Mensen moeten dienstbaar zijn

Door Lans Bovenberg en vijf anderen

Deze crisis moet ons uitdagen na te denken over wat écht belangrijk in het leven is. Wees nederig en denk op langere termijn, menen Lans Bovenberg en vijf anderen.

De tijd voor Pasen nodigt uit tot contemplatie over onszelf en de samenleving, zeker nu de economische crisis zich als een olievlek uitbreidt tot iedere nis van de maatschappij. Het Chinese woord ‘crisis’ bestaat uit twee karakters: ‘bedreiging’ en ‘kans’. De crisis plaatst de samenleving op een tweesprong. Zij biedt mogelijkheden voor een gezonde heroriëntatie. Hoe kunnen we van onze nood een deugd maken? Een poging tot een antwoord vanuit de christelijke traditie.

In deze traditie neemt bescheidenheid een belangrijke plaats in. Dat is vooral van belang als we de schuldvraag voor de crisis en de gevolgen daarvan onder ogen zien. Jezus roept ons in Matteüs 7:5 op eerst de balk uit ons eigen oog te halen, zodat we scherp genoeg kunnen zien om de splinter uit het oog van de ander te verwijderen. Die ‘balk’ is onze neiging om anderen te veroordelen, bijvoorbeeld door hun de schuld te geven voor het kwaad dat ons overkomt. Deze neiging is nu heel begrijpelijk. Maar uiteindelijk helpen een veroordelende houding en zelfbeklag ons niet verder. Door in een slachtofferrol te blijven hangen en te blijven zwartepieten, komt er geen nieuwe creativiteit, energie en enthousiasme vrij om bij te dragen aan een gezondere samenleving met een schone financiële sector zonder splinters.

In de media worden de banken als de grote zondebokken weggezet. Echter, het is te gemakkelijk alleen te wijzen naar de zelfverrijking in het bankwezen. Hebben we niet allemaal geprofiteerd van de hoge rendementen op de aandelen van banken en verzekeraars waardoor onze pensioenen betaalbaar bleven? En hebben we niet jarenlang gemakkelijk geld verdiend aan een kredietgedreven koopkrachtgolf? Hoe komt het dat degenen die waarschuwden voor de risico’s waaraan het financiële systeem blootstond, zo weinig gehoor vonden? En overschatten we de maakbaarheid van de samenleving niet als we onszelf voorspiegelen dat grote financiële crises te voorkomen zouden zijn? Want de enige manier om deze risico’s geheel uit te sluiten is om de economie op slot te zetten.

Een gevaarlijk aspect van de crisis is dat landen elkaar de schuld gaan geven van de crisis. Landen die veel sparen (West-Europa, China) verwijten andere landen dat ze te veel hebben geleend (Oost-Europa, de VS). In werkelijkheid hebben beide groepen geprofiteerd van de situatie. Zo vonden de spaarlanden grote exportmarkten en goede rendementen in de leenlanden. Beide zijn daarom verantwoordelijk voor de ontstane situatie en moeten samen naar oplossingen zoeken.

De wereld staat op een historisch kruispunt. Of landen geven elkaar de schuld en schermen net als in de jaren dertig elkaars markten af waardoor de wereldeconomie uit elkaar valt met grote politieke spanningen als gevolg. Of landen helpen elkaar uit deze crisis te komen door markten open te houden en financiële noodhulp te verschaffen aan landen die in moeilijkheden zijn gekomen, op voorwaarde dat deze landen leren te leven met minder krediet.

Ook in de binnenlandse politieke discussie moet worden voorkomen dat groepen tegenover elkaar komen te staan. Deze crisis kan leiden tot meer onderlinge verbondenheid waarbij iedereen een stapje terugdoet, óf tot een nog meer gefragmenteerde samenleving waarin iedereen zijn eigen deel opeist, zichzelf rechtvaardigt en in zelfbeklag zijn ongenoegen uit over anderen. Kiezen we de laatste optie, dan komen we in een neerwaartse spiraal met meer werkloosheid en onzekerheid. En dan zijn we uiteindelijk allemaal verliezers. Dit is het Bangkok-scenario, vernoemd naar het ooit zo stabiele en welvarende Thailand, dat nu uiteenvalt in anarchie.

Pasen daagt uit om solidariteit concreet vorm te geven. Laten we bijvoorbeeld een sociaal-economische adempauze nemen om bij zinnen te komen en ons te bezinnen op de economie van morgen. Wat ons betreft houdt die time out in dat we het komende jaar genoegen nemen met wat we nu hebben. Dat betekent dat we alle lonen en aanvullende pensioenen, van hoog tot laag, voor een periode van twaalf maanden bevriezen, zodat we onszelf mentaal en materieel in een positie brengen om diepgaand te reflecteren op de economie van morgen. Wij vermoeden dat in deze economie de continue ontwikkeling van kennis, talent, creativiteit en innovatie een sleutelrol zal spelen zodat we zuiniger omspringen met energie, koolstof, krediet en mensen.

Deze crisis is ook een tijd om ons te bezinnen op wat écht van waarde is. Wat is écht belangrijk? Worden we écht gelukkiger van nog een flatscreen-tv? ‘Wat verdien je? ‘Wat is je netwerk?’ Dit soort vragen ligt te vaak op onze lippen. De waardigheid van een persoon lijkt vooral af te hangen van de inhoud van de loonstrook of het netwerk op Hyves of Linkedln. De christelijke traditie benadrukt echter dat onze waarde niet hoeft voort te komen uit onze eigen prestaties of bezittingen, maar voortkomt uit onze relaties met anderen en met de Ander, die de Schepper en de Eeuwige wordt genoemd. Wij zijn als mensen waardevol omdat wij gewild én geliefd zijn door de Schepper. Wij zijn niet het chaotisch resultaat van tijd en toeval, maar reflecteren een pro-actief opererende Actor, die het welzijn van ieder mens op het oog heeft, onafhankelijk van de stand van onze spaarrekening, onze effectenportefeuille of onze status.

Vanuit die wetenschap kunnen we anderen dienen. Dienstbaarheid is daarom ook een belangrijk onderdeel van het christelijk-sociale denken. Het bijstaan van anderen is juist in deze crisistijd van groot belang. Nu de crisis ook onszelf gaat raken, gaan we door een rouwproces van eerst ontkenning, dan woede en opstandigheid en vervolgens verdriet en aanvaarding. Laten we deze cyclus snel doorlopen zodat we de situatie nuchter kunnen analyseren om te bezien wat we kunnen betekenen voor anderen in plaats van de ander voortdurend te wijzen op hun verantwoordelijkheden voor ons.

Juist nu zijn leiders nodig die een dienende houding hebben. In de ogen van het volk heeft de elite in het bedrijfsleven, politiek en samenleving nadrukkelijk gefaald. Veel topmensen hebben een dubieuze reputatie opgebouwd waarin hun eigen belang prevaleert boven dat van hun bedrijf en gemeenschap. Onder deze crisis ligt een waardencrisis die ingrijpender is dan de financiële crisis.

Het huidige klimaat vraagt om gezond leiderschap. Er zijn herders nodig om te voorkomen dat net als in de jaren dertig honden de kudde onder hun hoede nemen. Tegen de dominante opvatting greed is good betrekt de christelijke traditie de stelling dat je goedgeefs moet zijn met gegeven goed en autoriteit. Bezit en invloed zijn geen eigendom, maar een gegeven voorrecht dat we in bruikleen hebben. Economie draait om ecos nomos, oftewel als rentmeester zorgdragen (nomos) voor het huis (ecos).

De crisis is een beproeving voor onze naoorlogse generaties. Wij zijn ruim bedeeld met vrede, vrijheid en welvaart. Terwijl we onze zegeningen tellen, beseffen we vaak nog onvoldoende dat vrede en welvaart niet vanzelfsprekend zijn. Het zijn werkwoorden die om voortdurend onderhoud vragen. Deze crisis is een wake up call die om heroriëntatie vraagt. Wat willen we als essentiële waarden doorgeven aan de komende generaties? Nederigheid, dienstbaarheid én het denken op langere termijn. Dat is een uitdaging, want veel is instant in deze tijd. De Bijbel roept ons echter op onze blik te houden op Jezus Christus die „denkend aan de vreugde die voor hem in het verschiet lag, zich niet liet afschrikken door de schande van het kruis.” (Hebreeën 12:2). Wie op de lange termijn let, kan ook de korte termijn aan.

Adjiedj Bakas is trendwatcher, Marleen Barth is voorzitter van GGZ Nederland, Lans Bovenberg is hoogleraar economie aan de Universiteit Tilburg, Jan Hol is directeur communicatie, Doekle Terpstra is voorzitter van de HBO-raad, Wim van der Donk is voorzitter van de WRR.

Reageer op nrc.nl/expert

Gerelateerde artikelen:

Gepubliceerd in:
Opinie