Goudkoorts aan de Barentsz-zee
De olie raakt op en de gasvelden worden steeds leger. Dus zijn aller ogen gericht op het poolgebied, dat van niemand is en nog vele schatten herbergt. Maar dat vereist nieuwe technieken.
1 juli 2006. In Hammerfest wint het Noorse staatsbedrijf Statoil gas met de meest moderne boorinstallaties op de zeebodem. Het koude Noorse plaatsje beleeft gouden tijden.
Tom Andreassen kan zich nog steeds verbazen over zijn plotseling verworven rijkdom. De chique Audi waarin hij sinds kort rijdt. Het grote huis aan de Barentsz-zee dat hij een week geleden heeft gekocht. 'Wat er met ons stadje gebeurt, is een sprookje', zegt de gedrongen Noor terwijl hij, ver boven de poolcirkel, zijn donkerblauwe sedan langs de besneeuwde kustlijn van Hammerfest stuurt. Andreassen is geen advocaat of succesvol ondernemer. Hij is een kraanmachinist met een omhoog geschoten loon.
In Hammerfest verdient iederéén goed geld. Opeens. Met dank aan de enorme hoeveelheid aardgas die vlakbij in de Barentsz-zee is ontdekt. Vanaf volgend jaar gaat het Noorse staatsbedrijf Statoil het gas met de meest geavanceerde technologieën winnen. Men mompelt al dat hier Europa's grootste energievoorraad voor de toekomst ligt.
Geofysici en seismologen verwachten elders in het arctisch gebied nog veel meer grote gas- en olievondsten. In de buurt van Spitsbergen, in de Beaufortzee, bij Groenland.
Geologen hebben twee jaar geleden op slechts 300 kilometer van de Noordpool sporen van olie gevonden. Er lijkt in het arctisch gebied een gold rush naar olie en gas op gang te komen, gedreven door technologische doorbraken en geholpen door de opwarming van de aarde, die het poolijs doet smelten en het barre gebied toegankelijker maakt voor boringen. Met het vooruitzicht van grote olie- en gasvondsten beginnen Rusland, Amerika, Noorwegen, IJsland en Canada gebieden te claimen die nooit van hen zijn geweest. Dat levert conflicten op. Intussen protesteren milieu-organisaties fel tegen de olie- en gaswinning in het arctisch gebied, uit vrees voor aantasting van ongerepte natuurgebieden en het verdwijnen van planten- en diersoorten zoals de ijsbeer.
'Het voelt alsof we een nieuwe start maken', zegt burgemeester Alf Jakobsen in het gemeentehuis van Hammerfest. Zijn stadje, dat 9.400 inwoners telt, was in verval geraakt. Inwoners trokken weg. Met de ontdekking van het aardgas heeft zijn gemeente weer wat te bieden: werk, goede lonen. Mensen beginnen terug te keren, lokale winkeliers zijn tevreden. De verkoop van auto's, breedbeeld-tv's, badkamers, buitenhuisjes, souvenirs en sneeuwscooters is gestegen.
Maar het gas heeft ook slechte dingen gebracht, zegt Martin Strømme. 'Meer drugs. Geweld.' Hij werkt als kok op Melkøya, het eiland vlak voor de kust waar in hoog tempo een industrieel complex verrijst dat het gas uit de Barentsz-zee gaat winnen en verwerken. Zo'n tweeduizend mannen van over de hele wereld zijn dag in dag uit bezig om dat complex op poten te krijgen. Mannen die ook wel eens wat drank, vermaak en seks willen, en daarvoor aan land moeten. Dat leidt tot wrijvingen met de lokale bevolking. Twee discotheken zijn de afgelopen jaren al gesloten, omdat er te vaak werd gevochten. 'Vrouwen durven in het weekend niet meer uit te gaan', zegt Strømme, terwijl hij in zijn huis een zelfgevangen zalm serveert. Moet Hammerfest wel zo blij zijn met de gasvondst?
Prijsstijgingen
De vraag naar olie en gas stijgt over de hele wereld, met name in China en India, terwijl de productie de laatste jaren juist klappen heeft gekregen. Orkaan Katrina in de Golf van Mexico, oorlog in Irak, ontvoeringen en aanslagen in Nigeria, politieke veranderingen in Venezuela en Bolivia. De afgelopen twintig jaar hebben vraag en aanbod nog nooit zo dicht bij elkaar gelegen. Dat merk je in de prijs. Vijf jaar geleden schommelde die nog rond de 20 dollar per vat. Nu rond de 70. En volgens sommigen is dat nog maar het begin.
Lukt het oliemaatschappijen om in deze tijd van krapte hun productie op te voeren? Vinden ze voldoende nieuwe olie- en gasvelden, weten ze bestaande velden beter te benutten? En slagen ze er tegelijkertijd in om de uitstoot van het broeikasgas co2, dat bijdraagt aan de opwarming van de aarde, voldoende terug te dringen?
'Ik heb een visioen', zei topman Jeroen van der Veer van het Brits-Nederlandse bedrijf Shell een paar maanden geleden tijdens een toespraak in Amerika. Hij is ervan overtuigd dat nieuwe technologieën een belangrijk deel van de oplossing bieden. Technologieën om steeds dieper naar olie en gas te boren, op land en in zee. Om olie te kunnen winnen uit moeilijke bronnen, zoals teerzand en leisteen. En vooral om meer uit bestaande velden te halen. Nu wordt slechts eenderde van de bestaande olievoorraad in een veld gewonnen. Grote oliemaatschappijen, zoals Shell, het Britse bp en het Amerikaanse Chevron, ontwikkelen technieken om dat op te voeren. De eerste resultaten zijn veelbelovend. 'We zien hier aanzienlijke mogelijkheden', zei Van der Veer.
Vijfduizend eieren
Op het eiland Melkøya stromen mannen hongerig de kantine binnen. Het is half zeven 's avonds, er zit weer een werkdag op. Sverre Kojedal, de lokale voorlichter van Statoil, schetst de hoeveelheden voedsel die hier worden verorberd. 'We serveren twee ochtenden in de week roerei met spek. Elke keer heb je daarvoor 5.000 eieren nodig.' Een van de vishandelaren in Hammerfest is door een contract met Statoil opeens schatrijk geworden.
Op het eiland is verder een winkeltje, een bar, een sauna, een fitnesslokaal, een bioscoop. En rijen barakken, met kleine en sobere kamers voor in totaal 1.800 mensen. Een deel van het personeel is ondergebracht op woonboten die bij het eiland en in de haven van Hammerfest liggen. 'Er is niet veel te beleven op Melkøya', zegt Naser Aboutaleb. De vrachtwagenchauffeur komt uit Egypte. In een kleedlokaal trekt hij een zwarte stretchbroek aan en maakt zich klaar om de fitnessruimte binnen te gaan. 'Ik doe aan work-out, en speel soms wat biljart', zegt hij. Het spelletje bingo, een geliefd tijdverdrijf op het eiland, trekt hem niet. Volgens Aboutaleb is er voor ontspanning ook niet zo heel veel tijd. De dagen zijn lang, en zwaar. Hij zegt dat hij er trots op is om bij dit project betrokken te zijn.
Naast hem trekt Knut Ivar zijn sportschoenen aan. De breedgeschouderde Noor is nu nog kraanmachinist. 'Maar ik wil graag een roughneck worden', zegt hij. Zwaar werk doen op het dek van een boorplatform, daar droomt hij van. Niet in de laatste plaats omdat het goed verdient: zo'n 40.000 euro per jaar. En als hij zich verder opwerkt kan dat bedrag makkelijk verdubbelen. Hij sluit het niet uit. Zijn carrière ligt nog voor hem. Ivar is 22 jaar.
Drieduizend kilometer naar het zuiden, in Parijs, inventariseert het International Energy Agency de wereldwijde olie- en gasproductie. Eind vorig jaar publiceerde het vooraanstaande instituut zijn jaarlijkse World Energy Outlook en uitte daarin voor het eerst zijn zorgen dat er waarschijnlijk een tekort aan fossiele brandstoffen zal ontstaan. Landen in het Midden-Oosten en Noord-Afrika investeren veel te weinig in de winning en verwerking van olie en gas, terwijl daar juist de grootste olie- en gasreserves ter wereld liggen.
Dat alles verhoogt de druk om het arctisch gebied te ontsluiten. En de belofte van olie en gas maakt landen gretig. Noorwegen en Rusland strijden om de zeggenschap over een flink deel van de Barentsz-zee, de vs en Canada liggen overhoop over de Beaufortzee, IJsland overweegt een rechtszaak tegen Noorwegen over Spitsbergen. 'Alle staten hebben recht op een 200-mijls zone vanaf de kust, voor visserij en olie- en gaswinning', zegt rechtsgeleerde dr. Alex Oude Elferink van de Universiteit Utrecht. 'Maar als ze aan bepaalde voorwaarden voldoen dan mogen ze hun buitengrens opschuiven.' Die voorwaarden zijn vastgelegd door de Verenigde Naties in het Verdrag van de Zee. Maar volgens Oude Elferink zijn ze voor meerdere interpretaties vatbaar, en dat maakt het lastig. Bovendien kunnen seismologen door het smelten van het poolijs gebieden in kaart brengen die voorheen onbevaarbaar waren. 'Dat kan nieuwe inzichten opleveren', zegt hij.
Havenplaatsen als Moermansk in Rusland en Churchill in Canada anticiperen al op het ontstaan van nieuwe zeeroutes waarmee schepen op weg van Rusland naar Amerika, of van Noordoost-Azië naar Europa, duizenden kilometers kunnen afsnijden. Er wordt druk gebouwd. Het arctisch gebied zal economisch en politiek steeds belangrijker worden. Sommigen zien het al als tegenwicht tegen de opec, de elf olie-exporterende landen die nu bijna veertig procent van de wereldwijde olieproductie in handen hebben. China, India en de Verenigde Staten hebben het Noorse kabinet al te kennen gegeven dat ze graag een rol spelen in de verdere exploratie van de Barentsz-zee.
Optimisme
Op Melkøya maakt niemand zich zorgen over mogelijke tekorten aan olie en gas. Integendeel. Hier heerst juist optimisme omdat het complex vanaf volgend jaar enorme hoeveelheden gas aan Europa en Amerika gaat leveren. Geen gewoon gas, maar lng, liquefied natural gas. Dat is afgekoeld tot min 163 graden Celsius, waardoor het vloeibaar wordt, sterk in volume krimpt en met schepen kan worden vervoerd. lng veroorzaakt een revolutie in de gaswereld. Zolang die wereld met pijpleidingen aan elkaar hangt zijn producent en afnemer voor tientallen jaren aan elkaar gekoppeld, lng maakt de handel in gas een stuk flexibeler. Voor Europa is Hammerfest trouwens de eerste locatie waar lng wordt geproduceerd en verscheept.
Melkøya was een paar jaar geleden nog zo goed als leeg, vertelt voorlichter Kojedal. 'Er stonden vier huisjes, meer niet', zegt hij terwijl hij zijn gezicht achter de opstaande kraag van zijn jas probeert te beschermen tegen de vrieskoude wind die over het eiland raast. Nu is het een wirwar van glimmende buizen en pijpen, een komen en gaan van vrachtwagens. Op het terrein staan vier enorme opslagtanks, voor het toekomstige gas. Overal zijn mannen bezig. Ergens laat een kraan een pijp zakken. De pijp dreigt tegen een steiger te botsen. Even is er paniek. Een man in een feloranje pak, met een stoere, donkere zonnebril op, houdt de pijp net op tijd tegen. Even later wijst Kojedal aan door welke buis het gas straks vanuit zee het complex zal binnenstromen. 'We verwachten de komende decennia meer te vinden', zegt hij.
Het eerste gas in de Barentsz-zee werd al begin jaren tachtig ontdekt, zegt Kojedal. Plannen om het te winnen zijn de afgelopen twintig jaar twee keer gesneuveld, omdat het te duur zou worden. Maar de kosten zijn inmiddels drastisch verlaagd. Volgens de laatste berekeningen vraagt het project nog steeds een investering van 7 miljard euro, een van de grootste in de geschiedenis van Noorwegen. Maar het levert, uitgaande van de huidige gasprijs, uiteindelijk zeven maal zoveel op. 'Er is iets gebeurd, en het heet technologie', zegt Kojedal. Statoil heeft het project overigens genoemd naar het grootste van de drie, tot nog toe ontdekte gasvelden: Snøvhit, ofwel Sneeuwwitje.
Statoil heeft ervoor gekozen om geen platforms op het zee-oppervlak te bouwen. Ze staan op de zeebodem, op een diepte van 300 meter. Drie stuks, elk zo groot als een huis. Ze zijn onbemand, wat flink bespaart op personeelskosten, en worden vanaf Melkøya bestuurd en gecontroleerd via een dikke kabel die in de zeebodem is weggewerkt. 'Die kabel noemen we de navelstreng', zegt Kojedal. De drie platforms pompen gas op dat zich tweeëneenhalve kilometer lager bevindt in aardlagen van 100 tot 150 miljoen jaar oud. Het gas gaat daarna door een pijpleiding naar de kust, 140 kilometer verderop. 'Deze onderzeese oplossing is niet helemaal nieuw', zegt Kojedal. 'Maar het is nog nooit over zo'n grote afstand geprobeerd.'
Verder heeft Statoil samen met het Duitse bedrijf Linde een nieuwe technologie ontwikkeld om het gas af te koelen tot de gewenste min 163 graden Celsius. Een bedrijf als Shell past die inmiddels ook toe. De volgende stap is om het gas niet eerst helemaal naar land te transporteren en het daar tot lng te verwerken, maar alles op zee te doen, vlakbij het gasveld. Een lng-schip wordt daarvoor gekoppeld aan een drijvend platform waarop alle installaties extreem compact staan opgesteld. Statoil werkt aan deze ontwikkeling, samen met het Duitse Linde en een ander Noors bedrijf.
De grootste kostenbesparing heeft Statoil bereikt door grote onderdelen van het complex elders te laten bouwen en kant-en-klaar naar Melkøya te laten verschepen. 'Het slechte weer, de gebrekkige infrastructuur hier in het noorden en de hoge loonkosten in Noorwegen zouden het allemaal erg duur hebben gemaakt als we alles ter plekke hadden willen doen', zegt Kojedal. Zo is de zestig meter hoge koeltoren rechtopstaand per boot vanaf Bremen verscheept. En de enorme procesinstallatie die het gas in verschillende componenten scheidt, is in Cadiz op een speciaal schip gezet. Of eigenlijk andersom. Het gebruikte schip - de Blue Marlin, die in Nederlandse handen is - heeft zich eerst half onder water laten zakken, is vervolgens onder zijn loodzware vracht geschoven en daarna weer omhoog gekomen. Statoil had voor de procesinstallatie een dok gemaakt op Melkøya, vertelt Kojedal. 'Daar is de boot ingevaren. Hij heeft de installatie op zijn plek gezet, is daarna weer een stuk onder water gezakt en langzaam uit het dok gevaren. Een staaltje vakmanschap', zegt hij. Het dok is vervolgens dichtgestort met beton en gravel. En werd zo het fundament van de procesinstallatie.
Fucking saai
De turbulente wereld van de olie en het gas interesseert Carina Gamnes geen zier. Op een doordeweekse dag lucht ze in een van de lokale bars in Hammerfest haar hart. 'Het is hier fucking saai', zegt de kleine blonde vrouw. 'Sinds mijn vijftiende heb ik zes keer geprobeerd hier weg te komen, maar ik ben er nog steeds.' Gamnes is onderwijzeres op een van de kleuterscholen. Haar vriendin naast haar is stomdronken. Op de achtergrond begroeten kerels elkaar via het opsteken van de middelvinger. Volgens de onderwijzeres zijn er vaak problemen met de mannen van Melkøya. 'Ze zoeken ruzie, en de politie doet niks.'
Kine Hendriksen, medewerkster op het toeristenbureau, zegt dat het niet altijd de mannen van Melkøya zijn die voor problemen zorgen. Als een eilander in Hammerfest een vrouw probeert te versieren, vinden de lokale mannen dat niet altijd goed. 'Dan wordt het vechten.' In elk geval gaat zij niet meer uit in het weekend. 'De lol is eraf.'
In Hammerfest heeft zich nog een andere grote verandering voorgedaan, zegt Hendriksen. 'De huizenprijzen gaan door het plafond.' Doordat mensen terugkeren, zowel lager- als hogeropgeleiden, is er grote vraag naar allerlei typen huizen. 'Een half jaar geleden heb ik naar een woning gekeken die 730.000 kronen kostte (94.000 euro). Daar betaal je nu makkelijk 900.000 kronen voor.' Er zijn volgens haar zelfs appartementen die voor twee miljoen Noorse kronen (260.000 euro) weggaan. Timmerlui, loodgieters en bouwvakkers beleven gouden tijden in Hammerfest.
Dat is precies de reden waarom Christer Andreassen en Knut Johnsen hiernaartoe zijn gekomen. 'We verdienen anderhalf keer zoveel als normaal', zegt Andreassen. 'We komen uit Lofoten, 400 kilometer zuidelijker', voegt Johnsen eraan toe. In Hammerfest moeten de twee bouwvakkers de fundering leggen voor een gebouw dat 24 appartementen herbergt. Ze zitten been aan been naast elkaar, op een klein bankje in hun tijdelijke onderkomen: een caravan op het bouwterrein. De televisie staat aan. Ze kijken naar de Noorse versie van het muziekprogramma Idols. Buiten trekken flarden noorderlicht langs de koude, nachtelijke hemel.
De olie- en gaswinning in de Barentsz-zee kan rekenen op felle kritiek van de Noorse milieu-organisatie Bellona. Ze vreest onder meer voor lekkages tijdens het boren, zoals dat afgelopen maart in Alaska gebeurde. Het was het grootste ongeluk met een pijpleiding aan land, aldus Bellona. Dat kan in de Barentsz-zee net zo goed gebeuren. Vlak voor de kust van de noordelijkste provincie, Finnmark, liggen enkele broedgebieden van de karper. Iets verder naar het zuiden plant de kabeljauw zich voort, en langs de kust nestelen grote populaties zeevogels, waaronder de Jan van Gent en allerlei soorten meeuwen. Die lopen gevaar. De overheid heeft onlangs wel een zone ingesteld vanaf de kust tot 50 kilometer in zee, waar oliemaatschappijen tijdelijk geen nieuwe activiteiten mogen starten, maar de vier projecten die hier al lopen mogen gewoon doorgaan. 'Daar begrijpen we niks van', zegt een woordvoerster.
Statoil maakt volgens Bellona ook onterecht goede sier met een van zijn technologische innovaties. Het bedrijf gaat het broeikasgas CO2 uit het aardgas halen, en pompt dat via een aparte pijpleiding terug in de gasvelden op zee. Deze kooldioxide komt daardoor niet in de atmosfeer terecht, en kan zo niet bijdragen aan de opwarming van de aarde. Maar Bellona wijst erop dat op Melkøya ook nog een gasgestookte centrale staat die het eiland en de onderzeese platforms van stroom voorziet. De co2 die deze centrale uitstoot wordt niet weggevangen. 'Statoil kan dus wel doen alsof ze een oplossing voor het co2-probleem heeft, maar dat klopt niet', zegt de woordvoerster. Kojedal van Statoil geeft dat toe. 'We hebben nu de helft van het probleem opgelost.'
Cultuurhuis
Ondanks deze zorgen is burgemeester Jakobsen van Hammerfest vooral blij met het Snøvhit-project. Zijn stadje leefde van de visserij en het toerisme, maar heeft er nu een derde inkomstenbron erbij: Statoil. Het bedrijf betaalt jaarlijks 110 miljoen Noorse kronen (14 miljoen euro) aan allerlei belastingen. 'Met dat geld kunnen we bijvoorbeeld onze scholen opknappen', zegt Jakobsen. In de haven, op de plek waar tot voor kort een visverwerkingsfabriek stond, wordt een cultuurhuis gebouwd, met ruimte voor exposities, een bioscoop en een discotheek. Industrieterreinen worden uitgebreid. Dat er met het gasproject ook meer geweld is gekomen, geeft Jakobsen toe. 'Wat wil je? Er zitten 62 nationaliteiten op het eiland. Je krijgt een cultuurclash.' Maar volgens de burgemeester is de storm inmiddels wel gaan liggen. 'De politie reageert sneller', zegt hij.
Ook Kojedal van Statoil zegt dat de problemen zijn afgenomen. De regels op het eiland zijn aangescherpt. Het bezit van drugs is verboden. Als arbeiders dronken worden en problemen veroorzaken, worden ze meteen ontslagen. Maar Martin Strømme, die als kok op Melkøya werkt, weet wel beter. 'Drie weken geleden heeft de politie nog een razzia gehouden op het eiland. Ze hebben behoorlijk wat drugs gevonden.' Hij kijkt er niet van op. 'Achttienhonderd mannen op een eiland, en weinig te doen. Hoe moet je dat in de hand houden?'
In Hammerfest lopen de zaken steeds beter. Arvid Sjögren stond vijf jaar geleden op het punt om te verhuizen, samen met zijn vrouw. Maar toen kwam het Snøvhit-project. En daarmee het werk. Sjögren levert hydraulische systemen. 'Mijn omzet is de afgelopen jaren verdubbeld. Ik heb drie nieuwe mensen aangenomen', vertelt hij thuis, op een grijsgroene bank. Binnenkort krijgen hij en zijn vrouw hun eerste kind.
Maar niet iedereen is zo enthousiast. Arvid Gagama heeft vijf van zijn beste mensen aan Statoil verloren. 'Ze stelen graag van ons', zegt hij op zijn kantoor in de haven. Gagama runt een bedrijf in elektronica. Er werken dertig mensen. Voor een klein bedrijf als het zijne is het moeilijk concurreren met een reus als Statoil. 'Ze betalen beter, en bieden meer carrièrekansen', zegt hij. Als iemand de kans krijgt om onderdeel te worden van een enorme organisatie met een sterke economie, dan grijpt hij die. Dat begrijpt Gagama ook wel. 'Maar voor mijn bedrijf brengt dat niks goeds.'
Vijftig kilometer landinwaarts vanaf Hammerfest ligt Skaidi, een geliefd vrijetijdsoord. De schoonvader van kok Martin Strømme runt er een hotel. 'Steeds meer mensen uit Hammerfest laten hier een vakantiehuisje bouwen', zegt Strømme terwijl hij zich een weg baant door de sneeuw, die wel een halve meter hoog ligt. De huizen worden groter en groter, en weerspiegelen de toenemende rijkdom. In omringende dorpen leidt het tot afgunst, zegt zijn vrouw Kjersti. 'Ze willen meeprofiteren van het grote geld.'
Op de veranda van een van de huisjes leunt Steinar Arnesen ontspannen over de balustrade. Hij is op vakantie met zijn vrouw, twee kinderen en zijn ouders. Arnesen werkt sinds drie jaar bij Statoil. Volgend jaar is hij een van de 180 werknemers die in het industrieel complex op Melkøya gaat werken. Hij krijgt nu speciale simulatietrainingen in het bedienen van de controlekamer. 'Straks gaan al die tweeduizend mannen die nu tijdelijk op het complex werken weg naar een volgende klus ergens anders op de wereld. Ook de barakken verdwijnen.' Opa maakt het pad vrij met een sneeuwschuif. Voor het huisje staan twee glimmende sneeuwscooters.
Litteken
Terug in zijn huis in Hammerfest vertelt Strømme tijdens het door hem zelf bereide diner (zalm uit de oven met gepofte aardappeltjes en komkommerschijfjes in een vinaigrette) dat hij al vier maanden met ziekteverlof is. Hij toont een lelijk litteken op zijn linkerhand. Hij was bezig met het opknappen van zijn huis - het inhuren van timmerlieden zou te duur worden, en ze waren allemaal het eerste halfjaar volgeboekt. Zijn vriend hielp hem en schoot per ongeluk met de automatische nagelmachine een tien centimeter lange nagel dwars door zijn hand.
Als hij ervan kon leven, zegt Strømme, zou hij het liefst rondleidingen geven in het prachtige Skaidi. 'Om mensen te leren vissen', zegt hij, terwijl een grote, zwarte lobbeshond bij zijn voeten gaat liggen. 's Winters ijsvissen, en 's zomers vissen op zalm. Uit een kast pakt hij een kistje met gele en rode kunstvliegen. 'Hiermee vis je op zalm', zegt hij met liefde en trots. 'Afhankelijk van de inval van het zonlicht, kies je de juiste kleur vlieg.' Maar hij zou ook best graag naar het Russische gedeelte van de Barentsz-zee gaan, waar binnenkort het Sjtokman-project van start gaat. Dat is te vergelijken met Snøvhit, alleen een paar maten groter. 'Dat zal ook wel wat beter betalen', zegt hij.
Sjtokman is een van de grootste gasvelden ter wereld. De technologische uitdagingen zullen er nog groter zijn dan voor de kust van Hammerfest. De afstand vanaf havenplaats Moermansk tot het Sjtokman-veld is maar liefst 550 kilometer. En dan ligt Hammerfest ook nog in een betrekkelijk warme golfstroom. Het Sjtokman-veld niet. Er drijven ijsbergen die bij de werkzaamheden op zee voor veel problemen kunnen zorgen. Maar als het broeikaseffect doorzet, en het poolijs verder smelt, zou dat probleem wellicht vanzelf verdwijnen. Het enthousiasme over het project is in elk geval groot.
Eenzelfde optimisme heerst nu bij de grote oliemaatschappijen. Zij verwachten veel van een nieuwe technologische ontwikkeling die smart fields heet. Slimme velden. Een paar maanden geleden was er een congres over in Amsterdam. De pijpleidingen in zo'n slim veld zitten volgepropt met sensoren en kleppen die van grote afstand te bedienen zijn, legt Pieter Kapteijn van Shell uit. 'Zo heeft de controlekamer een veel betere greep op de vloeistofstromen in een veld', zegt hij. Technici kunnen veel beter bepalen waar en wanneer ze water moeten injecteren, om de olie eruit te drukken. Sensoren kan ook 'geleerd' worden te reageren als ze zand detecteren, legt een Amerikaanse ingenieur uit. De pijpleiding sluit dan meteen. 'Zand in het systeem is een ramp. De productie ligt een tijd stil en dat kost handen vol geld', zegt hij. Met de smart field-technologie is de opbrengst van een veld met vijf tot tien procent te verhogen, weten oliemaatschappijen inmiddels uit de eerste proeven. 'Het enthousiasme hierover is groot', beweert Kapteijn. Volgens hem is er sprake van een technologische renaissance.
Dertiende eeuw
Op een paar kilometer van Hammerfest staat kraanmachinist Tom Andreassen op het balkon van zijn net gekochte huis. Hij kijkt uit op de glinsterende Barentsz-zee en wijst naar een stuk land dat de zee insteekt. 'Ze hebben pas ontdekt dat daar in de dertiende eeuw de doden werden begraven', zegt hij. Het werk van de archeologen heeft de bouw van een aantal olieterminals ter plekke vertraagd. Als hij weer beneden aan tafel zit, verklapt hij dat hij nu 480.000 Noorse kronen per jaar verdient, ongeveer 60.000 euro. Dat is de helft meer dan vijf jaar geleden. Hij koopt nu vooral merkkleding, en heeft in Skaidi samen met zijn moeder een huisje op de kop getikt. Er is zoveel veranderd, zegt hij. 'In 2000 vertrok ik met mijn vrouw naar Oslo, omdat we hier geen werk konden vinden.' Ze kregen twee kinderen, maar ook in de hoofdstad liep het niet goed. Andreassen en zijn vrouw gingen apart wonen. Inmiddels zijn ze allebei terug in Hammerfest. En hebben werk. Ze denken erover om weer bij elkaar te gaan wonen. 'Ik hoop nog tot mijn pensioen bij mijn huidige baas te kunnen blijven', zegt Andreassen, net 29 jaar oud. Binnenkort gaat hij een nieuwe sneeuwscooter kopen. Hij loopt de keuken uit, langs de tv. 'Let er niet op', zegt Andreassen. 'Die is oud. Daar komt een breedbeeld te staan.'
