Stuk DNA zonder gen is een oorzaak van veel hartaanvallen
Naar schatting 3.000 tot 9.000 hartaanvallen in Nederland ontstaan mede door varianten in het DNA in een klein gebied van chromosoom 9. Dat zijn 10 tot 30% van alle hartaanvallen in ons land. Het was een raadsel hoe die DNA-varianten op chromosoom 9 hartaanvallen veroorzaakten, want in dat ‘risicovolle’ stuk DNA liggen helemaal geen genen.
In experimenten met muizen, waaruit het overeenkomstige DNA-fragment werd verwijderd, is nu aangetoond dat twee genen (Cdkn2a en Cdkn2b) die wat verderop op chromosoom 9 liggen veel minder actief zijn als het fragment ontbreekt. Vooral in hartweefsel, daar lezen die genen maar liefst tienmaal minder eiwit af. Onderzoekers van het Lawrence Berkeley National Laboratory in Californië zagen dat die verandering de levensduur van bloedvatcellen vermindert. Dat kan het risico op een hartaanval vergroten (Nature, online 21 februari).
De muizen waar het genloze stuk DNA (van 70.000 basenparen) uit was gehaald, kregen geen hartziekten als ze op gewoon muizenvoer groeiden. Wel kregen de fragmentloze muizen sneller kanker. Ook werden ze dikker bij onbeperkt voedselaanbod.
Alles werd anders als de dieren een ‘hamburgerdieet’ kregen, rijk aan vet en cholesterol. Dat is het dieet dat – in combinatie met roken en verminderde lichaamsbeweging – na de Tweede Wereldoorlog onder de westerlingen een epidemie van hartziekten veroorzaakte. Curieus genoeg bleven de typische voorbodes van hartaanvallen (hoog cholesterolgehalte, aderverkalking) uit, maar de fragmentloze muizen stierven wel eerder aan hartziekten.
De bekende risicofactoren voor hartziekten bij de mens (hoge bloeddruk, hoog cholesterolgehaltem stil zitten) verklaren slechts een deel van alle hartziekten. Veel was onverklaard.
Drie jaar geleden kwamen de eerste resultaten van speurtochten naar ziekteveroorzakende genvarianten. Die genoombrede onderzoeken naar hartaanvalgenen wezen steeds prominent naar de plaats op chromosoom 9 die nu onderzocht is. Dit resultaat laat zien dat de genoomwijde associatiestudies nu nieuwe inzichten in ziektemechanismen opleveren.
