Nederland scoort hoog in tapranglijst
Rotterdam, 3 sept. Justitie heeft vorig jaar 26.425 telefoonnummers afgeluisterd. In 90 procent van de gevallen werd een mobieltje afgetapt, bij de overige 10 procent ging het om gesprekken die via een vaste telefoonaansluiting werden gevoerd.
Dat heeft minister Ernst Hirsch Ballin (CDA) van Justitie gisteren aan de Tweede Kamer geschreven. In de statistieken zijn niet de taps van de inlichtingen- en veiligheidsdiensten opgenomen – die aantallen zijn staatsgeheim.
Het KLPD tapt de telefoons af voor alle politiekorpsen, de bijzondere opsporingsdiensten en de marechaussee. Een officier van justitie doet het verzoek, dat moet worden goedgekeurd door de rechter-commissaris. Een tapbevel geldt voor maximaal vier weken, kan steeds met vier weken worden verlengd – als de rechter-commissaris daarmee instemt. Volgens de minister blijkt uit onderzoek dat de tap een effectief opsporingsmiddel is.
Kamerfracties wilden weten waarom het aantal telefoontaps in Nederland afwijkt van de getallen in de VS (2.208) en het Verenigd Koninkrijk (1.881). In Duitsland kwam de teller in 2007 uit op 44.000 taps, in België op 3.603 en in Frankrijk op 26.000 (2008).
Volgens Hirsch Ballin valt er geen conclusie te trekken uit de vergelijking, omdat de rechtstelsels te zeer van elkaar verschillen.
