lumumba verzette zich tegen de afscheuring van Katanga. De premier riep de hulp in van de Verenigde Naties. Op 14 juli 1960 nam de veiligheidsraad resolutie 143 aan waarin België werd opgeroepen zijn troepen terug te trekken uit Katanga.
Algemeen Handelsblad 14 juli 1960
Algemeen Handelsblad 16 juli 1960
Om de druk op België en andere westerse landen (met name de Verenigde Staten) op te voeren, dreigde Lumumba de steun in te roepen van de Sovjet-Unie. Moskou verklaarde maar al te graag die steun te willen verlenen. VN-secretaris-generaal Dag Hammarskjöld weigerde om op aandringen van Lumumba gewapend te interveniëren in Katanga. Hammarskjöld voerde wel de diplomatieke druk op België op. Onafhankelijk Congo mocht wat Hammarskjöld betreft niet uiteenvallen.
Algemeen Handelsblad 18 juli 1960
Nieuwe Rotterdamse Courant 20 juli 1960
Nieuwe Rotterdamse Courant 3 augustus 1960
Nieuwe Rotterdamse Courant 5 augustus 1960
Op 8 augustus 1960 werd Kasai, een provincie naast Katanga, uitgeroepen tot zelfstandige staat. Lumumba, geconfronteerd met een tweede afscheiding, maakte zijn dreigement waar en riep de steun van de Russen in. Die stuurden soldaten naar Katanga, en pas na bloedige gevechten en een blokkade van de Congolese luchthavens zouden de Russen begin september hun luchtbrug naar Katanga stopzetten.
Nieuwe Rotterdamse Courant 11 augustus 1960
Nieuwe Rotterdamse Courant 15 augustus 1960
Nieuwe Rotterdamse Courant 24 augustus 1960
Intussen was de relatie tussen premier Lumumba en president Kasavubu onherstelbaar verstoord. De wedijver tussen president en premier had de eerste regering van onafhankelijk Congo uiteen doen vallen. Op 5 september onthief Kasavubu Lumumba uit zijn functie. Die weigerde en onthief op zijn beurt Kasavubu uit zijn functie.
Algemeen Handelsblad 6 september 1960
Nieuwe Rotterdamse Courant 6 september 1960
Op 14 september 1960 verscheen legerleider Mobutu op het hoogste politieke toneel. Gesteund door de CIA, die in Lumumba een gevaar zag wegens zijn samenwerking met de Russen, pleegde Mobutu een coup en ‘ontsloeg’ Lumumba en Kasavubu. Het zou het begin van het einde blijken van Patrice Lumumba.
Nieuwe Rotterdamse Courant 15 september 1960
Algemeen Handelsblad 16 september 1960
Lumumba werd onder huisarrest geplaatst, waar hij eind november uit werd vrijgelaten. Op 1 december werd hij in Kasai opgepakt door soldaten loyaal aan Mobutu. Lumumba werd overgeleverd aan zijn politieke vijanden in Katanga. Na publieke vernederingen (het opeten van zijn eigen toespraken voor het oog van de pers) verdween hij. Enkele weken later werd duidelijk dat Lumumba was vermoord. In 2001 zou een Belgische onderzoekscommissie vaststellen dat Patrice Lumumba doodgeschoten was door Congolese soldaten, vermoedelijk met medeweten van Belgische officieren. De eerste premier van onafhankelijk Congo zou na zijn dood in stukken zijn gesneden, begraven, weer opgegraven en in zuur opgelost.
Algemeen Handelsblad 14 februari 1961
Nieuwe Rotterdamse Courant 14 februari 1961 voorpagina
Nieuwe Rotterdamse Courant 14 februari 1961 pagina 3
De ‘Congo-crisis’ zou zich voortslepen tot 1965, toen Mobutu wederom de macht greep, ditmaal om die tot 1997 vast te houden. De VN lanceerden nog verschillende militaire interventies om verdere desintegratie van Congo te voorkomen en de honderdduizenden ontheemden te beschermen. VN-baas Hammarskjöld zou het niet allemaal meer meemaken: in de nacht van 17 op 18 september 1961 overleed hij toen het vliegtuig waar hij in zat neerstortte in Congo. De oorzaak van de crash is nooit opgehelderd.
