Mensen krijgen kans op kans maar kiezen een plek aan de zijlijn
Heinz Bude spreekt over het probleem van de buitengeslotenen. Die term impliceert dat men door toedoen van anderen aan de zijlijn van de samenleving kwam. Dat die groep geen kans heeft, ook al wil ze. Dat is niet juist. Er zijn genoeg kansen.
Een grote groep mensen in Nederland heeft moeite om mee te doen in de samenleving. Sommigen kunnen niet participeren vanwege een geestelijke of fysieke beperking. Zij verdienen alle steun. Er zijn echter ook personen die niet meedoen, terwijl ze dat wel kúnnen. Hun problemen hebben uiteenlopende achtergronden. Het kan zijn dat veranderingen op de arbeidsmarkt te snel gaan of dat sprake is van slechte inburgering en taalbeheersing. Ook vroegtijdig schoolverlaten kan er toe leiden dat men zich onttrekt aan studie, werk of zelfs aan de rechtsorde. Problemen versterken elkaar. Zo komen jongeren zonder diploma drie keer vaker in aanraking met de politie.
Een weinig stimulerend vangnet van sociale regelingen houdt mensen vaak definitief aan de kant. Hulpverslaving is een serieus probleem in dit land. De uitzichtloosheid van mensen aan de zijlijn wordt bovendien van generatie op generatie overgedragen. Als je zelf de moed hebt opgegeven is het moeilijk je kinderen een ambitieus voorbeeld te stellen. De samenleving betaalt uiteindelijk de prijs.
Socioloog Bude spreekt over het probleem van de buitengeslotenen. Qua samenstelling komt zijn groep aardig overeen met de Nederlandse. Ook hier spelen veel problemen zich af langs de ‘rafelranden’ van de arbeidsmarkt. Ook wij kennen jongeren die er al mee kappen voor ze goed en wel begonnen zijn. Toch wil ik af van de term ‘buitengesloten’. Die impliceert dat men door toedoen van anderen aan de zijlijn van de samenleving is terechtgekomen. Dat er een groep bestaat die geen kans heeft om mee te doen, al zou men willen.
Ik durf te stellen dat er in dit land genoeg kansen zijn. Met reïntegratietrajecten, inburgeringscursussen, interventieteams en buurtcoaches probeert de overheid de grote groep ‘buitenstaanders’ opnieuw ‘in’ te sluiten. Onderzoek van de Algemene Rekenkamer wees uit dat er maar liefst 79 regelingen bestaan voor armoedebestrijding. Enig effect heeft men niet kunnen vaststellen. Kennelijk is een positie aan de zijlijn voor sommige mensen best comfortabel. Men prefereert de vaste uitkering of het zwarte geld boven een bestaan met verantwoordelijkheden. De quick win weegt op tegen de moeite die een betere toekomst zou kosten. Bovendien ontbreekt de motivering om de situatie te veranderen. Een alleenstaande ouder die vanuit een bijstandssituatie fulltime gaat werken, kan er soms veertig euro in de maand op achteruit gaan. Jongeren die het verkeerde pad opgaan worden na een winkeldiefstal zelden gestraft. Een opgepakte drugsdealer staat dezelfde dag weer op de hoek van de straat. De norm wordt niet gehandhaafd. Mensen krijgen kans op kans. Helaas zien ze geen noodzaak die te grijpen en de regie over hun leven terug te nemen.
Veel ‘sociaal’ beleid is in feite dus asociaal. Door niet echt te straffen gaan mensen steeds weer in de fout, door alle hulpverlening raakt men lamgeslagen. Of zoals Bude stelt: „Nood kan zin geven, maar als iemand zich maar net staande houdt, kan de moed hem definitief in de schoenen zinken.”
De statistieken bevestigen deze analyse. Toen de VVD in de regering de sociale zekerheid terugschroefde, werden meer mensen genoodzaakt aan het werk te gaan. Het gevolg: de armoede in Nederland liep snel terug en kwam op het laagste punt sinds 1985. De mensen die weer meededen, waren voorheen dus niet zonder kansen buitengesloten. Ze hadden zich simpelweg teruggetrokken omdat de overheid geen noodzaak gaf om mee te doen.
De VVD wil dat een samenleving niet alleen kansen biedt maar ook de noodzaak om ze te grijpen. Daarom zijn wij wél voor een sollicitatieplicht voor bijstandsmoeders en willen we de hulpverleningsindustrie sterk inperken. Minimumloon en bijstandsuitkering moeten forser verschillen. Zodat mensen er echt financieel op vooruitgaan als ze gaan werken. Een goede opleiding is doorslaggevend. Kort mensen op de kinderbijslag als kinderen niet op school verschijnen. Maak korte metten met crimineel gedrag. Niet meedoen is niet normaal. De nieuwe generatie verdient een beter voorbeeld.
Mark Rutte betoogt hierboven dat sommige mensen bewust kiezen voor een positie aan de zijlijn, terwijl Mariëtte Hamer een groeiend onbehagen in de maatschappij ziet. Niet de mensen zelf, maar de overheid moet zich dat aantrekken, stelt zij.
Aanstaande maandag debatteren Rutte en Hamer onder leiding van Joost Oranje, chef van de Haagse redactie van NRC Handelsblad, in De Rode Hoed in Amsterdam over de onderklasse. Hoe moeten de PvdA en de VVD de onderklasse aanspreken? En zijn de twee partijen nog wel volksbewegingen?
Met een inleiding van hoogleraar politieke theorie Meindert Fennema.
Mark Rutte is voorzitter van de VVD-fractie in de Tweede Kamer Op nrc.nl/discussie kan gereageerd worden op Rutte en Hamer. Vrijdag 24 april zullen zij op die reacties ingaan.
