PvdA verlaat op botte wijze leugenachtig multiculturalisme
Het mag stoer klinken, ‘grenzen stellen’ aan wat migranten mogen. Maar het integratieprobleem anno 2009 is het gevolg van een lange praktijk van zachte heelmeesters en stinkende wonden. Dáár zou de PvdA kritisch over moeten nadenken.
De resolutie van PvdA-voorzitter Ploumen en de haren is, wat je er verder ook van kunt zeggen, een dappere poging om de verdeeldheid in de PvdA te lijf te gaan. Dat doet men door in ferme, weinig verhullende taal een aantal klappen ineens te maken. Er wordt een harde aanpassingskoers geformuleerd. Men kiest voor een vermetele vlucht naar voren uit de impasse van het integratievraagstuk, de impasse zowel in de samenleving als in de eigen partij. Het is mooi geweest. Het moet over zijn met de onverschilligheid, met de neptolerantie en de verdeeldheid.
Hoewel het niet met zoveel woorden wordt gezegd, zit in de tekst een grondtoon van een radicale keuze voor het concept van ‘medelanderschap’. Iedereen moet Nieuwe Nederlander worden, allochtoon én autochtoon, zodat we die lelijke begrippen eindelijk eens achter ons kunnen laten. De resolutie: „De overheid kan een brug bouwen over een rivier, maar niet tussen u en uw buurman. Dat moet u zelf doen. Het Nederland dat de Partij van de Arbeid voor ogen staat is een land waar deze bruggen geslagen zijn. Waar iedereen zegt: „Dit is ons land. En wij zijn van dit land.”
Akkoord. Het is allemaal weinig subtiel, weinig charmant en nogal bot-Hollands geformuleerd, maar als stootrichting vind ik dit moedig gekozen. Ik herken in de tekst, ondanks alles, een nieuw ideaal van sociale cohesie en een moedig verzet tegen de fragmenterende krachten van multiculturele immigratie en individualisering die juist het sociaal-democratisch samenlevingsmodel kunnen bedreigen en ondermijnen.
In termen van achterstallig onderhoud is het cruciaal dat de PvdA haar langdurige verlegenheid en verdeeldheid inzake het immigratie- en integratievraagstuk scherp onder ogen ziet. En dat zij eindelijk eens reageert op de kortsluiting en vervreemding die door het langjarig PvdA-beleid inzake immigratie en integratie optraden met grote delen van haar traditionele achterban.
De migratieblues van met name veel autochtone Nederlanders wordt voor het eerst vlijmscherp opgeschreven in deze resolutie. „De Partij van de Arbeid erkent het maatschappelijk onbehagen en de problemen die integratie met zich meebrengt. Door migratie verandert de samenstelling van onze bevolking. Dat gaat gepaard met onbehagen. Bekende sociale patronen zijn verdwenen.” En: „De voortdurende instroom van nieuwe buurtbewoners vergt veel van bewoners en ook van de school, de huisarts en de wijkagent. Maar ook op plekken in ons land waar ogenschijnlijk niets is veranderd, ervaren mensen gevoelens van onbehagen. Hun land verandert, en ze voelen zich daar niet bij betrokken. Ze ervaren de veranderingen als opgedrongen – en dat is een akelig gevoel als het gaat over het land waar je geboren en getogen bent, en dat jij, je ouders en hun ouders daarvoor, mee hebben opgebouwd.”
Deze erkenning achteraf gaat gepaard met een even ruiterlijk als bescheiden mea culpa voor de blindheid van de (gevestigde) politiek voor de schok van de immigratie: „Eerlijk is eerlijk, de gevoelens van verlies en onbehagen werden niet erkend door de overheid en de politiek. Pas toen mensen die gevoelens uitschreeuwden werd er geluisterd, pas toen Pim Fortuyn ze verwoordde kwam het conflict waar mensen elke dag mee te maken hadden, nadrukkelijk op de politieke agenda.”
Hoe belangrijk en treffend ook, deze erkenning heeft ook iets triests. De resolutie van het partijbestuur toont zich in deze passages een tragisch document, een afscheidsbrief aan het verloren electoraat. Want voor PvdA-begrippen mogen dit ruige, unverfroren teksten over migratiepijn zijn, het is de vraag of deze woorden wel zullen worden opgemerkt in een land waar zich onder meer als reactie op het verzaken van de PvdA bij het begeleiden van massa-immigratie een populistische opstand heeft afgespeeld, als gevolg waarvan in het publieke debat alle registers reeds werden opengetrokken, zowel qua toon als qua inhoud.
Wat dit aangaat betreur ik de tekst en de context van de resolutie toch enigszins. We hebben hier in principe te maken met een cruciale heroriëntatie van de PvdA op wat zij zelf ‘de nieuwe sociale kwestie’ noemt. Zo’n heroriëntatie vraagt om een groot gebaar, in termen van politieke en maatschappelijke impact. En ik vrees dat een interne partijtekst alleen, en dan ook nog een tekst die tamelijk ongereflecteerd werd opgeschreven, onvoldoende politieke verleidingskunst en maatschappelijk activerend vermogen met zich mee zal brengen. Dan wreekt zich dat de Ploumen-resolutie niet de uitkomst – laat staan de beslechting – is van een langdurig, diepgaand en breed gevoerd hernieuwd partijdebat over immigratie en integratie, maar eerder een ietwat geforceerde koerscorrectie vanuit het luchtledige. Er ontbreekt maatschappelijke reuring en er ontbreekt degelijk voorwerk.
Wat mist zijn politiek-maatschappelijke initiatieven die deze resolutie stutten en begeleiden. Waarom geen brede dialoog gestart met migrantengroepen en organisaties van verbitterde autochtonen? Waarom geen appèl gedaan op de vakbeweging, kerken, bedrijven en sportclubs om mee te tekenen voor het concept van een gedeelde toekomst? Waar zijn de nieuwe allianties tussen allochtonen en autochtonen voor een nieuw Nederland, waarom wordt de etnische polarisatie in Rotterdam niet op een prettige manier ontregeld – you name it.
Wat, ten tweede, ontbreekt is degelijk voorwerk, een grote studie waarin de verhouding tussen sociaal-democratie, de immigratiesamenleving en de islam tot op het allerfundamenteelste niveau wordt verkend en onderzocht. Dit gebrek aan diepere reflectie wreekt zich. Natuurlijk, er is in de resolutie productief geleund op het grote integratiedebat binnen en buiten de PvdA, en op het denkwerk van mensen als Paul Scheffer (‘de schok van de migratie’) en Kees Schuyt (hoe in een rechtsstaat om te gaan met culturele conflicten). Maar er zit in de tekst iets van de doorgeslagen bekeerling. De tekst is bovenproportioneel vanuit de autochtone migratieblues geschreven.
Nogmaals, dat is op zichzelf een zeer terechte correctie op de catastrofale afwezigheid daarvan in de PvdA-boodschap van de afgelopen decennia, maar nu is het een kwestie van too much, too late. Immigratie en immigranten worden in deze resolutie van de weeromstuit steeds als een gegeneraliseerd probleem neergezet, en het snikkend gelijk van wijlen staatssecretaris Karin Adelmund (PvdA) – heel veel migranten zijn perfect geïntegreerd – blijft nu nogal onderbelicht, terwijl juist deze pioniersgroep de emancipatie binnen de eigen migrantengemeenschap een beslissende wending zou kunnen geven. Ook krijgen culturele kwesties als ‘handen schudden’ en boerka’s een enorme nadruk. Opnieuw: het is helemaal terecht dat de PvdA-verlegenheid op dit terrein nu wordt goedgemaakt en dat er voor de PvdA-achterban en lokale bestuurders een soort van beoordelings- en handelingskader wordt aangereikt hoe om te gaan met culturele conflicten in de Nederlandse rechtsstaat. Maar het is niet verdedigbaar dat een ex-marxistische ‘onderbouwpartij’ de sociaal-economische klassencomponent van het integratievraagstuk zo stiefmoederlijk behandelt in dit strategische beleidsdocument. Werk, onderwijs, opvoeding: deze onderwerpen komen in de resolutie pas helemaal achteraan aan bod. Dat is niet logisch, temeer omdat hier een tweede mea culpa node gemist wordt: de grote bestuurlijke overheidspartij PvdA toont zich veel te weinig schuldbewust over het grote falen van Beleidsmakend Nederland (‘ons Nederland’): de aanpak van werkloosheid, schooluitval, criminaliteit, jeugdzorg, inburgering, noem het maar op, het kan en moet allemaal veel beter. „Onderwijs en werk zijn de werkelijke emancipatiemachines”, heet het in de resolutie, maar juist op dat elementaire vlak hebben de beleidsmakers van Nederland veel boter op hun hoofd. Er is in de sociale zekerheid en de publieke sector, in het onderwijs en bij de opvoeding stelselmatig niet ‘gehandhaafd’ (zoals dat in het jargon zo vies heet). Nu pas roept men stoer om ‘grenzen stellen’, maar de integratieproblemen van vandaag zijn voor een niet gering deel terug te voeren op een praktijk van ‘zachte heelmeesters, stinkende wonden’ in het verleden. Daarop ontbreekt zelfreflectie en in de resolutie ontbreken nieuwe inzichten en echte doorbraken, onder gelijktijdige handhaving van te grote ambities en pretenties: ‘De PvdA bestrijdt sociale segregatie.’
Meer dan welke partij ook, is de Partij van de Arbeid verdeeld over het thema van de integratie. Een deel ziet de multiculturele samenleving als een kans, een ander deel als een probleem. De in december door het partijbestuur gepresenteerde ontwerpresolutie ‘Verdeeld verleden, gedeelde koers’ probeert deze impasse te doorbreken. In maart zullen de leden van de PvdA stemmen over de resolutie.
Uit de resolutie blijkt dat de partij de problemen van de multiculturele samenleving aan wil pakken door wetten en regels strikter te handhaven, door andersdenkenden te confronteren met ‘onze waarden’, en door onwenselijk maar onschadelijk gedrag te tolereren.
Dit driestappenplan moet houvast bieden. Stap één is dus: verbieden. Twee: confronteren, ofwel „het benoemen en actief verdedigen van waarden”. En alleen als opties één en twee niet mogelijk zijn of geen soelaas bieden, dan volgt de laatste mogelijkheid: tolereren.
Opvallend in de nota is het standpunt over de dubbele nationaliteit. Het heeft de voorkeur van de PvdA dat herkomstlanden aan „nieuwe Nederlanders” de vrijheid geven om alleen voor de Nederlandse nationaliteit te kiezen.
René Cuperus is wetenschappelijk medewerker van de Wiardi Beckman
Stichting, het wetenschappelijk bureau van de Partij van de Arbeid, en
medeoprichter van het forum ‘Scholars for European social democracy’, een
Europees netwerk van centrumlinkse denktanks. Dit opiniestuk is een
bewerking van een artikel gepubliceerd in het februarinummer van Socialisme &
Democratie, maandblad van de Wiardi Beckman Stichting.
Gerelateerde artikelen:
- Nu kunnen we fijn op weg naar een nog geslotener Nederland
- Nu kunnen we fijn op weg naar een nog geslotener Nederland
- Vogelaar: benader het integratieprobleem nu eens evenwichtig
- Vogelaar: benader het integratieprobleem nu eens evenwichtig
- Nederland is nog volop multicultureel (volledige tekst)
- Onderklasse is het probleem
- Onderklasse is het probleem
- Onderklasse is het probleem
- Vogelaar gaat voorbij aan wat voor veel mensen zichtbaar is
- PvdA kiest hardere lijn bij integratie
- PvdA kiest hardere lijn bij integratie
- PvdA kiest hardere lijn bij integratie
- Koopmans laat ons maar raden wat zijn feiten betekenen
- Politiek handwerk, geen ferme taal
- Politiek handwerk, geen ferme taal
- Politiek handwerk, geen ferme taal
- Integratie en emancipatie kunnen niet zonder klassenstrijd
- Integratiebeleid heeft geen aanwijsbaar effect
- Integratiebeleid dat geen eisen aan migranten stelt, komt de integratie niet ten goede
- Bange PvdA durft niet te twijfelen
- Bange PvdA durft niet te twijfelen
- Bange PvdA durft niet te twijfelen
- Electorale positie van de PvdA nog steeds labiel
