Scherper onderscheid markt en staat, s.v.p.
Het is gevaarlijk om deze crisis aan te grijpen om ‘de markt’ als systeem of ‘de mens’ de schuld in de schoenen te schuiven.
Een democratie kan niet zonder vrije markten en particulier initiatief. Je kunt mensen geen politieke vrijheid bieden zonder ze ook economisch vrij te laten. Mensen doen wat ze doen uit gezond eigenbelang, meestal zonder de belangen van anderen daarbij uit het oog te verliezen. Dat leidt tot dynamiek en groei. Want zodra de doelen zijn behaald, worden ze verlegd. Hoe vrijer de mens mag zijn in zijn doen en laten, in zijn beroepskeuze en opleiding, hoe groter deze dynamische groeikracht en hoe hoger de productiviteit.
Vrije markten werken evenwel niet vanzelf optimaal door ze alleen maar vrij te laten. Juist niet. Alleen verantwoordelijkheidsbesef is niet genoeg. Zonder goed gespecificeerde eigendomsrechten, zonder afdwingbare contracten en rechtszekerheid, en zonder een krachtige, kundige marktmeester die vrije concurrentie en toetreding afdwingt en kwaliteitseisen stelt, verwordt de vrije markt tot een jungle. Een democratische rechtsstaat moet een dergelijk ‘wild west’ voorkomen. Goed marktmeesterschap is daarbij onmisbaar. Voorbeelden hiervan zijn de Autoriteit Financiële Markten, De Nederlandsche Bank, de Zorgautoriteit en de Nederlandse Mededingingsautoriteit. Voortdurend moeten we alert zijn om de spelregels en het marktmeesterschap up-to-date te houden, zowel op nationaal als op Europees niveau. Zo geven we de mogelijkheid aan de vrije mens om dagelijks te stemmen met de voeten. Als de bakker te duur is of slecht brood verkoopt, ga je naar een andere bakker. Waarom zou dat met energie, zorg of financiële dienstverlening anders zijn? Keuzevrijheid hangt samen met zelfbeschikking en kan het best worden gewaarborgd met degelijk toezicht, vrije ondernemingsgewijze productie en goed geïnformeerde klanten.
Het falen van het financiële systeem komt door een samenloop van factoren: onder andere gaf falend toezicht en politieke druk Amerikaanse financiers alle ruimte voor onverantwoorde kredietverlening. Amerikaans monetair beleid dat te veel geld in omloop heeft gebracht, waardoor de hele wereld op de pof kon gaan leven. Financiële ondernemingen, die het risico van producten onzorgvuldig en verkeerd hebben ingeschat en elkaar daar niet in corrigeerden. Maar ook zelfverrijking aan de top onder bankiers. En dat in een omgeving waar de ultieme tucht van de markt – faillissement – ontbreekt, omdat de overheid snel de helpende hand komt bieden. De vraag of de markt heeft gefaald of de mens, is dan ook een verenging van het debat tot een politieke karikatuur. Bos wijst op een falend systeem, terwijl Balkenende de mens tot zondebok heeft bestempeld. Slecht beleid en onvoldoende toezicht kunnen echter onmogelijk synoniem zijn voor een eerlijke markt. Het is dus buitengewoon gevaarlijk om de verkeerde dingen die in het financiële systeem gebeurd zijn, aan te grijpen om ‘de markt’ als systeem in zijn algemeenheid ter discussie te stellen. Om te voorkomen dat het kind met het badwater wordt weggegooid, komt mede op ons initiatief een parlementair onderzoek naar het financiële systeem om lessen te trekken voor de toekomst.
Ondertussen kiest links voor een veel grotere publieke sector, waardoor minder ruimte overblijft voor de vrije samenleving. Christen-democraten kiezen voor het ‘maatschappelijk middenveld’, een hybride wildgroei tussen staat en vrije samenleving waar de ons-kent-ons-cultuur welig tiert. Balkenendes ‘Rijndeltamodel’ is oude wijn in nieuwe zakken. Het poldermodel op Europese schaal, met maatschappelijke ondernemingen en onduidelijke spelregels. Wij zien daar niets in. Afspraken tussen vakbonden en werkgeversorganisaties dienen niet automatisch het algemeen belang. Zie de gijzeling van de AOW-discussie door de vakbeweging. Het valt te prijzen dat Balkenende de circa één miljoen zelfstandigen zonder personeel (zzp’ers) een plek wil geven in het polderoverleg en zelfs pensioenregelingen wil aanbieden, maar het blijft behelpen. Over publieke bevoegdheden en middelen moet publiek verantwoording worden afgelegd.
Hieraan ontbreekt het ook bij de maatschappelijke ondernemingen die door Balkenende gepromoot worden. Door het bijzondere karakter moeten deze instellingen worden afgeschermd van te veel overheidsbemoeienis, maar ook van te veel marktwerking. Een select gezelschap is baas in eigen huis, maar wel een huis op kosten van de gemeenschap. We weten inmiddels dat dit walhalla’s zijn voor Zonnekoninggedrag en slecht ondernemerschap. Denk bijvoorbeeld aan de jachthaven en de Maserati van de Amsterdamse woningcorporatie Rochdale en aan de onterechte beloningen voor mismanagement van Philadelphia Zorg. De verantwoordelijke samenleving komt zo dus niet van de grond. Er moet een scherper onderscheid gemaakt worden tussen overheid en markt die elk aan hun eigen soort tucht worden onderworpen. De overheid wordt afgerekend door de kiezer en de markt door de klanten die stemmen met hun euro. Ruimte voor een vrije samenleving én particulier initiatief tussen overheid en markt, waarbij het publiek belang door een politieke democratie wordt geborgd.
Mark Rutte en Frans Weekers zijn respectievelijk VVD-fractievoorzitter en Kamerlid voor de VVD. Lees het artikel van Balkenende op nrc.nl/opinie
