Doelbewust blind voor ontlastende feiten

Door Folkert Jensma

De Hoge Raad heeft ingestemd met herziening van het vonnis tegen Lucia de B. Haar advocaat is optimistisch en acht vrijspraak waarschijnlijk.

Vorige week stemde de Hoge Raad in met herziening van het vonnis tegen de Haagse verpleegkundige Lucia de B. Zij werd in 2003 veroordeeld wegens moord en poging tot moord op in totaal zeven patiënten.

1) Wat is ‘herziening’?

Herziening betekent heropening van een proces omdat er ernstige twijfels zijn over de juistheid van de veroordeling. Lucia de B. krijgt dus een nieuwe kans om haar veroordeling tot levenslang aan te vechten. De Hoge Raad heeft vastgesteld dat er belangrijke twijfels zijn, maar niet of ze ook doorslaggevend zijn. Er is alleen gezegd dat de bewijsvoering ‘in wezenlijke mate is ondergraven’ door nieuw onderzoek. Het Gerechtshof in Arnhem moet de feiten in de zaak nu opnieuw wegen en het eindoordeel vellen.

Tot nu toe zijn er vijf keer uitspraken gedaan: één keer door de rechtbank, twee keer door gerechtshoven en twee keer door de Hoge Raad. En er zijn twee onafhankelijke onderzoeken gedaan naar de rechtsgang: één door een onafhankelijke commissie van het Openbaar Ministerie. En één door de advocaat-generaal bij de Hoge Raad. Dit wordt de zesde uitspraak en de laatste.

2) Hoe liggen de kansen?

In theorie is zowel vrijspraak als een nieuwe veroordeling mogelijk. Ook het Openbaar Ministerie krijgt immers een herkansing, namelijk om de gaten in de bewijsvoering alsnog te dichten. Opnieuw een eis van levenslang is denkbaar. Maar de advocaat-generaal kan ook de twijfels delen. Dan eist hij vrijspraak. Advocaat Stijn Franken van Lucia de B. zegt „met schroom” optimistisch te zijn. Hij meent dat er nu zoveel ‘gerede twijfel’ is opgeworpen dat een vrijspraak waarschijnlijk lijkt. Het arrest van de Hoge Raad „had ik me niet beter kunnen wensen”.

Voor de juridische betekenis van twijfel is er een regel die nog stamt uit het Romeinse recht, in dubio pro reo: bij twijfel volgt vrijspraak. „Als de vertegenwoordigers van het OM wijs zijn, dan bestuderen ze de stukken en trekken ze hun conclusie”, zegt Franken. Het Hof in Arnhem verwacht begin volgend jaar de eerste zitting. De straf van Lucia de B. is officieel ‘onderbroken’. Zij is voorlopig vrij.

3) Wanneer kan herziening worden aangevraagd?

De wet eist dat er sprake is van een zogeheten ‘novum’. Dat is een nieuw feit dat waarschijnlijk tot een ander oordeel zou hebben geleid. Het moet iets zijn dat de rechters echt niet wisten. Omdat geen enkele getuige er op wees, de rechter er niet naar vroeg, de advocaat het niet naar voren bracht, Justitie het niet in het dossier vermeldde of domweg omdat het nog niet bekend was.

4) Komen herzieningen vaak voor?

Ja. Herzieningen zijn administratieve routineklusjes bij de Hoge Raad. Maar dan van boetes die aan de verkeerde persoon zijn opgelegd. Bij grote strafzaken komt het vrijwel nooit voor. Er zijn zes gevallen bekend waarin de verkeerde werd veroordeeld voor moord en herziening nodig was. De zaak Giessen-Nieuwkerk (1929), de Zaanse paskamermoord (1984), de Rotterdamse carnavalsmoord (1989), de Puttense moordzaak (2001), de Deventer moordzaak (2003) en de Schiedammer moordzaak (2005). Lucia de B. zou in 2009 de zevende kunnen worden, met als bijzonderheid dat er mogelijk helemaal geen strafbaar feit is gepleegd.

Tijdens haar dienst overleden meer patiënten dan gebruikelijk, hetgeen volgens het ziekenhuis geen toeval kon zijn. Met terugwerkende kracht werd ze verdacht gevonden. Uiteindelijk werd afgaand op medisch bewijs één moord en één poging daartoe bewezen geacht. Daarmee zou ook voldoende aannemelijk zijn dat ze ten minste zeven anderen had vermoord.

De Hoge Raad is heel streng met herzieningen waar geen evidente fout is gemaakt. De redenering is dat er al drie instanties beschikbaar zijn om een zaak te beoordelen. Twee instanties beoordelen het recht en de feiten. En één, de Hoge Raad, controleert alleen of het recht goed is toegepast. Herziening is de nooduitgang, alleen bedoeld voor justitiële dwalingen. De Hoge Raad wil ook eindeloos procederen voorkomen. Dat beginsel stamt ook uit de Romeinse tijd, lites finiri oportet: het klagen moet een keer ophouden, vrij vertaald. Een onherroepelijk vonnis schept rust en geeft rechtszekerheid. Ook voor de slachtoffers. Dat is de kracht van het laatste woord. Iedereen kan weer verder, case closed. Alleen een echt nieuw feit kan daar verandering in brengen.

5) En wanneer mag een feit een nieuw feit heten?

Daar beginnen de problemen. De aanname is dat een rechter alleen maar fouten maakt omdat hij feitelijk onvolledig is geïnformeerd. Niet omdat hij een verkeerde overtuiging heeft gekregen. Andere inzichten van deskundigen achteraf moeten dan ook maar voor lief worden genomen, zo was de houding.

In de wetenschap wordt de waarheid anders gevonden dan in het recht. Dáár staat de molen van zoeken en vragen nooit stil. Maar in het recht wordt die molen met een klap van de rechtershamer wél stilgezet. De rechter heeft dan een eigen overtuiging gekregen, gebaseerd op zijn begrip van de daad en zijn selectie van het bewijs. Zijn vonnis is per definitie ‘waar’. De waarheid als persoonlijke reconstructie dus.

De zaak Lucia de B., maar vooral ook de Puttense moordzaak, hebben dat dogma aan het wankelen gebracht. Op beide zaken vond een deskundigenaanval plaats, met boeken, petities, tv-uitzendingen en veel journalistieke aandacht. Daarop heeft de Hoge Raad in de Puttense moordzaak meer ruimte geboden. ‘In bijzondere omstandigheden’ mag nu ook een nieuw inzicht van een deskundige worden meegeteld als novum. Nieuwe interpretaties kunnen soms ook nieuwe ‘feiten’ zijn. In het herzieningsarrest van vorige week wordt dit toegepast.

6) Wat was het nieuwe feit in deze zaak?

De zaak Lucia de B. draait om de dood van de doodzieke baby Amber, die overleed tijdens haar dienst. Rechtbank en Hof waren er volledig van overtuigd dat de verpleegkundige dit kind met een injectie heeft vermoord. Deze moord kreeg een sleutelrol in het vonnis. Het leek het sterkste bewijs en maakte de andere sterfgevallen extra verdacht.

De lagere rechters trokken die conclusie op basis van een bloedmonster, gegevens van hart- en ademhalingsregistratie uit een monitor, het ziektebeeld van het kind en getuigenverklaringen. De Hoge Raad laat nu uitgebreid een nieuwe deskundige aan het woord, Jan Meulenbelt. Die stelt vast dat het Hof uit de monitorgegevens een onjuiste conclusie trok, het bloedmonster niet representatief was en een eerdere getuige-deskundige, Freek de Wolff, verkeerd begreep. De zieke baby is volgens hem juist door uitputting gestorven.

Maar deze nieuwe mening is voor de Hoge Raad nog altijd geen nieuw feit. Net als bij de Puttense moordzaak moeten er ‘bijzondere omstandigheden’ zijn om de zaak open te breken. Die worden gevonden in een brief van De Wolff aan het Openbaar Ministerie. Hij verklaart het verschil met Meulenbelt uit het feit dat hem destijds niet de monitorgegevens zijn toegestuurd. En dus, zegt de Hoge Raad, kon het Hof destijds niet van de juiste feitelijke toedracht op de hoogte zijn geweest. Door meningen van deskundigen met elkaar te vergelijken construeert de Hoge Raad dus met terugwerkende kracht een nieuw feit dat tijdens de zitting bekend had moeten zijn. Een nieuw deskundig inzicht alleen is dus niet voldoende.

7) Wat valt hiervan te leren?

Advocaat Stijn Franken: „Ik heb geleerd dat je niet zonder meer mag afgaan op wat deskundigen zeggen. Ook als ze allemaal hetzelfde zeggen. En dat zonder enige aarzeling doen. Je moet je blijven afvragen of hun oordeel wel juist is.”

Had deze zaak ook anders kunnen aflopen? Franken: „Nee. Het Gerechtshof in Den Haag wílde veroordelen. Men is doelbewust blind geweest voor ontlastende feiten. De monitorgegevens die nu door de Hoge Raad als novum zijn aangemerkt, heb ik bijvoorbeeld destijds al in de pleitnota naar voren gebracht.”

Wat bedoelt hij met doelbewust? Franken aarzelt. „Ik denk nog vaak terug aan de manier waarop de uitspraak werd voorgelezen. Dat gebeurde niet op een magistratelijke manier. Laat ik daarmee maar volstaan.” Was het voor het Hof persoonlijk geworden – nam men geen afstand meer in acht? „Ja, zo bedoel ik dat.”

Gepubliceerd in:
luciadeb
achtergrond