Verdiepen Westerschelde mag hervat
Rotterdam, 13 jan. Het verdiepen van de vaargeul van de Westerschelde mag doorgaan. De Raad van State heeft vandaag bezwaren ongegrond verklaard.
De gevolgen van de verdieping voor het beschermde natuurgebied zijn volgens de Raad van State niet zó onzeker dat het kabinet de vergunning niet had mogen afgeven.
Een half jaar geleden legde de Raad van State de voorbereidende werkzaamheden nog stil, omdat de schade aan de natuur niet kon worden uitgesloten. Nader onderzoek heeft onduidelijkheid daarover verminderd.
De uitspraak van de Raad van State een half jaar geleden leidde tot een storm van protest in Vlaanderen. Dat heeft groot belang bij het uitbaggeren; daardoor kunnen ook diepe containerschepen de haven van Antwerpen snel bereiken. De kwestie leidde tot een politieke rel op het hoogste niveau.
De Westerschelde zal over een lengte van 66 kilometer op twaalf plaatsen worden uitgediept. De vrijkomende bagger zal geleidelijk worden gestort aan de randen van de zandplaten die de Westerschelde kenmerken.
Milieugroeperingen trokken eerder hun bezwaren in, nadat het kabinet na lang wikken en wegen had besloten de Hertogin Hedwigepolder in Zeeuws-Vlaanderen te ontpolderen. Door de polder terug te geven aan de natuur voorziet het kabinet in het door hen gewenste natuurherstel van de Westerschelde als geheel. Dat natuurgebied bevindt zich volgens het kabinet in een slechte staat.
