Een stoomstrijkijzer en een dikke reet
Een stoomstrijkijzer en een dikke reet, meer heeft de zwarte vrouw in onze samenleving niet nodig. Tenminste, als je de dames die het massaal lijken op te nemen voor Robert Vuijsje, die met zijn roman Alleen maar nette mensen een witte knuppel in het zwarte hoenderhok gooide, moet geloven.
Hoewel de jury van de Gouden Uil bijkans klaarkwam op het boek dat “swingt als een Afrikaanse tiet” (tja, dansen he, daar zijn wij negers zo vreselijk goed in. En met die enorme memmen van ons die we in veel te krappe lycra shirtjes proppen is die associatie zo gemaakt, natuurlijk), ben ik er vooralsnog minder van gecharmeerd. Vanzelfsprekend, het boek is grappig, en vooral de rake observaties waar het Vuijsje’s eigen milieu betreft hebben me menigmaal doen schateren. Maar juist hetgeen waaraan zijn boek de betiteling “explosief” verdiende, de beschrijving van de subcultuur van dikke negerinnen die neuken voor een breezer, die schiet tekort. Om nog maar te zwijgen van de dialogen, die ook al bejubeld worden. Natuurlijk, het is duidelijk dat Vuijsje zich weleens in zwarte kringen begeven heeft. Zijn eigen vrouw is zelfs zwart. Toch doen zijn dialogen bij vlagen net zo gekunsteld aan als de manier waarop die collega, die elke Surinaamse of Antilliaanse werknemer minstens eenmaal in zijn leven is tegengekomen, op zijn ZwartePiet’s lacherig zegt: Ik oeweet oewaar je huis oewoont en dan denkt dat hij als een Surinamer klinkt.
Maar dat is ook helemaal niet erg. Het is maar een roman. Een roman die je terzijde kunt leggen, waar je om kunt lachen, waar je je over kunt opwinden, of waar je gewoon helemaal lekker niks van kunt vinden. Wat veel interessanter is, is de discussie rondom de roman die in de afgelopen week is losgebarsten. Want is het wel de roman die de tekortkomingen van de multiculturele samenleving blootlegt? Of zijn het de reacties op zijn roman?
De kritiekloze manier waarop de stelling dat Vuijsje zich schuldig maakt aan “koloniaal seksisme” terzijde geschoven wordt is tenenkrommend.
Nausicaa Marbe, columniste voor o.a. de Volkskrant, trapt af. Welnee, betoogt ze, wie dat denkt, heeft Alleen maar nette mensen gewoon niet goed begrepen. Wij negers, en dan zeker die vrouwelijke negers, ook wel liefkozend negerinnen genoemd, die negers zoals ik dus, zijn namelijk heldinnen. Eindelijk. Marbe ziet wat ik zelf ook al jaren tegen mijn eigen spiegelbeeld roep. Ik ben wel een heldin, ja! Als ik er echt zin in heb maak ik er zelfs een vilein talk to the hand gebaar bij. Of een tjoerie. Ook daar zijn wij negers namelijk vre-se-lijk goed in.
En waarom ik dan een heldin ben? Niet vanwege mijn intellectuele capaciteiten, dat spreekt voor zich. Nee, mijn heldinnenstatus heb ik volgens Marbe te danken aan het feit dat ik mijn kind elke dag in nette kleren naar school stuur. Die zelfs gestreken zijn! En dat niet alleen, ondanks dat Nausicaa en haar gelijken wel beter weten, geef ik hem zelfs zelfvertrouwen mee. Nou, dan ben je een heldin, hoor. Als je ondanks je kansloze, domme, ordinaire bestaan toch elke dag weer de kracht weet te vinden om een spijkerbroekje in maat 104 een boutje te geven, dan is dat toch wel een applausje waard.
Ook de eerste excuustruus, de token black person, is inmiddels alweer gesignaleerd om vooral te benadrukken dat zij het boek -ook al heeft ze er nog geen letter van gelezen- echt niet seksistisch vindt. Welnee, Manoushka Breedveld, zwarte actrice, is juist blij als wildvreemde kerels haar dikke zwarte billen een 10+ geven. Good for you, Manouschka. Maar vind je het heel erg dat ik dat een typisch gevalletje van jammer vind?
Honderd jaar feminisme en bijna zestig jaar black civil rights movement. En het enige argument waar vrouwen mee kunnen komen is dat we trots zouden moeten zijn op onze huishoudelijke capaciteiten en ons lichaam. Zo, dat heeft zoden aan de dijk gezet, zeg.
Maar het wordt nog erger. Pauw & Witteman, nooit vies van een lekkere multi-cultirel, hebben de commotie rondom het boek natuurlijk ook opgepikt en besluiten er eens een goed gesprek aan te wagen. En dus draaft de schrijver op, om bij monde van Irma Accord, antropologe uit de door hem beschreven Bijlmer, op het matje geroepen te worden. Manoushka Zeegelaar Breedveld en Mildred Roethof zijn er als de kippen bij om ook een duit in het zakje te doen.
Jerry Springer is er niks bij. Waar de schrijver zich verschuilt achter het mantra “het is maar fictie”, kijven de actrice en de regisseuse – gezien de aanstaande verfilming van Alleen maar nette mensen strategisch natuurlijk een uiterst slimme zet – als twee viswijven met deze oliedomme mevrouw die gewoon geen humor heeft. Wat zeurt ze nou over eigenwaarde van jonge meisjes en racisme?
Zeg, tragische heldin die het toch maar mooi geflikt heeft om helemaal vanuit de Bijlmer de beschaving te vinden, wind je toch vooral niet op dat je enige bestaansrecht als zwarte vrouw is dat je zo lekker met je dikke reet waggelt. Wees er trots op, vrouw! Say it loud and say it proud: I’m black and I’m shaking my ass. Hell yeah.
En zo blijft het echte issue maar weer eens onbesproken. Doen we met zijn allen net alsof het vet lachen is dat een deel van onze gemeenschap een dusdanig vertekend beeld van zichzelf heeft dat ze neukt in een box in de Bijlmer en dat mannen als Peter Klashorst en Robert Vuijsje daar geld aan verdienen. Entertainment voor nette mensen.
Waar is de verontwaardiging die Sunny Bergman - terecht - wel wist op te roepen met haar portret van de hedendaagse jonge vrouw? Het portret dat Vuijsje schetst is minstens even schrijnend. En als je zijn roman aan de ene kant lauwert vanwege het rauwe realisme, kun je je niet tegelijkertijd verschuilen achter het excuus dat het maar fictie is.
Want de Sherida-ketting bestaat. De Sherida-ketting maakt vaker haar school niet af dan nette mensen. Ze leeft vaker in armoede dan nette mensen. Ze pleegt vaker een abortus dan nette mensen, is vaker alleenstaande moeder dan nette mensen, krijgt vaker te maken met seksueel geweld dan nette mensen. Want de mannen die haar misbruiken – in ruil voor een breezer, een strippenkaart of, misschien wel treuriger, kunst - bestaan ook. Net als de maatschappij die haar wijsmaakt dat ze daar maar genoegen mee moet nemen.
Robert Vuijsje zal daar vast geen traan om laten. Ja, misschien all the way to the bank. Laten wij als vrouwen – zwart en wit - dat nou eens wel doen. Of op zijn minst laten zien dat de intellectuele negerin niet alleen bestaat, maar ook genoeg heeft van de karikaturale manier waarop ze in de media afgeschilderd wordt.
Zo, en nu ga ik weer even strijken. Mijn zoon moet morgen immers weer naar school.
Audrey Kruiniger is een zwarte, alleenstaande moeder. Ze is ook in het bezit van een gymnasiumdiploma en een goudvis en houdt niet van rijst en Fanta. Ze is televisiemaakster en copywriter en werkt op dit moment aan haar eerste roman.
