Neo-protectionisme is de redding

Door N.F. van Manen

Het reddingsplan van vijf topeconomen (NRC 24 februari 2008) is ondoordacht. Zij staan daarin niet alleen. Reddingsplannen bestaan eigenlijk steeds uit het verplaatsen van inkomsten en uitgaven.

Er zou, bijvoorbeeld, meer aan infrastructurele projecten moeten worden uitgegeven. Meteen volgt de vraag: hoe wordt dat dan gefinancierd? Dan volgt, bijvoorbeeld, de suggestie dat er maar op de AWBZ moet worden bezuinigd.

Wat behelst zo’n voorstel? Het ene soort uitgave wordt door een ander vervangen. Netto komt er niet meer in de economie. Hoe dat Nederland kan redden, is onduidelijk. Een ander voorbeeld? De AOW moet later ingaan. De onvermijdelijke keerzijde is dat de werkeloosheid onder jeugdigen dreigt op te lopen. De verhoging van de AOW-leeftijd schept geen banen en dus geen welvaart. Nog een voorbeeld? Het verminderen of afschaffen van de hypotheekrenteaftrek: koopkrachtverlies bij de woningbezitters die worden getroffen, maar wel extra inkomsten voor de overheid. En wat doet de overheid met die extra inkomsten in tijden van economische problemen: koopkracht creëren door nieuwe projecten te starten.

Steeds wordt de koopkracht bij de ene groep gereduceerd terwijl de koopkracht bij een andere groep toeneemt. Dat leidt in elk geval niet tot meer welvaart. Met crisisbestrijding heeft dit dus niets te maken.

Het enige argument dat dergelijke verschuivingen zou kunnen rechtvaardigen, is de verwachting dat de nieuwe besteding van die gelden meer banen zal opleveren. Dat kan alleen als bijvoorbeeld de mensen die bij de hypotheekrente-aftek baat hebben, meer goederen uit het buitenland zouden kopen dan de mensen die de hun geld met nieuwe infrastructurele projecten gaan verdienen. Er is geen begin van bewijs voor zo’n stelling. Onze snijbonen en –bloemen komen uit Kenia, onze mountainbikes en monitors uit Azië. Deze gedachtegang volgend, betekent dat alleen protectionisme en het bijna een eeuw oude Koopt Hollandsche waar oplossingen kunnen bieden. Dat is echter vloeken in de geliberaliseerde, op wereldhandel georiënteerde kerk.

Misschien is de crisis een goede reden om het uitgavenpatroon van het rijk met het oog op de lange termijn te herschikken. Dan zouden we de vliegtaks, bijvoorbeeld, kunnen verviervoudigen en dat geld in het onderwijs en de zorg investeren, omdat die verandering op den duur de welvaart van ons land zal verhogen. Mensen die op en rond Schiphol afvloeien, moeten dan maar in het onderwijs en zorg aan de slag. Voor de totale consumptieve bestedingen in de komende jaren maakt dit in het geheel geen verschil. Het gaat dan dus niet om het bestrijden van de crisis maar om lange termijn politiek. Daar is niets mis mee maar het lost op korte termijn (5 jaar) niets op.

Protectionisme, gedwongen of vrijwillig, is daarom een normale, redelijke reactie in tijden van economische tegenspoed. Dat ligt in deze tijd van liberalisering en wereldhandel erg lastig, ook al omdat de (grotere) Nederlandse bedrijven in het verre buitenland (laten) produceren. Wel leidt dit tot de conclusie dat we behoefte hebben aan neo-protectionisme: maatregelen die tot een groter aantal hercirculaties van geld in de eigen economie leiden voordat import-producten worden aangeschaft. Dat heet ook wel de multiplier. Dat hadden die vijf hoogleraren economie ook wel kunnen bedenken maar protectionisme en liberalisme verdragen elkaar niet zo goed.

Zijn er nuttiger oplossingen? Ik denk het wel. Zo zou men kunnen beslissen dat de rente op leningen (voor een beperkt aantal jaren) weer fiscaal aftrekbaar wordt. Wel zijn er nadere voorwaarden nodig, zoals de eis dat met die leningen uitgaven worden gedaan waarvan kan worden verwacht dat zij daadwerkelijk een multiplier-effect binnen Nederland zullen hebben. Dat wijst in de richting van arbeidsintensieve bestedingen, waarbij producten worden gebruikt die in Nederland worden geproduceerd. Dat kan op korte termijn de economie stimuleren. Als economen bij hun reddingsplan geen aanzet tot bewijs van een multiplier-effect geven, is het niet de moeite om die plannen serieus te bekijken.

N.F. van Manen is jurist en rechtssocioloog (UvA)

Reageer op nrc.nl/expert

Gerelateerde artikelen:

Gepubliceerd in:
Opinie