Het kabinet is laf over de AOW-leeftijd

Door Roel Beetsma en Ward Romp

Het kabinet heeft jongeren niet betrokken in het crisisberaad. Merkwaardig, vinden Roel Beetsma en Ward Romp.

De kogel is door de kerk. Na drie weken van onderhandelingen heeft het kabinet vorige week aangegeven hoe de crisis zal worden bestreden. Wat opvalt, is dat het enige heilige huisje dat het kabinet geprobeerd heeft aan te pakken, de AOW-leeftijd, nog zes maanden vooruit is geschoven. De sociale partners, verenigd in de Sociaal-Economische Raad (SER), hebben tot 1 oktober van dit jaar de tijd om met alternatieven te komen om een langetermijngat van 0,7 procent van het bbp te dichten. Daarnaast willen de vakbonden dat onze pensioenfondsen meer tijd krijgen voor hun herstel. Lees: niet hoeven te korten op opgebouwde rechten.

Als het om de AOW gaat, of pensioen in het algemeen, is het onmogelijk om alle betrokkenen bij elkaar te roepen. Het gaat bij een pensioenstelsel om het delen van risico’s tussen ouderen, jongeren en zelfs toekomstige generaties. Het is al moeilijk om ouderen en jongeren aan dezelfde tafel te krijgen, maar voor ongeboren generaties is dit onmogelijk. Dit is echter geen reden om de jongeren en ongeborenen dan maar buiten spel te zetten. En dit is precies wat gebeurt wanneer de vakbonden bij het kabinet aan de onderhandelingstafel gaan zitten om een crisispakket samen te stellen en vervolgens nog eens via de SER de gelegenheid krijgen om de maatregelen eventueel bij te stellen.

Vakbonden vertegenwoordigen slechts circa 22 procent van de werkenden. Deze groep is grotendeels oud, mannelijk en werkzaam in de traditionele industrie. Bepaald geen representatieve vertegenwoordiging van de Nederlandse beroepsbevolking. Het kabinet moet zijn verantwoordelijkheid nemen en zelf beslissingen nemen, en daarbij ook de belangen van de jongere werknemers en de toekomstige generatie laten meewegen.

Het is verbazingwekkend dat de vakbonden met hun vergrijsde ledenbestand zo fel tegen verhoging van de AOW-leeftijd zijn. Zoals het huidige voorstel is geformuleerd (vanaf 2012 elk jaar één maand omhoog), zal de 67 pas in 2036 zijn bereikt. Ruim vóór die tijd zijn veel van de huidige vakbondsleden al met pensioen. Korten van de nominale pensioenaanspraken en -rechten treft deze groep wel direct, zoals de CPB-onderzoekers Bonenkamp et al. (2008) laten zien. Het CPB kijkt in die analyse echter uitsluitend naar de intergenerationele verdeling van de kosten die nodig zijn voor het huidige herstel van de pensioenreserves. Ze negeren eventuele, te kleine bijdragen in het verleden. Gezien de hoge rendementen, premiekortingen en zelfs terugstortingen in de jaren negentig zullen de totale generatierekeningen er heel anders uitzien wanneer hiermee rekening wordt gehouden. Een groot deel van de huidige vakbondsleden die nu zo mordicus tegen verhoging van de pensioenleeftijd zijn, heeft in het verleden flink geprofiteerd en is daarmee een belangrijke oorzaak van de onderdekking van de pensioenfondsen.

Het is begrijpelijk dat de coalitie een breed maatschappelijk draagvlak wil voor haar maatregelen. Maar juist daarom is het onverstandig vakbonden en werkgeversorganisaties aan te laten schuiven aan de onderhandelingstafel. Zij vertegenwoordigen slechts een klein en selectief deel van de Nederlandse bevolking. Verder hoeven zij slechts verantwoording af te leggen aan hun achterban en voelen zij daardoor geen morele druk om ‘te doen wat goed is voor het land’, maar slechts ‘om te doen wat goed is voor hun leden’.

Het laatste wat we nu nodig hebben is een groep jongeren die opstaat en weigert bij te dragen aan het herstel. Zíj zijn het die de kosten van de huidige uitgaven op zich moeten nemen, zíj moeten de opgelopen tekorten terugbrengen en zíj zullen de AOW van de huidige vakbondsleden moeten betalen. Als iemand had moeten aanschuiven in het Catshuis, dan waren het wel de jongerenorganisaties van de politieke partijen.

Roel Beetsma is hoogleraar macro-economie aan de Universiteit van Amsterdam. Ward Romp is aan diezelfde universiteit postdoc onderzoeker m.b.t. pensioenhervormingen. Bron: Mejudice.nl

Reageer op nrc.nl/expert

Gepubliceerd in:
Opinie