Duitse ambassadeur weigeren getuigt van morele lafheid

Vlaggen hangen halfstok bij de dodenherdenking op de Dam in Amsterdam, mei 2008.

Door H. W. von der Dunk

Het Nationaal Comité 4 en 5 mei heeft de Duitse ambassadeur Thomas Läufer laten weten dat hij bij de plechtigheid op de Dam niet welkom was (NRC Handelsblad, 21 december).

Er zijn berichten waarbij je de ogen uitwrijft. Duitsland is al lang één van de meest solide democratieën in Europa. Regeringsleiders van de voormalige vijanden bezochten ruim 30 jaar geleden gemeenschappelijk militaire begraafplaatsen, herdenken gezamenlijk onder andere de invasie. Sedert decennia doceren Duitsers aan onze universiteiten, bestaan er nauwe wetenschappelijke relaties en vriendschappen over en weer, zitten Duitsers naast Nederlanders op internationale congressen, zijn voor de horeca onze beste klanten, om van de gemeenschappelijke diplomatieke en politieke commissies niet te spreken. Ik ken geen voorbeelden in de geschiedenis waarbij een volk binnen twee generatie een dergelijke ingrijpende mentale metamorfose heeft ondergaan als het Duitse. Daar waren niet enkel belangrijke redenen voor maar ook verklaringen die niet alleen op Duitslands krediet komen maar het resultaat – en daar hebben we mee te maken - is er niet minder om.

Geen land – zeker wij niet - kent een dergelijk intensieve en open confrontatie met een belast verleden en een bereidheid het lijden waar de vadergeneraties verantwoordelijkheid voor droegen onder ogen te zien. De wens van de ambassadeur om een Nederlandse herdenking te mogen bijwonen past volkomen in dit streven. Bijna 65 jaar naar dato, waar minstens 80 procent van de Europese bevolking na de oorlog is geboren, is gaandeweg internationaal het inzicht doorgebroken (voor iedereen die geen plank voor zijn kop had niets nieuws) dat aan alle kanten miljoenen onschuldige slachtoffers zijn gevallen en wreedheden zijn begaan, dat in het kader van een Europese en internationale verstandhouding daarbij over de nationale optiek en verstarde standaardbeelden moet worden heengekeken en dat het perspectief van de ander onze horizon verbreedt.

Aan alle kanten ook was er misleiding van de bevolkingen die lang stand heeft gehouden. Wie de zwarten kanten van de bevrijding nog niet kent leze het recente boek van de Amerikaanse historicus Hitchcock en wie daarbij bang is voor moreel relativisme staat zwak in zijn schoenen. Ook in de veelgeroemde TV-serie over De Oorlog komt al een genuanceerder beeld naar voren. Maar als dat nu enkel maar opnieuw leidt tot onze fixatie op de bezetting ook bij jongeren is een vervolgserie zeer aan te raden over wat de oorlog voor enkele andere landen heeft betekend. Van de joden afgezien behoort het Nederlandse lijden lang niet tot de zwaarste categorie en ook voor die waarheid zou men rijp moeten zijn.

Nederland pleegt vooraan te staan bij het vragen om excuses en schadeloosstelling maar geeft niet thuis als het gaat om de vrouwen van Sebrenica of de nabestaanden van de massamoord in Rawagedeh bij wat als politionele actie werd verkocht. Tegelijkertijd wordt een diplomaat, geboren na de oorlog in een democratisch land die van medeleven blijk wil geven de toegang ontzegd met het argument dat het ‘gevoelig’ ligt omdat hij een Duitser is. Gevoelig voor wie? Voor nabestaanden van slachtoffers dat ze van een Duitser erkenning krijgen? Men hoeft geen christen te zijn om dat in strijd met een elementair gebod te vinden.Lag het gevoelig dat prins Claus (die lid van de Hitlerjugend was en moest zijn) altijd prominent daarbij aanwezig was? Is de anti-Duitse commotie bij zijn komst niet al lang een gênante bladzijde in onze geschiedenis nadat hij zich verreweg de verstandigste en meest onberispelijke man binnen de dynastie sedert 150 jaar had betoond? De etnische stigmatisering als duitser is een variant van racisme, hetzelfde benauwd-collectivistische denkpatroon. Wie dat niet ziet heeft de ware monstruositeit van de shoah nog niet begrepen. Met oprecht treuren heeft dat niets te maken. Het woord ’gevoelig’ is bij allerlei gelegenheden een schaamlap geworden voor morele lafheid die kool en geit wil sparen.

H.W. von der Dunk is emeritus hoogleraar geschiedenis.

Gerelateerde artikelen:

Gepubliceerd in:
Opinie