Hogeropgeleiden hebben minder kans op dementie
Rotterdam, 30 dec. Een hoge opleiding verkleint de kans op dementie significant. Hoger opgeleide mannen hebben 65 procent minder kans om dement te worden dan laagopgeleide mannen.
Voor vrouwen is het verschil iets minder groot, maar toch 48 procent. Interessant is het verschil in sterftekansen. Is een hoog opgeleide eenmaal dement, dan zal hij gemiddeld eerder sterven dan een demente laag opgeleide.
Dat blijkt uit een demografisch epidemiologische studie van het Nederlands Interdisciplinair Demografisch Instituut (NIDI), in het decembernummer van haar uitgave Demos. Er zijn gegevens gebruikt van een Amerikaanse studie met 17.342 mannen en vrouwen van 55 jaar en ouder.
Zwaarlijvigheid en overgewicht hebben geen effect op dementie, roken verhoogt de kans op dementie enigszins. Maar voor rokers geldt dat zij gemiddeld korter leven met dementie, omdat „roken hen voortijdig doodt”.
Een hoge opleiding vermindert de absolute en de relatieve levensduur, blijkt uit de studieresultaten. Het idee is dat hoogopgeleiden meer „cognitieve reserves” hebben en aantoonbaar cognitief verval en geheugenverlies langer kunnen uitstellen. „Zodra zij de grens van dementie hebben bereikt, is het stadium van cognitief verval verder gevorderd en zullen ze eerder overlijden”, aldus NIDI-onderzoeker Mieke Reuser.
Zij wijst erop dat dementie in Nederland de komende twintig jaar met 45 procent toeneemt, vooral door een verouderende bevolking. Dat de bevolking steeds beter is opgeleid, kan „enig soelaas” bieden, concludeert Reuser.
