Autist bekijkt in gezicht vaker mond dan ogen

Door Niki Korteweg

Rotterdam, 30 sept. Tweejarige kinderen met een autistische stoornis kijken vaker dan andere peuters naar de mond van volwassenen en minder vaak naar hun ogen. Hoe sterker hun sociale beperking, hoe minder ze gericht zijn op de ogen, blijkt uit onderzoek dat afgelopen vrijdag in de Archives of General Psychiatry verscheen.

Onderzoekers van de Amerikaanse Yale School of Medicine in Connecticut vergeleken vijftien tweejarigen met autisme met vijftien peuters met een ontwikkelingsachterstand, en met 36 normaal ontwikkelde kinderen. Ieder kind bekeek, vastgesnoerd in een autostoeltje, korte filmpjes op een groot beeldscherm.

Met een speciale camera, onzichtbaar voor de kinderen, volgden de onderzoekers de blikken van de peuters.

De peuters bekeken tien korte filmpjes, met daarin het gezicht van een actrice die kinderspelletjes speelde, zoals kiekeboe.

De kinderen met een autistische stoornis besteedden gemiddeld 39 procent van de tijd aan het kijken naar het onderste gedeelte van het gezicht. Dat was beduidend vaker dan de kinderen in de andere twee groepen, die in ongeveer 24 procent van de tijd naar de mond keken. Naar de ogen keken de autistische kinderen juist minder vaak: 30 procent, tegen pakweg 54 procent in beide controlegroepen. Tussen normale kinderen en die met een achterstand in hun ontwikkeling was geen verschil.

Hoe minder tijd de autistische peuters besteedden aan het kijken naar de ogen, hoe slechter ze presteerden op een test die hun sociale vaardigheden in kaart bracht. De hoeveelheid tijd die autistische peuters besteden aan het kijken naar de ogen kan een goede manier zijn om de mate van sociale beperking vast te stellen bij die jonge kinderen, schrijven de onderzoekers.

Al vanaf zeer jonge leeftijd kijken kinderen met autisme op een andere manier naar volwassenen, blijkt uit het onderzoek. Dit kan hun beperkte sociale gedrag verder verstoren. Doordat ze al van jongs af aan minder leren over de sociale signalen die mensen via de ogen aan elkaar geven, raakt hun sociale ontwikkeling nog verder achterop.

Gepubliceerd in:
Wetenschap
Wetenschap