Een gezonde bank ziek maken kan verstandig zijn
Spaarders die geld van hun rekening halen zodra het gerucht gaat dat de bank in problemen is, hoeven niet in paniek te zijn, beredeneert Henriëtte Prast. Zij zijn juist heel rationeel bezig.
Het gerucht dat een gezonde bank ziek is, lokt gedrag uit dat die bank inderdaad ziek maakt. Het is een dodelijke combinatie van individueel rationeel, maar collectief irrationeel gedrag. Zouden individuen hun gedrag kunnen coördineren – samen afspreken de bank niet ziek te maken – dan was dat voor iedereen beter.
Op het moment dat het gerucht dreigt dat ING in de problemen is, kun je er gif op innemen dat die problemen ook ontstaan, hoewel de bank in wezen gezond is. En toch is ‘blinde paniek’ een van de krachttermen waarmee nogal wat media de gemoedstoestand hebben beschreven van spaarders die in oktober 2008 hun geld van hun Fortisrekening haalden. Volgens psycholoog Jaap van Ginneken zijn consumenten en de financiële wereld zelfs in de greep van een „massapsychose”.
Nu ben ik een groot voorstander van het rekening houden met de psyche van mensen, en economen hebben er in het verleden een handje van gehad om onvoldoende naar psychologen te luisteren. Maar Van Ginnekens diagnose klopt niet. Want naar de bank rennen om je geld op te nemen, kan perfect rationeel zijn, zelfs als je weet dat de bank gezond is. Een kerngezonde bank wordt namelijk ziek als groepen rekeninghouders plotseling grote bedragen opnemen. Het gerucht dat een bank ziek is, lokt daardoor gedrag uit waardoor die bank, hoe gezond ook, ziek wordt. Het is een self-fulfilling prophecy: een voorspelling die in beginsel niet klopt, maar die een proces op gang brengt waardoor zij toch uitkomt. De term is midden vorige eeuw bedacht door de Amerikaanse socioloog Robert K. Merton, die daarbij het volgende voorbeeld gebruikte.
Stel, er is een gerucht in de markt dat een bank in de problemen is. En stel, een spaarder weet dat het gerucht niet klopt. Maar hij weet ook dat als er spaarders zijn die het gerucht wel geloven, de bank het verder kan vergeten. Die bange spaarders halen namelijk hun geld weg, waardoor ze de gezonde bank ziek maken.
Dat werkt als volgt: een bank is gezond, of solvabel, als de bankbezittingen groter zijn dan de bankschulden. De schulden, dat zijn voornamelijk de bedragen die rekeninghouders bij de bank hebben gezet. De bezittingen zijn bijvoorbeeld vorderingen op diezelfde rekeninghouders en op andere klanten: consumptief krediet en hypothecair krediet, met onroerend goed als onderpand. Maar ook het onroerend goed dat de bank zelf in bezit heeft, aandelen in bedrijven, en het bedrijfskrediet zijn bezittingen van de bank.
De banken hebben niet al het geld in kas dat rekeninghouders er hebben gestort. Sterker nog, ze houden dat zo laag mogelijk, want het levert niets op. Een bank weet hoeveel geld er gemiddeld per dag wordt opgevraagd, en zorgt ervoor dat in kas te hebben. Wordt er onverwacht wat meer opgenomen, dan leent de bank bij andere banken, en als dat niet lukt omdat alle banken krap zitten, bij de centrale bank.
Als er onverwacht een heleboel rekeninghouders hun geld opnemen, dan komt de bank in liquiditeitsproblemen. De bank is nog steeds gezond – solvabel – want zijn bezittingen zijn groter dan zijn schulden. Maar het geld zit vast. In aandelen, in hypotheken, in obligaties, in leningen aan bedrijven, in onroerend goed. De bank kan moeilijk bij een hypotheekklant aankloppen en zeggen: er zijn ineens veel spaarders die hun geld opvragen, dus ik heb uw geld nu nodig, u moet meteen aflossen.
De bank moet dus bij andere banken lenen, of aankloppen bij de centrale bank, of beide. Als het om heel grote bedragen gaat, dan moet de bank tegen haar zin bezittingen verkopen. Door het grote aanbod krijgt de bank slechts dumpprijzen voor zijn kostbare bezittingen. De waarde van de bezittingen kan zelfs lager worden dan de schulden, dat wil zeggen de tegoeden van de rekeninghouders. Van lieverlee wordt de gezonde bank ziek en valt om.
Mertons conclusie was dan ook dat mensen die het hoofd koel houden en die niet geloven in geruchten over de vermeende ziekte van een bank, volledig rationeel handelen als ze hun geld er zo snel mogelijk weg halen. Want hier geldt ‘wie het eerst komt, wie het eerst maalt’. Hoezo blinde paniek, hoezo massapsychose? Wie zijn geld niet weghaalt in zo’n situatie: die is pas blind.
Gelijk hebben en gelijk krijgen is niet hetzelfde. En al helemaal niet op financiële markten. Daarom heeft de overheid geen andere keus dan het helpen van een gezonde bank.
Henriëtte Prast bekleedt de leerstoel persoonlijke financiële planning aan de Universiteit van Tilburg en is lid van de WRR.
Gerelateerde artikelen:
- ING-redding van Bos creëert nodeloos risico
- ING-redding van Bos creëert nodeloos risico
- ING-redding van Bos creëert nodeloos risico
- Eindelijk weer een bevrijdende crisis!
- Het Rijnlandse model en de Chinese variant op kapitalisme worden aantrekkelijker
- Wij bankiers moeten ons schamen
- Dit is niet het einde van het kapitalisme
- Europees bankenplan is goed. Maar red geen zwakke bank
- Europees bankenplan is goed. Maar red geen zwakke bank
- Europees bankenplan is goed. Maar red geen zwakke bank
- India, Brazilië en China moeten G7 bijstaan
- India, Brazilië en China moeten G7 bijstaan
- India, Brazilië en China moeten G7 bijstaan
- Media verergeren de financiële crisis door het gebruik van oorlogstermen
- Media verergeren de financiële crisis door het gebruik van oorlogstermen
- Wel een crisis, maar nu geen oorlogstrauma
- Wel een crisis, maar nu geen oorlogstrauma
- Wel een crisis, maar nu geen oorlogstrauma
- We moeten de waardigheid behouden – vooral in tijden van crisis
- Met moed en visie komt economisch herstel in 2009
