Op naar duurzame globalisering
De crisis biedt de kans voor een nieuwe economische ordening. Op de komende top in Londen willen we daarover afspraken maken, zeggen Angela Merkel en Jan Peter Balkenende.
Crisis – er is waarschijnlijk geen woord dat vaker in de mond wordt genomen om de huidige economische neergang te omschrijven. De oude Grieken doelden met krisis een keerpunt en een mogelijkheid om besluiten te nemen. Dit impliceert dat elke crisis tevens kansen biedt om zaken ten goede te keren. Dit moet ons uitgangspunt zijn tijdens de top in Londen op 2 april.
De acute uitdagingen van de huidige crisis zijn duidelijk. Overal ter wereld maken mensen zich zorgen om hun baan, hypotheek en toekomstige pensioen. Er zijn echter twee redenen waarom deze crisis ook een keerpunt en kans kan blijken om de wereldeconomie evenwichtiger te maken.
Ten eerste hebben regeringen overal ter wereld laten zien krachtdadig te kunnen optreden om de vraag te stimuleren en de stabiliteit van de financiële sector veilig te stellen. Dat laatste niet om het hachje van bankiers te redden, maar om de banen en het spaargeld van hun burgers te beschermen en te voorkomen dat de bedrijvigheid tot stilstand komt. De onmiddellijke ineenstorting van het financiële stelsel is afgewend. Duidelijk is dat het waarborgen van een stabiele financiële infrastructuur en het op gang brengen van de kredietverstrekking de hoogste prioriteit houdt.
Ten tweede is het klimaat voor internationale samenwerking gunstiger dan ooit. Al tijdens de top van Washington, afgelopen november, was er een sterk besef van gezamenlijke verantwoordelijkheid. Iedereen realiseert zich dat er fundamentele veranderingen nodig zijn. Nooit eerder bereikten alle belangrijke spelers in de wereldeconomie zo snel overeenstemming over een actieplan.
De crisis laat zien dat de zorg van mensen over ongebreidelde globalisering niet geheel onterecht is. Tegelijkertijd is duidelijk dat er in de wereld van vandaag geen alternatief is voor globalisering als de motor van groei, werkgelegenheid en welvaart. We moeten dus werken aan een marktgestuurde en sociale wereldeconomie die evenwichtig, billijk en duurzaam is. Kortom, een stelsel dat geen angst en onzekerheid genereert, maar vertrouwen en stabiliteit.
Naast de discussie over hoe we onze economieën in de richting van gezonde groei kunnen leiden, is de belangrijkste kwestie waar we ons in Londen over zullen buigen, het vormgeven van een nieuw financieel stelsel. Duidelijk is dat de globalisering van het financiële stelsel zich de afgelopen decennia met ongekende snelheid heeft voltrokken, maar dat regelgeving en toezicht daarmee geen gelijke tred hebben gehouden. Deze leemte moet worden ingevuld om het vertrouwen te herstellen en te voorkomen dat een crisis als deze zich weer voordoet.
De geloofwaardigheid van het proces hangt af van de vraag of we onze toezeggingen uit Washington gestand doen. Bijvoorbeeld dat alle financiële markten, producten en actoren zich moeten onderwerpen aan gedegen toezicht en regulering, zonder uitzondering en ongeacht het land van vestiging. Dit geldt vooral voor de particuliere kapitaalfondsen zoals hedgefondsen, die een systeemrisico kunnen vormen. Daarnaast moeten we de belastingparadijzen aanpakken en een einde maken aan een bonuscultuur die leidt tot onaanvaardbare risico’s.
De huidige crisis heeft aangetoond dat duurzame globalisering niet mogelijk is als de belangrijke marktspelers de beginselen van verantwoordelijk handelen veronachtzamen, zoals gebeurd is in de financiële sector. Wij vinden het daarom onvermijdelijk dat regelgeving en toezicht worden aangevuld met een kader van gemeenschappelijke waarden dat grenzen stelt aan excessief en onverantwoordelijk handelen.
Dit is het idee achter een wereldwijd Handvest voor Duurzaam Economisch Handelen, dat uitgaat van de economische kracht van marktwerking, met als doel een sociaal evenwichtige en duurzame groei van de wereldeconomie.
Het handvest is bedoeld als een verzameling overkoepelende beginselen waarin economische vrijheid wordt gekoppeld aan rekenschap en verantwoordelijkheid. Het biedt beleidsmakers een richtsnoer bij het invoeren van de nieuwe opzet voor het internationale beleid. Ons voorstel is dat deze handvestaanpak tijdens de top van Londen wordt onderschreven.
Uitgangspunt van het handvest is dat geïndustrialiseerde, opkomende en ontwikkelende economieën een gemeenschappelijk belang hebben bij duurzame globalisering. Het is een poging om de krachten van de markt aan te vullen met een set waarden, beginselen en regels, zodat recht wordt gedaan aan de belangen van mensen in dit tijdperk van globalisering.
Het is onze overtuiging dat de top van Londen een mijlpaal kan zijn in het bestrijden van deze crisis, maar ook in het grijpen van de kansen. De uitdaging is het enorme potentieel van de vrije wereldhandel op een verantwoorde manier te benutten. Dat betekent onder ander snelle afronding van de Doha-ronde over handelsliberalisering en het scheppen van kansen voor ontwikkelingslanden.
We moeten bovendien gebruikmaken van de huidige bereidheid tot internationale samenwerking. De meest urgente kwesties zijn armoedebestrijding, het bevorderen van economische ontwikkeling in arme landen en het versterken van internationaal overeengekomen normen. Ook aan onze morele plicht de klimaatverandering te bestrijden en nieuwe energiebronnen te ontwikkelen is niets veranderd. Tijdens de VN-klimaattop in Kopenhagen later dit jaar moet de wereld tonen dat zij deze verplichting serieus neemt. Het scheppen van arbeidsplaatsen en vergroenen van de economie kunnen hand in hand gaan.
Het bestrijden van deze crisis vraagt om vastberadenheid en betrokkenheid. Gemakkelijke oplossingen bestaan niet. Het staat vast dat we een moeilijke tijd tegemoet gaan. Tegelijkertijd krijgen we de kans zaken recht te zetten. Laten we deze kans grijpen en van de top van Londen een succes maken.
Angela Merkel is bondskanselier van Duitsland. Jan Peter Balkenende is minister-president van Nederland.
