Laat Nederland vrijhaven voor Iraanse dissidenten zijn

Marietje Schaake

Voor wie asiel zoekt geldt Nederland als streng en ontoegankelijk. Geert Wilders sprak vorig jaar nog over een ‘explosieve toename van de instroom van de asielzoekers’, maar de feiten liggen anders.

Waar midden jaren ’90 nog jaarlijks 50.000 asielaanvragen in Nederland werden ingediend, is dat aantal inmiddels tot onder de 12.500 gezakt, een daling van 75%.

Het idee van het asielbeleid is dat Nederland wel politieke maar geen economische vluchtelingen opneemt. Wie als politiek vluchteling in Nederland een kans heeft wordt bepaald door het land van herkomst. Een logische keuze om Europees de instroom te organiseren, maar desastreus voor politieke vluchtelingen uit landen die niet op de lijst staan. Het systeem biedt te weinig ruimte voor ontwikkelingen die een grote politieke vluchtelingenstroom op gang kunnen brengen. De jongste slachtoffers daarvan zijn Iraanse mensenrechtenverdedigers en activisten die het afgelopen jaar hebben geprotesteerd tegen de verkiezingsuitslag. Zij worden opgejaagd, gemarteld en na adhoc schijnrechtszaken geëxecuteerd. Sommigen weten het land te ontvluchten. Precies nul van deze mensen is het afgelopen jaar door Nederland opgevangen. Dat moet anders: Nederland moet deze Iraniers als aanwinst gaan beschouwen, en bereid zijn in te spelen op hun uitzonderlijke situatie.

De problemen van de gevluchte studenten, journalisten en academici zijn nijpend. Sinds de verkiezingen van juni 2009 hebben ruim 4200 Iraniërs zich in Turkije officieel geregistreerd als vluchteling. Het aantal illegalen dat de grens met Turkije is overgestoken, ligt waarschijnlijk nog vele malen hoger. Sommigen weten te ontvluchten naar Maleisië en andere Aziatische landen, maar voor velen is buurland Turkije het best haalbare. Veilig zijn de vluchtelingen daar echter niet. Elke Iraniër kan 90 dagen zonder visum naar Turkije reizen: handlangers van het regime van Ahmadinejad en Khamenei maken daar ook regelmatig gebruik van. In Turkse grenssteden als A?ri en Van, maar ook elders in Turkije zoeken zij naar gevluchte landgenoten of infiltreren zij in vluchtelingengemeenschappen. Slachtoffers van martelingen ervaren zo nog dagelijks de lange arm van het schrikbewind dat zij ontvluchtten. Veilig kunnen bewegen met de mogelijkheid te werken of naar school te gaan zou een wereld van verschil betekenen. De Turkse wet geeft echter geen ruimte om Iraanse vluchtelingen op te nemen.

De UNHCR is verantwoordelijk voor het zoeken van opvang voor de vluchtelingen in Turkije. Zij zoekt constant naar landen die de Iraniers willen opvangen, tijdelijk of permanent. In Europa zijn nauwelijks plekken te vinden. De meesten wijken uit naar de VS, Canada of Australie. Door de grote aantallen vluchtelingen en het kleine aantal mogelijkheden hen een visum te verlenen ontstaat een groot capaciteitsprobleem; de wachttijd voor uitsluitsel loopt als snel voorbij een jaar. Gedurende die periode leven gevluchte Iraniers in Turkije in armoede, zonder werk of school en onder de ogen van Iraanse regeringsfunctionarissen.

D66 stelde minister Verhagen (Buitenlandse Zaken) twee maanden geleden al Kamervragen over de situatie van Iraanse dissidenten en mensenrechtenverdedigers. Verhagen antwoordde vorige week vrijdag bereid te zijn te ‘onderzoeken’ of Nederland enkele van deze mensen op kan nemen. Dat is een goede start, maar moet snel concreet vorm krijgen. De minister van Justitie is degene die voor ruimte moet zorgen. Frankrijk en Noorwegen hebben al een speciale procedure in werking gezet die gevluchte Iraniërs wat lucht geeft. De landen hebben enkele tientallen journalisten en activisten opgenomen. Te weinig om serieus bij te dragen aan oplossing van het probleem, maar meer dan Nederland heeft gedaan.

De Verenigde Staten hebben ten aanzien van de Iraniërs een andere houding. Het land kiest er traditioneel voor om voorvechters van vrijheid en democratie binnen te halen. Politieke vluchtelingen worden niet als last maar als verrijking gezien voor een land dat gestoeld is op waarden als vrije meningsuiting en democratie door de stembus. De politiek betrokken Iraniërs zullen op een dag Iran opnieuw vorm gaan geven – met de Amerikaanse gastvrijheid in het achterhoofd. Intussen leveren de doorgaans hoog opgeleide Iraniers een waardevolle bijdrage aan de Amerikaanse samenleving. De VS combineren zo een menselijk beleid met welbegrepen eigenbelang.

De Amerikaanse weg zou eigenlijk ook de Nederlandse moeten zijn, zoals Nederland ooit gold als vrijhaven voor politieke vluchtelingen. Nederland zou dus voorop moeten lopen in het opnemen van voorvechters van vrijheid en democratie. Minister Verhagen laat zich erop voorstaan mensenrechten als hoogste prioriteit te hebben. Met zo’n uitgesproken ambitie komt ook een morele plicht tot handelen. Hiervoor heeft hij de hulp van zijn collega Hirsch Ballin (Justitie) nodig.

De morele plicht is goed in te vullen door Iraanse dissidenten, activisten en mensenrechtenverdedigers in Nederland onderdak te bieden: tijdelijk en waar nodig permanent. Sancties tegen het Iraanse nucleaire programma komen steeds dichter bij. Met sancties zal de repressie van het regime ten aanzien van de bevolking zomaar kunnen intensiveren, met een nieuwe vluchtelingenstroom als gevolg. Dit is het moment voor Nederland om haar positie weer te claimen als toevluchtsoord voor vrijdenkers.

Marietje Schaake is Europarlementariër voor D66

Reageer op nrc.nl/opinieblog

Gepubliceerd in:
Opinie