Verval gokstad weerspiegelt de staat van Amerika

Welkomstbord van Las Vegas, aan het zuideinde van de beroemde casinoboulevard The Strip
Door Freek Staps

Las Vegas was ‘recession-proof’ en overleefde altijd alle crises. Maar nu is de economische neergang ook daar zichtbaar. Een reisgids voor de ramptoerist.

Op gokstad Las Vegas kon je rekenen. Hoe slecht de Amerikaanse economie, de grootste ter wereld, er ook voor zou staan, Las Vegas zou altijd groeien. Trots waren de inwoners op het etiket dat menig econoom op de stad plakte: Las Vegas was ‘recession-proof’. Recessiebestendig. In goede tijden is er geld over voor vertier, zo ging de theorie, en in slechte tijden gokken wanhopigen meer.

Massaontslagen, kredietcrisis, recessie en consumentenvertrouwen. Wat die woorden echt betekenen, is vaak moeilijk te bevatten. Daarom: een praktische benadering. Wat is zichtbaar in Las Vegas, het epicentrum van tomeloos optimisme, van de crisis? Dit verhaal is een alternatieve – economische – reisgids. Voor ramptoeristen.

Een simpele gedachte misschien, maar Las Vegas had nooit reden eraan te twijfelen. De economie van de woestijnstad groeide decennialang almaar in omvang, inwoners werden rijken, trokken weer nieuwe mensen aan, die de groei verder aanjoegen. Las Vegas was Amerika’s bewijs dat de consumptie-economie werkte. Hier was economische groei hetzelfde als geluk; en allemaal even maakbaar.

Totdat de huizenprijs twee zomers geleden inzakte – vorig jaar bedroeg de daling ruim 30 procent. Totdat de banengroei omsloeg in werkloosheid – alleen al dit jaar zullen 35.000 werknemers hun baan verliezen. Totdat bezoekers wegbleven – kamers in de meest luxueuze casinohotels op The Strip zijn nu in de aanbieding voor soms maar 25 dollar per nacht. Totdat daarop ook de gokinkomsten voor het eerst wegzakten – in de staat Nevada staat de teller nu op min 15 procent. En totdat bleek dat de basis onder de groei, de op bevolkingstoename gebaseerde huizenmarkt, was weggevallen – in de stad staan nu 30.000 woningen leeg.

Dag 1, 7:00 uur: Billionaire Breakfast Club
596 North Stephanie Street, buurgemeente Henderson

Een keer per week komt de Billionaire Breakfast Club bijeen voor het ontbijt in een wegrestaurant, op een half uur rijden van The Strip. De naam van de groep blijkt ironisch bedoeld: niemand hier is miljardair, en de recessie helpt ook niet bij dat streven. De bezoekers zijn scharrelaars, pardon, kleine zelfstandigen. De een verkoopt koffiemokken met opdruk, anderen proberen klanten te vinden voor hun gesneden fruit in de vorm van een boeket bloemen, zelf ontworpen juwelen (‘Exclusive: made in China’) en manicures („juist nu moet je goed voor jezelf zorgen”).

Dit zijn de Amerikanen die in de goede jaren leken te profiteren van het schijnbaar gratis geld. Ze kochten woningen die ze eigenlijk niet konden betalen, maakten schulden op creditcards om hun bedrijfjes te beginnen. Nu zitten ze met de afbetaling.

Richard Warren, verkoper van gezondheidsproducten, leidt de Billionaire Breakfast Club en heeft een goede dag. De opkomst is nog nooit zo hoog is geweest. Vijftien bezoekers plus zeven introducés. En niemand is hier omdat de zaken zo goed gaan.

Het doel is ‘verwijzingen’ te vergaren. Iedereen moet vrienden of zakelijke contacten aandragen die de ander dan weer kan benaderen. Om de beurt staan de bezoekers op om hun eigen bedrijf aan te prijzen. Ze hebben dit vaker gedaan en eindigen met reclameleuzen, liefst op rijm. Met applaus als beloning. „Zoek je een cadeau? Ga dan niet naar de mall, give me a call”. Ga niet naar het winkelcentrum, bel mij. Of deze, van een dame met een tweedehandsautobedrijf. „When we say car, you say car lady.” De hele tafel zegt haar na: „Car! Lady!” En Maggie Ryan heeft echt een geweldig product in de aanbieding. Een bedfan, noemt ze het. Een ventilator voor onder de dekens. „Waarom je dit nodig hebt? Kan medisch zijn, of gewoon de menopauze.”

Court Williams, grijs, ringbaardje, rechte rug, is zo iemand wiens carrière de lijn van de Amerikaanse economie heeft gevolgd. Tot het eind van de Koude Oorlog was Williams piloot bij de luchtmacht, daarna stapte hij over naar de commerciële luchtvaart: United Airlines. Hij wist het bedrijfsmatige tumult na de aanslagen van 11 september 2001 te overleven, maar verloor zijn baan alsnog toen het aantal passagiers vorig jaar terugliep en de olieprijzen voor forse verliezen zorgden.

Williams begon zijn eigen bedrijf. ‘While You’re Away’ heet het. Als een huiseigenaar met vakantie is, dan haalt Williams de post van de mat, maait het gras, controleert het alarmsysteem. „Zakt de economie weg, dan neemt de criminaliteit toe.” Lukt het een beetje met zijn bedrijf? „Het is een taaie branche, merk ik – zoals alles nu moeilijk is.” Zijn grootste handicap? Mensen verlaten het huis helemaal niet. Er is even geen geld voor vakantie.

Dag 1, 9:30 uur: Smokey, Pepe en Bailey
4800 West Dewey Drive, Las Vegas

Smokey de chihuahua, Pepe de ShihTzu en Bailey de terriër wonen op de gang. Van een asiel. De drie honden verblijven elk in een kooi niet groter dan vijftig bij vijftig centimeter en als ze eens per week de zandbak in mogen, komen ze nog goed weg vergeleken met soortgenoten.

De drie zitten in een No-kill shelter, zo staat het in kapitalen op de pui. Dat betekent dat de dieren die hier binnenkomen niet worden afgemaakt, in tegenstelling tot de 30.000 andere huisdieren die elk jaar in Las Vegas door hun eigenaren worden weggedaan. Als die niet binnen drie dagen worden opgehaald door een andere eigenaar, worden ze gedood.

Smokey, Pepe en Bailey zijn recessieslachtoffers. Hun eigenaars werden na hypotheekproblemen uit hun huis gezet of konden na het verlies van hun baan geen huisdieren meer betalen. Volgens de huisdierenindustrie kost een kat in Amerika per jaar duizend dollar, een hond 1.400. Vissen niet meegerekend zouden er 230 miljoen huisdieren gehouden worden in de VS. Vorig jaar werd elke dag een dier naar dit asiel gebracht wegens hypotheekproblemen van de eigenaar. Nu is dat vier keer zoveel.

Dat er in dit asiel steeds meer dieren binnenkwamen, daar kon Doug Duke van het asiel wel aan wennen. Maar met de manier waarop ze binnenkomen, heeft hij nog steeds moeite. „Gewond. Of uitgehongerd. Vel over been.” Eigenaars laten de dieren bij voorkeur achter in het lege huis, of rijden met ze de woestijn in. Waar hond of kat het moet opnemen tegen slangen en coyotes.

Duke neemt zijn stadsgenoten niets kwalijk. „Het is menselijk om te ontkennen dat de neergang ook jou raakt. Velen blijven hopen op betere tijden, op het winnen van de loterij, dat alles goed komt. En dan komt de dag dat ze in paniek raken.”

Dag 1, 11:00 uur: Spookcasino
3883 Howard Hughes Parkway, Las Vegas

Vanaf het (lege) parkeerdek van het casino Circus Circus is het uitzicht het beste. Twee immense platen beton op de grond, acht verdiepingen aan staketsels die eruit steken. En geen mens te zien.

Wat het had moeten worden: een gigantisch complex. Vijf hoteltorens met in totaal vijfduizend kamers, casino’s, luxe appartementen, dertig restaurants, cafés, zwembaden, nachtclubs, twee theaters.

Echelon moest 5 miljard dollar kosten en volgend jaar klaar zijn. Maar afgelopen najaar, ten tijde van het omvallen van de bank Lehman Brothers, ging de geldkraan op Wall Street dicht. De toegezegde lening werd ingetrokken. Achthonderd bouwvakkers werden naar huis gestuurd, en de tienduizend banen die het project had moeten opleveren, komen er voorlopig niet. „Niemand kon zien aankomen dat het zo hardnekkig zo slecht zou gaan”, zegt Rob Stillwell. Hij is woordvoerder van Boyd Gaming, Echelons bedenker.

En zo zijn er meer projecten met shownamen die niet doorgaan of uitgesteld zijn: De uitbreiding van Silver Nugget van 200 miljoen. Crown Las Vegas Resort. Plaza Las Vegas Resort. City Center liep vertraging op. En het moederbedrijf van het Tropicana-hotel heeft faillissement aangevraagd.

Woordvoerder Stillwell probeert tegen beter weten in enthousiast te blijven. „Het enige dat we nu hopen is dat bezoekers blijven komen. In elk geval is Las Vegas nu lekker goedkoop.”

Dag 1, 14:45 uur: Bad Boy Bail Bonds
726 Casino Center, Las Vegas

Dertiger Jason Raesbeck heeft het voorkomen van een uitsmijter. Kaalgeschoren hoofd. Zwart shirt, korte mouwen spannen om de biceps, tatoeages piepen eronder uit. Jarenlang werkte hij aan de deur, zegt hij trots. Maar nu heeft hij zijn eigen bedrijf. Klinkt beter, niet?

Raesbeck is eigenaar van Bad Boy Bail Bonds. Hij wordt gebeld door arrestanten, betaalt dan hun borg en zorgt dat ze op vrije voeten komen in afwachting van hun rechtszaak. Het is een ondoorzichtige branche, harde cijfers ontbreken, maar dat niet ver van The Strip zelfs een wijkje is met bedrijfspanden van de branchegenoten is veelzeggend: Bad Boys’ buren zijn onder meer Vegas Bail en Godfather’s Bail Bonds.

In Vegas „gebeuren nogal wat slechte dingen met goede mensen”, zegt Raesbeck. Toeristen denken bijvoorbeeld vaak dat prostitutie hier legaal is, zegt hij. Of dronken achter het stuur kruipen.

Er belanden nog steeds mensen in het gevang. „Maar er zijn grote verschillen tussen vóór en tijdens de recessie. Nu hebben klanten geen geld meer om mij te betalen.”

Bad Boy Bail Bonds rekent 15 procent van de borgstelling, en Raesbeck wordt gedwongen nu ook juwelen, tv’s en bankstellen te accepteren als betaling. Ook heeft hij een ‘handhavingsafdeling’ opgericht, met medewerkers die achterstallige betalingen innen. Zo mogelijk goedschiks.

Raesbeck moet meer van dit soort jongens gaan aannemen naarmate de economie verslechtert. Echt moeilijk hoeft dat niet te worden. Zijn telefoon staat roodgloeiend van de open sollicitaties.

Dag 1, 17 uur: Moeilijke tijden voor El Sombrero
807 South Main Street, Las Vegas

The Strip is Vegas’ officieuze hoofdstraat, maar Main Street is de officiële. Ooit was het een belangrijke doorgangsweg die uitkwam in het oude centrum. Na decennia van verval was de straat net aan een opleving begonnen. De authentieke zaakjes waren weer in trek bij de inwoners van de stad. El Sombrero, het bescheiden restaurantje van Jose Aragon dat hier sinds 1950 zit, profiteerde van de opleving.

Maar als de mannen van de nabijgelegen autogarage na de lunch El Sombrero weer verlaten, wordt het er weer stil. Eigenaar Aragon kon niet anders dan sluiten tijdens de avonduren. „Mensen gaan niet meer uit eten, dus het was niet meer de moeite waard open te blijven.” In plaats van 64 uur is het restaurant nog maar 44 uur per week open en de enige overgebleven werknemers zijn familieleden.

Aragon vertelt het in zijn keukentje. Op zijn koksmuts staat met vette letters ‘Don Jose’ geschreven. Achter hem een foto van een zwaaiende John en Cindy McCain, ze kwamen op campagne langs. Iedereen lijdt, zegt hij. „De vorige recessies overleefden we.” Deze ook? Hij denkt even na. „Dat is te hopen.” Want hij heeft geen idee hoe dat werkt, je eigen vrouw en schoonzus ontslaan.

Dag 2, 7:50 uur: Soep eten met de daklozen
480 West Bonanza Road, Las Vegas

The Strip is vrij van daklozen of bedelaars, de politie jaagt ze eraf om te voorkomen dat toeristen lastiggevallen worden of dat het zicht op de glanzende casino’s verpest wordt. Zijn er dan geen daklozen in de stad? Zeker wel. Ingeklemd tussen twee snelwegen ten noorden van het stadscentrum staat er opeens een rij mensen op de stoep. Ze wachten tot de kerk de deuren opent. Gratis soep.

„Iedereen heeft hier een ander verhaal”, zegt Priscilla Kelly, een van hen. Maar alleen al haar verhaal geeft een inkijkje in de veranderde economie. Ze is blank, vijftig, tot voor kort werkte ze bij een bedrijf dat time-shares in vakantiewoningen verkocht. Nu slaapt ze hier op straat, is ze afhankelijk van de kerk en probeert ze een net voorkomen te houden. Dat lukt redelijk. Hoe ze van een betaalde baan hier terecht kwam? Ze wil er niet meer over kwijt dan „wat ik altijd zeg: we zijn allemaal maar één salarisstrookje verwijderd van dakloos worden”.

Dag 2, 9:00 uur: De Three Square voedselbank
4190 North Pecos Road, Las Vegas

Iets doorrijden naar het noorden en daar staan twee kolossale hallen. Three Square, Vegas’ grootste voedselbank, betrok bij opening anderhalf jaar geleden één van de hallen, maar de vraag naar voedsel explodeerde en het pand van de buren moest erbij. Three Square is het verzamelpunt voor de ruim tweehonderd kerken, buurthuizen en gaarkeukens in de stad die samen de 210.000 inwoners (de helft is kind) van Las Vegas die honger lijden voorzien van eten. Vorig jaar verstrekte Three Square 4,5 miljoen kilo aan voedsel, de vraag is vijf keer zo groot. Tienduizenden worden elke dag weer weggestuurd.

Julie Murray heeft het hier voor het zeggen. Murray, een blonde energieke veertiger, lijkt hier tussen de schappen vol wc-papier en ingeblikte soep minder op haar plaats dan in een goed restaurant op The Strip. Maar vergis je niet, zegt ze, die twee werelden liggen deze dagen dichter bij elkaar dan je denkt. Ze vertelt over een kennis. Zij was „vp”, vicepresident, bij een casinobedrijf, verdiende „zeker 175.000 dollar per jaar”. Ze werd echter tegelijkertijd met haar echtgenoot ontslagen en de maandlasten van het pasgekochte huis werden al snel te veel. „En ze kukelde van de middenklasse naar niks.”

Murray haalt deze dame alleen aan omdat ze haar verhaal kent, niet omdat ze uitzonderlijk zou zijn. „Wij bedienen echt niet alleen maar arme mensen. Ook de middenklasse is in crisis. Daar zit de nieuwe armoede.”

Dag 2, 13:00 uur: Wild J's verkoopt niet langer gouden palen
2923 Industrial Road, Las Vegas

Economische pijn is er in verschillende soorten en maten. Parallel aan de bekende rij casinohotels zit sekswinkel Wild J’s. Bedrijfsleider Linda Maulfir heeft twee soorten klanten. De professionelen: danseressen, prostituees (m/v), masseuses. Deze groep laat het massaal afweten. Investeringen in nieuwe lingerie voor aan de gouden paal in striptenten of verpleegsterspakjes voor op hotelkamers zijn uitgesteld.

Ook Maulfirs grootste klantengroep, toeristen, komt minder en geeft minder uit. Het aantal congressen in de stad loopt terug, het aantal zakenmannen in Wild J’s daarmee ook. Als ze al komen, dan „zorgen ze ervoor dat hun dollar langer meegaat”, zegt Maulfir, die iedereen met „dear” of „sweetheart” aanspreekt, of hij nou in pak of cowboyhoed een videocabine instapt. Ze geeft een voorbeeld. In plaats van de populaire ‘bullet vibrator’ („die vorig jaar nog mijn winkel uitvlogen”) van 27 dollar verkoopt ze nu vooral de versie van 9 dollar.

Wild J’s maakt verlies. En Linda Maulfir weet dat haar bedrijf niet onvermijdelijk het eeuwige leven heeft. Dus ze heeft al haar hoop gevestigd op een nieuwe groeimarkt. „Al die hotelbalzalen zijn perfect voor banenmarkten, honey. Daar komen vast duizenden mensen op af.”

Dag 2, 14:15 uur: Einde van het geheim van Las Vegas
4505 South Maryland Parkway, Las Vegas

Aan de andere kant van de stad zit hoogleraar economie Keith Schwer in een raamloze werkkamer op de universiteitscampus. „De patiënt overleeft het wel”, zegt hij, maar makkelijk is anders. Hij komt met nieuwe sombere cijfers. Het aantal werklozen is in een jaar tijd met 52 procent gestegen. Een op de zeven huurwoningen staat leeg. Het aantal bezoekers van de stad liep met een tiende terug. Schwers conclusie? „We krijgen wat we verdienen.”

Schwer werkt aan de University of Nevada in Las Vegas en als overheden of bedrijven willen weten hoe het met de stad gaat, komen ze bij hem. En dan horen ze: „2009 wordt nogal een deprimerend jaar.”

Schwer geloofde ook altijd in de recessiebestendigheid van Las Vegas, maar nu niet meer. Wat er is veranderd? Las Vegas’ geheim was decennialang dat de stad iets kon bieden wat anderen niet hadden: legaal gokken, goedkoop en een tikje ranzig vermaak. Dat werkte goed.

Maar hoe meer Amerikaanse steden (en Indianenreservaten) de laatste jaren gokken legaliseerden, hoe meer Las Vegas gedwongen werd meer te bieden. Meer luxe. Meer vermaak op niveau. Meer betere restaurants. Ter illustratie: in 2003 verdiende een tiende van de bezoekers meer dan een ton per jaar (in dollars). Vorig jaar was dat een kwart. De bezoekers werden rijker.

Nu Amerikanen en Europeanen collectief de broekriem aantrekken, sijpelt dat door in de lokale economie. Een op de zes vluchten naar de stad is bijvoorbeeld geschrapt, wat banen op het vliegveld en onder taxichauffeurs kost. En elke bezette hotelkamer houdt, omgerekend, twee mensen aan het werk. Als gevolg van al die verminderde uitgaven krijgt de gemeente weer minder belastinginkomsten, die daarop 185 banen heeft geschrapt. Een neerwaartse spiraal.

Schwer is geen psychiater, benadrukt hij, maar hij denkt dat de economische crisis emotionele gevolgen heeft die zullen doorwerken ook als het economisch beter gaat. Laatst was hij bij zijn huisarts. De mannen vroegen elkaar hoe ze de recessie ervaarden. De arts had een somber gezicht getrokken. „Ik krijg de ene depressieveling na de andere binnen.”

Dag 2, 17:10 uur: Depressed Anonymous
3565 East Post Road, Las Vegas

De arts had gelijk: het aantal inwoners van Las Vegas dat maar moeilijk kan omgaan met de economie, groeit. De enige cijfers die enig zicht geven in die ontwikkeling zijn de stijgende bezoekersaantallen van depressie-praatgroepen. Neem Michael. Hij is bij de bijeenkomst van ‘The Las Vegas Chapter of Depressed Anonymous’ en wil zijn verhaal doen. Indachtig de regels van de groep (afgeleid van de anonieme alcoholisten) wil hij zijn voornaam wel geven, zijn achternaam niet.

Michael werkt al jaren bij hetzelfde bedrijf, is zelf niet ontslagen, maar zegt wel te lijden onder het lijden om hem heen. Dat uit zich in eetbuien, die daarop weer gevolgd worden door rigoureuze afslankkuren. Michael trekt aan zijn blauwe overhemd. Kijk maar. Het valt inderdaad ruim.

Buitenstaanders kunnen maar moeilijk omgaan met zijn door de economie aangewakkerde depressie, zegt hij. „Pas nog. Mijn moeder aan de telefoon, met het bericht dat mijn broers worden ontslagen. Nou daar raak ik dus flink overstuur van.” Om rustig te worden heeft hij twee mantra’s opgesteld, die hij avondenlang eindeloos herhaalt. De hele financiële kwestie is te complex om te begrijpen. En: Het individu valt niets te verwijten.

Volgens Michael zijn de meeste van zijn collega’s ook depressief en kunnen ze net als hij niet omgaan met de nieuwe economische realiteit. „Zij zien het als een horrorfilm. Ze weten niet wat hen nog te wachten staat, en willen er ook niet achter komen hoe het monster eruit ziet.” Toen hij een e-mail van zijn baas kreeg dat „alles goed gaat, maak je geen zorgen” begon Michael precies dat te doen. Hij besloot postwissels op te halen, leek hem een veilig idee. Waar haalde je die, vraagt gespreksleider Frank. Het antwoord: bij de bank. En hoe weet je of die bank over een maand nog bestaat? „Oh”, zegt Michael dan. „Daar word ik nou echt somber van.”

Lees meer crisisverhalen via de kaart. Of ga terug naar het overzichtsartikel .


Meer meer minder: crisis in Amerika weergeven op een grotere kaart

Gepubliceerd in:
Crisis in VS
recessie