Gezellig, eten over je eigen hoofd heen smeren
De studentenvereniging beloofde gezellig te zijn, dus meldde mijn dochter zich aan voor de kennismakingstijd. Lid is ze echter niet geworden, schrijft Jet Heerdink.
De moed zakte haar in de schoenen toen zij het boodschappenlijstje voor de kennismakingstijd (KMT) van de studentenvereniging onder ogen kreeg: 7,5 rauwe eieren, een witte string, een gele panty, vingerverf. Onze achttienjarige dochter – vwo-diploma op zak, een maand reizen door Europa achter de rug – was bang voor „kinderachtige toestanden”. Maar omdat zij gehoord had dat het zo’n gezellige vereniging was, begon zij er toch maar aan.
Na drie dagen wilde ik haar vanwege ziekte in de familie spreken. Zij was „ergens op kamp”, waar kon ons niet worden verteld. Onze dochter had haar mobiel, portemonnee, ov-jaarkaart en contactlenzen moeten inleveren. Het duurde dan ook even voordat ik haar via via aan de lijn kreeg. Was dat onze opgewekte, zelfbewuste dochter? Suf, in de war, huilerig.
Hoe „kinderachtig” was die KMT eigenlijk?
De volgende twee dagen hadden wij af en toe telefonisch contact. Door de situatie in onze familie werd dat toegestaan. Omdat er op haar werd gelet, kon onze dochter echter niet vrijuit spreken. Af en toe fluisterde zij dat zij het verschrikkelijk vond, en dat zij weg wilde. „Dat mensen zó met anderen omgaan, en dat mensen zich zó door anderen laten behandelen.” Aan de andere kant dacht zij het ook wel te kunnen „volhouden”.
De KMT ‘kinderachtig’? Absoluut niet. Onze dochter had zich opgegeven voor een strafkamp waarin ouderejaarsstudenten ongebreideld eerstejaars treiterden en vernederden.
Na nog twee dagen en weer een emotioneel telefoongesprek met onze dochter zijn wij naar de sociëteit gegaan. Daar waren de eerstejaars inmiddels ondergebracht. Wij werden opgevangen – en tegengehouden – door de voorzitter van de vereniging die wel begreep dat onze dochter gezien de familiesituatie graag naar huis wilde. (En natuurlijk had hij ook heel goed door dat zij het met deze vereniging helemaal gehad had.) Toen wij een paar dagen later de rest van haar spullen kwamen halen – onze dochter lag op bed met oorontsteking – vertrouwde hij ons toe dat hij graag een afsluitend gesprek met haar wilde hebben om „het toneelstuk” van de voorgaande dagen toe te lichten.
Een paar scènes uit dat toneelstuk:
- Op de eerste dag van de KMT kregen de eerstejaars ’s avonds om 11 uur een bord warm eten. Zij moesten dat een half uur laten staan en vervolgens binnen één minuut leegeten. Een aantal studenten viel flauw van de honger.
- Douchen en schone kleren aantrekken was de eerste dagen niet toegestaan. De ‘foeten’ en ‘foetinnen’ – zo werden zij voortdurend aangesproken – liepen in natte, vuile kleren. Ik heb ze zien rondlopen: bekaf, onder de modder, met vette haren en rode ogen, geen lachje kon eraf, als zombies.
- Continu werden de eerstejaars gestraft: als straf door de modder kruipen, als straf je boterham over de grond halen en daarna opeten, als straf je bord met eten over je hoofd leegsmeren.
- De vereniging had ons toegezegd dat de eerstejaars minimaal zeven uur per etmaal zouden kunnen slapen. De eerste dagen hebben zij echter amper vier uur rust per nacht gekregen. Soms werden zij na een uur weer wakker gebruld.
Dat brullen vond onze dochter nog het ergste: de hele dag werd er tegen de eerstejaars geschreeuwd. Overigens was een van die schreeuwers getooid met de functie ‘kampbeul’. Dat staat doodleuk achter zijn naam in het introductieboekje.
Dat alles speelde zich vorige week af. Anno 2008. In welk land wordt ook al weer zoveel gebazeld over normen en waarden?
En wie subsidieert eigenlijk deze studentengezelligheidsverenigingen? Antwoord: de overheid, via de universiteiten.
|
‘Lid worden is en blijft een vrijwillige keuze’ Hoogleraar politicologie en oud-corpslid Meindert Fennema schreef afgelopen zaterdag in deze krant een kritisch stuk over ontgroening bij het corps: „(...) de groentijd [is] weer volledig terug. Rauwe eieren eten, in ijswater zitten met een brandende kaars in je mond, al kikkerend je eigen naam kwaken.” In een reactie weerlegde student en corpslid Floris-Jan Bekkering deze kritiek:„[De ontgroening] gaat niet om het kleineren van mensen, maar om het pogen hen boven zichzelf te laten uitstijgen. Daar zit de kracht en de kern van de groentijd.” Op nrc.nl/voortegen zette de discussie zich voort. Discussiant Pieter van der Velde schreef: „Belangrijk feit blijft dat lid worden van een studentenvereniging met ontgroening een vrijwillige actie is. En bovendien kun je er altijd mee stoppen.” |
