Vloedgolf bereikt komend etmaal randen Stille Oceaan
De kust van Chili, vanmorgen om half acht Nederlandse tijd getroffen door een aardbeving met een kracht van 8,8 op de schaal van Richter, vormt één van de gevaarlijkste aardbevingsgebieden ter wereld.
Rotterdam, 27 febr. Het komend etmaal zullen gebieden langs de Stille Oceaan zich schrap moeten zetten voor de gevolgen van de vloedgolf die door de aardbeving is veroorzaakt. Tsunamigolven bewegen zich voort over de oceaan met een snelheid van 500 tot 1000 kilometer per uur. Vanaf de kust van Chili is het 17.000 kilometer naar Japan.
Het epicentrum van de beving lag in zee, voor de kust van de Chileense plaats Maule en op 115 kilometer van Concepción, qua inwonertal de derde stad van Chili. De beving had plaats op een diepte van 35 kilometer, ruim drie keer zo diep als de vernietigende aardbeving voor de kust van Sumatra op Tweede Kerstdag 2004. De enorme omvang van de tsunami die door de aardbeving uit 2004 was mede verklaarbaar uit de geringe diepte van de beving in de aardkorst (circa tien kilometer). Ondiepe aardbevingen hebben doorgaans meer gevolgen aan het oppervlak, omdat de aardverschuiving dan een directe uitwerking heeft. Bij diepere bevingen kan het bovenliggende deel van de aardkorst een deel van de schok absorberen. Ook de aardbeving met een magnitude van 7 op de schaal van Richter die vorige maand Haïti trof was veel ondieper dan de Chileense beving van vandaag.
De aardbeving voor de kust van Chili is het gevolg van het losschieten van twee tektonische platen: enorme stukken aardkorst van 5 tot 80 kilometer dik die zich met centimeters per jaar voortbewegen op gesmolten gesteente, dieper in de aarde. Voor de kust van Chili schuift de bodem van de Stille Oceaan (de Nazca-plaat) onder het Zuid-Amerikaanse continent (Zuid-Amerikaanse plaat). Dit heet een subductiezone. De Nazca-plaat en de Zuid-Amerikaanse plaat bewegen hier met een hoge snelheid van 8 centimeter per jaar naar elkaar toe, maar dat gebeurt niet continu. Decennialang liggen de aardplaten tegen elkaar waarbij de spanning op het breukvlak zich steeds verder opbouwt. Uiteindelijk schieten de aardplaten los met als gevolg een aardbeving zoals die van vanmorgen.
Volgens gegevens van de US Geological Service (USGS) is de kust van Chili sinds 1973 getroffen door 13 aardbevingen met een magnitude van 7 of meer. Ruim 200 kilometer naar het zuiden vond in mei 1960 een aardbeving plaats met een schok van 9,5 op de schaal van Richter, de zwaarste aardbeving die ooit is geregistreerd. Deze aardbeving koste in Chili 1655 mensen het leven, aldus de USGS, en veroorzaakte een tsunami op de Stille Oceaan die 61 mensen het leven kostte op Hawaii, in Japan en op de Filippijnen. Ook een aardbeving in 1922 – die enkele honderden mensen het leven kostte – veroorzaakte een tsunami die de kust van Chili trof en boten wegspoelde uit een haven op Hawaii.
Het deel van de breuklijn voor de kust van Chili dat vanmorgen is getroffen ligt midden tussen de getroffen gebieden van 1922 en 1973. Dit deel van de breuklijn lag al lange tijd vast en wat dat betreft komt de aardbeving van vanmorgen niet als een grote verrassing voor aardwetenschappers. Ook dit deel van de subductiezone zou eens weer moeten losschieten.
