Opnieuw Zuid-Koreaanse schaatszege in Vancouver

Lee Sang-hwa veegt een traan van haar wang tijdens haar ereronde.

Door onze redacteur Maarten Scholten

Richmond, 17 febr. Alweer was een Koreaanse tolk nodig op de olympische ijsbaan, bij de persconferentie van de winnares op de 500 meter bij de vrouwen, de Koreaanse Lee Sang-hwa.

„Ik ben erg blij”, lachte de 20-jarige wereldkampioen sprint vannacht breeduit. Net als eerder haar landgenoten Lee Seung-hoon (zilver op de vijf kilometer mannen) en Mo Tae-bum (goud op de 500 meter mannen) had ze niet zo heel veel meer te vertellen. „Ik was goed voorbereid en heb geluk gehad.” Omringd door een kluwen Koreaanse verslaggevers praatte ze wat na over haar race. En de glimlach stopte niet.

Tien uur per dag
„Wij krijgen vaak weinig hoogte van de Koreanen”, zegt Bart Veldkamp, terwijl hij een uurtje na de 500 meter vrouwen naar de training kijkt. „Ze zijn vriendelijk maar spreken nooit Engels als ze daar geen zin in hebben.” De olympisch kampioen van 1992 had de afgelopen jaren als coach in Amerika intensief contact met twee Zuid-Koreaanse coaches die het Amerikaanse shorttrackteam leiden: Jae Su-chung en Jimmy Jang. „Ze trainen extreem hard, tien uur per dag is niets voor die gasten. Het druiste volledig in tegen onze wetten van de fysiologie. Maar ze hadden succes, want Amerika werd wereldkampioen shorttrack.”

Ook op de langebaan is het Koreaanse succes volgens Veldkamp gebaseerd op hard werken. „Hun filosofie is simpel en duidelijk: diep zitten en uren maken.” Zoals ook Lee Seung-hoon (21) na zijn verrassende tweede plaats op de 5.000 meter achter Sven Kramer aangaf dat hij door zijn bikkelharde shorttrack-achtergrond desnoods urenlang diep in de schaatshouding kan rijden. Veldkamp: „Het is de typisch Aziatische drilmethode. Het gaat volgens de wet van de grote getallen. Ze hebben veel schaatsers, verbruiken er veel die overtraind raken. Maar de sterksten blijven over.”

Nederlanders niet op podium
Achter Lee Sang-hwa (goud in 38,24 en 37,85), de Duitse Jenny Wolf (zilver in 38,30 en 37,83) en de Chinese Beixing Wang (brons in 38,48 en 38,14) eindigde Margot Boer vannacht als vierde op de olympische 500 meter. De schaatsster uit de Control-ploeg kwam in haar eerste 500 meter tot 38,51 en in de tweede tot 38,36. „Ik heb twee keer goed gereden. De opening was niet perfect maar ik had wel twee keer het snelste rondje van iedereen. Op de duizend meter moeten ze op mij jagen. Dat geeft veel vertrouwen.”

Haar ploeggenote Annette Gerritsen kwam op de eerste 500 meter ten val. Na een snelle opening van 10,44 verloor ze in de tweede helft van de eerste bocht de controle over haar schaatsen en klapte hard op het ijs en tegen de boarding. „Een heel grote teleurstelling”, zei de 24-jarige sprintster, die vooraf tot de medaillekandidaten werd gerekend en die in de tweede omloop nog tot 38,70 kwam.

Gerritsen viel in haar carrière eerder op cruciale momenten. „Ze heeft alles of niks gereden”, zei coach Jac Orie. „Annette is een killer die wil winnen. Goed gedaan, alleen maakt ze een foutje. Dan ben je af. Ik ben niet van het aaien, knuffelen of poetsen. Zo win je geen prijzen. Ze moet gewoon een potje janken en voor de duizend meter gaan. Het is bikkelhard.”

Gepubliceerd in:
Sport