Probo Koala: meer drama dan gif
Rotterdam.
Het is niet bewezen dat de ‘giframp’ van het schip Probo Koala de doden in Abidjan heeft geëist. De gassen en dampen die verantwoordelijk zijn gehouden voor de vergiftiging, konden zich waarschijnlijk niet in dodelijke concentraties ophopen. Die conclusie blijkt uit de analyse van een monster dat al op 3 juli in Amsterdam werd genomen uit het afval van het schip. Het Rijks Instituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) in Bilthoven constateerde dat het afval bestond uit een mengsel van olie en water. De olie bleek een tamelijk gewone nafta, een lichte vorm van benzine. De waterlaag bevatte veel lichte mercaptanen (zwavelhoudende stoffen die van nature in aardolie voorkomen) aangetroffen (3,7 gewichtsprocent) en ook veel waterstofsulfide of H2S (0,23 procent).
Opmerkelijk is dat de pH (zuurgraad) van het water maar liefst 14 was. Het RIVM concludeerde daarom dat de waterlaag leek op ‘spent caustic’, een bekende afvalstroom binnen raffinaderijen. Maar bijna alle raffinaderijen verwerken, neutraliseren en recyclen dit afval op eigen terrein. De suggestie dat het afval door een geïmproviseerde opwerking van zwavelhoudende nafta op zee is geproduceerd, is daarom niet te negeren.
Voor het vervuilingsrisico maakt het weinig uit. Het is aannemelijk dat men heeft geprobeerd in de nacht van 19 augustus vooral de waterige fractie in Abidjan kwijt te raken, maar dat daarbij toch ook veel olie meeging.
Verwarrend zijn de analyses van twee verschillende monsters die na de afvoer van het afval op 21 augustus uit de ‘Probo Koala’ zijn genomen. De Ivoriaanse raffinaderij SIR vond een nafta-achtig product waarin juist heel veel mercaptanen en H2S voorkwamen. Het Rotterdamse Saybolt vond juist weer helemaal geen H2S. De RIVM-analyse is waarschijnlijk het meest maatgevend voor de situatie in Abidjan.
Hoe groot de verschillen tussen de analyses ook zijn: het lijkt wel zeker dat de bevolking door geen andere ‘gifstoffen’ kan zijn bedreigd dan H2S en mercaptanen. H2S is inderdaad zeer giftig, maar de stank ervan is al onverdraaglijk in concentraties die ver beneden de dodelijke concentratie liggen. Belangrijker is nog dat maar heel weinig H2S uit het afval kon ontsnappen omdat het zo’n hoge pH had. Ook ontleedt H2S snel in een reactie met de lucht en waait in Abidjan overdag altijd een stevige zuidwestenwind.
Verder was het verdampend oppervlak van het afval niet groot: afvalverwerker Société Tommy liet het op veel plaatsen in sloten en greppels lopen. Het is praktisch uitgesloten dat levensbedreigende concentraties H2S zijn ontstaan. Daarmee in overeenstemming is de waarneming dat veel van de geuite klachten (bloedneuzen, diarree) volstrekt a-typisch zijn voor een H2S-vergiftiging.
Wat hier is gezegd voor H2S geldt in brede zin ook voor mercaptanen, zij het dat de geur daarvan nog weerzinwekkender is. Er zijn geen gassen die mensen zo goed kunnen ruiken als de lichte mercaptanen.
De conclusie is bijna onontkoombaar: in de ontreddering van het moment is de dood van een aantal Abidjanen toegeschreven aan de ondraaglijke stank, zonder nader bewijs. In een miljoenenstad als Abidjan sterven dagelijks meer dan vijftig mensen, veelal aan AIDS. Nergens in West-Afrika is de HIV-besmettingsgraad zo hoog als in Ivoorkust (zeven procent). De meeste AIDS-patienten sterven aan tuberculose, dus aan een longaandoening.
Dat duizenden Abidjanen beroerd of zelfs ziek zijn geworden van de stank en zich daarom meldden bij een hospitaal, is logisch. Misschien heeft de belofte van gratis medicijnen en verzorging ook meegespeeld. Maar het is de vraag of de zware milieuvervuiling wel een ‘gifdrama’ was.
Op 2 juli vaart het Panamese schip Probo Koala de Amsterdamse haven in om 4 ton chemisch afval te lossen. Multinational Trafigura (o.a. in Amstelveen) vindt de verwerkingskosten van een half miljoen euro te hoog en geeft de Griekse reder opdracht door te varen.
Het schip bereikt in augustus de havenstad Abidjan in Ivoorkust. Afvalverwerker Société Tommy neemt de opdracht aan voor 15.500 euro, maar dumpt het stinkende afval ’s nachts op de gemeentelijke vuilstort en in minstens acht woonwijken.
Acht mensen overlijden, ruim 15.000 worden ziek. 85.000 mensen melden zich voor gratis medicijnen.
